Website van Leo HENDRIKS
Maria Henrietta Joanna Beatrix de Jeger
Maria Henrietta Joanna Beatrix de Jeger, ovl. te Blerick [li] op 29 jun 1765.

tr. (Antonius ongeveer 30 jaar oud) te Woensel [nb] op 28 jan 1742
met

Antonius Sigismundis Fredericus Ernestus van Laer, zn. van Otto Henricus van Laer en Maria Catharina Beckers, geb. te Dusseldorf [Duitsland], ged. te Dusseldorf [Duitsland] op 29 jun 1711, ovl. (ongeveer 80 jaar oud) te Blerick [li] op 25 apr 1792.

Uit dit huwelijk 2 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Carolus*1749 Blerick [li] †1832 Huissen [ge] 82
Charlotte*1758 Blerick [li] †1825  67


Antonius Sigismundis Fredericus Ernestus van Laer
Antonius Sigismundis Fredericus Ernestus van Laer, geb. te Dusseldorf [Duitsland], ged. te Dusseldorf [Duitsland] op 29 jun 1711, ovl. (ongeveer 80 jaar oud) te Blerick [li] op 25 apr 1792.

tr. (ongeveer 30 jaar oud) te Woensel [nb] op 28 jan 1742
met

Maria Henrietta Joanna Beatrix de Jeger, dr. van Jan Karel de Jeger en Susanna Theresia de Leeuw, ovl. te Blerick [li] op 29 jun 1765.

Uit dit huwelijk 2 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Carolus*1749 Blerick [li] †1832 Huissen [ge] 82
Charlotte*1758 Blerick [li] †1825  67


Charlotte Henrica Florentina van Laer
Charlotte Henrica Florentina van Laer vrouwe van Eckart, geb. in 1758, ged. te Blerick [li] op 4 okt 1758 (getuigen: get. kapelaan Joannes Theodorus Philippen namens Augustinus van Laer kanunnik in Dusseldorf en Carolina Florentina barones van Bock de Wassenbergh), ovl. (ongeveer 67 jaar oud) op 4 jul 1825, begr. In 1825 stierf Charlotte en werd op het kasteel Eckart opgebaard in een kist. Door een vonk van een kaars verbrandde de kist, het lijk en, tot groot verdriet, ook de parketvloer.


Otto Henricus van Laer
Otto Henricus van Laer, ged. te Weert [li] op 3 mei 1663 (getuigen: Otto de Bielandt en Gisberta M. van Stockem), ovl. (ongeveer 68 jaar oud) te Dusseldorf [Duitsland] in sep 1731.

tr. (ongeveer 36 jaar oud) te Dusseldorf [Duitsland] op 26 apr 1700
met

Maria Catharina Beckers.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Antonius~1711 Dusseldorf [Duitsland] †1792 Blerick [li] 80


Wilhelmina von Spittael
Wilhelmina von Spittael.

tr.
met

Carolus Ferdinandus Adrianus (Johan-Karel Ferdinand) van Laer van Hoenlo (van Laer) Huis de Poll bij Huissen, zn. van Antonius Sigismundis Fredericus Ernestus van Laer en Maria Henrietta Joanna Beatrix de Jeger, geb. te Blerick [li] in 1749, ged. te Blerick [li] op 10 okt 1749 (getuigen: get. koster Christianus Telen namens Jan Karel baron de Jeger en Maria Adriana van Laer namens Joanna Theresia Stessens), ovl. (ongeveer 82 jaar oud) te Huissen [ge] op 11 mei 1832, tr. (2) met Maria Adriana Clara Lucretia Bernardina (Maria) van Hugenpoth (Hugenpoth-Van Aerdt). Uit dit huwelijk 2 dochters.


Maria Catharina Beckers
Maria Catharina Beckers.

tr. (Otto ongeveer 36 jaar oud) te Dusseldorf [Duitsland] op 26 apr 1700
met

Otto Henricus van Laer, ged. te Weert [li] op 3 mei 1663 (getuigen: Otto de Bielandt en Gisberta M. van Stockem), ovl. (ongeveer 68 jaar oud) te Dusseldorf [Duitsland] in sep 1731.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Antonius~1711 Dusseldorf [Duitsland] †1792 Blerick [li] 80


Joannes Franciscus Roefs
Joannes Franciscus Roefs priester, ged. te Helmond [nb] op 30 sep 1673 (getuige: Michael Coninckx, Ida Tempelaers), ovl. (ongeveer 42 jaar oud) op 26 mei 1716.


Emondus Ludovicus Roefs
Emondus Ludovicus Roefs, ged. te Helmond [nb] op 24 feb 1676 (getuige: Emondus Baron de Cortenbach, Caecilia Isabella de Gonzaque), advocaat en drossaard van Wel, ovl. (ongeveer 81 jaar oud) te Blitterswijck [li] op 6 apr 1757.

tr. (resp. ongeveer 27 en 26 jaar oud) te Vierlingsbeek [nb] op 5 mei 1703
met

Theodora Franziska van Berchum alias Wyenberch, dr. van Laurentius van Berchum en Catharina Ebben, geb. te Vierlingsbeek [nb] op 22 nov 1676, ovl. (79 jaar oud) te Blitterswijck [li] op 26 sep 1756.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Theodorus*1704 Helmond [nb] †1760 Blitterswijck [li] 56


Matheus Jacobs Roefs
Matheus Jacobs Roefs, ged. te Helmond [nb] op 25 jul 1681 (getuige: Joannes Dams, Catharina).


Cunera Maria Roefs
Cunera Maria Roefs, ged. te Helmond [nb] op 1 jun 1684 (getuige: Joannes Dame Portmans, Maria van Oldenzee), ovl. (ongeveer 43 jaar oud) in 1727.


Gerard Constantinus Molemakers
Gerard Constantinus Molemakers, ged. te Helmond [nb] in 1703 (getuigen: Michael Coninx en Everdina Portmans).


Mattheus Josephus Molemakers
Mattheus Josephus Molemakers, ged. te Helmond [nb] op 28 okt 1706 (getuigen: Edmundus Roefs en Johanna de Laure).


Wouter Michiel de Jeger
Wouter Michiel de Jeger heer van Lochtenburg.

tr.
met

Catharina van der Linden Lynden, dr. van Carel van der Linden en Elisabeth van Berckel.

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Michiel~1641 's-Hertogenbosch [nb]  Brussel [België]  
Johan*1640  †1711  71


Catharina van der Linden
Catharina van der Linden Lynden.

tr.
met

Wouter Michiel de Jeger heer van Lochtenburg, zn. van Goyart de Jeger en Johanna Spierinck van Well.

Uit dit huwelijk 2 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Michiel~1641 's-Hertogenbosch [nb]  Brussel [België]  
Johan*1640  †1711  71


Antonis van Hedickhuysen
Antonis Joosten van Hedickhuysen, Rentmeester en kastelein op het Huis van Meeuwen, schout van Eethen (1550), ovl. in 1615.

tr.
met

Geertruy Adriaens van Heeze.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Joost  1647 Brussel [België]  


Geertruy van Heeze
Geertruy Adriaens van Heeze.

tr.
met

Antonis Joosten van Hedickhuysen, zn. van Joost Antonis van Hedickhuysen (schout van Vlijmen (1551-1557) en Mechtelt Ghijsmaers van Meerwijck, Rentmeester en kastelein op het Huis van Meeuwen, schout van Eethen (1550), ovl. in 1615.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Joost  1647 Brussel [België]  


Joost Antonis van Hedickhuysen
Joost Antonis van Hedickhuysen, schout van Vlijmen (1551-1557, ovl. voor 1574.

tr.
met

Mechtelt Ghijsmaers van Meerwijck, dr. van Ghijsmaer Henricks van Meerwijck en Mechtelt van Engelen.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Antonis  †1615   


Mechtelt Ghijsmaers van Meerwijck
Mechtelt Ghijsmaers van Meerwijck.

tr.
met

Joost Antonis van Hedickhuysen, zn. van Antonis van Hedickhuysen en Josina Hannaertsdr. van Wijck, schout van Vlijmen (1551-1557, ovl. voor 1574.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Antonis  †1615   


Ghijsmaer Henricks van Meerwijck
Ghijsmaer Henricks van Meerwijck Van Meerwy(c)k.
Van deze naam treft men verschillende geslachten aan.
Allereerst moet hier worden genoemd het adellijke Noord-Brabantse geslacht, reeds sedert lang uitgestorven,
waarover men o.a. in Taxandria en in het Nieuw-Nederl. Biographisch Woordenboek belangrijke gegevens kan vinden.
Een tweede bekende Noord-Brabantse familie van Meerwyk leeft o.a. nog voort te 's-Hertogenbosch.
Vrij zeker ontlenen beide geslachten hun naam aan het dorp Meerwijk, noordelijk van 's-Hertogenbosch gelegen.
Een derde geslacht van deze naam treft men in de 17e en 18e eeuw sporadisch aan te Ochten en omgeving, mogelijk
ontleent het zijn naam aan het gehucht Meerwijk onder Nijmegen.
Vervolgens kennen wij een tamelijk vertakt geslacht van Meerwy(c)k in de provincie Utrecht, hetwelk het wapen
met de drie gedeelde lelies en de pauw heeft gevoerd, zoals door Rietstap wordt beschreven in het Armorial
Général.
Ook dit geslacht, of liever deze geslachten, zijn uitgestorven. De naam werd ontleend aan de hofstede Meerwyk,
onder Zuilen
gelegen en voor het midden van de 16e eeuw bewoond door Jaspar Cornelisz. van Meerwyck; uit hem en zijn drie
broeders Cornelis, Jan en Eernst stammen vier takken van dit geslacht, waarvan men de leden herhaaldelijk aantreft
te Utrecht, in de Vechtstreek en later te Amsterdam. De Utrechtse notaris Anthony van Meerwyk (1659-1728)
behoort tot dit geslacht. De hofstede Meerwijk ging reeds spoedig uit de familie door het huwelijk van Neeltje van
Meerwyk, dochter van genoemde Jaspar Cornelisz, met Elbert Cornelisz. Spruyt, voorkomend als "bouwman op
Meerwyck"; zijn kinderen en verdere akomelingen bleven zich Van Meerwy(c)k noemen, ook nadat de hofstede
reeds lang in andere handen was overgegaan. Maar niet alleen deden dit de kinderen uit het huwelijk van Elbert
Spruyt met Neeltje Jasparsdr. van Meerwyk,
ook de kinderen uit zijn tweede huwelijk met Elsge Hermansdr. van Neer noemden zich Van Meerwy(c)k. Een
pretentie, die ons wat vreemd aandoet, wanneer men bedenkt dat de hofstede Meerwijk door de eerste vrouw
huns vaders was aangebracht! Wederom een typerend voorbeeld van de willekeurige wijze, waarop vroeger
familienamen werden aangenomen of prijsgegeven. Een tak van deze familie v. M. alias Spruyt vestigde zich te
Culemborg. Verschillende takken van deze familie bleven de R.K. godsdienst belijden.
H.L. Kruimel (Bron: De Navorscher 92-1950 blz. 125-126 [124-125cd]).

tr.
met

Mechtelt van Engelen.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Mechtelt     


Mechtelt van Engelen
Mechtelt van Engelen.

tr.
met

Ghijsmaer Henricks van Meerwijck Van Meerwy(c)k.
Van deze naam treft men verschillende geslachten aan.
Allereerst moet hier worden genoemd het adellijke Noord-Brabantse geslacht, reeds sedert lang uitgestorven,
waarover men o.a. in Taxandria en in het Nieuw-Nederl. Biographisch Woordenboek belangrijke gegevens kan vinden.
Een tweede bekende Noord-Brabantse familie van Meerwyk leeft o.a. nog voort te 's-Hertogenbosch.
Vrij zeker ontlenen beide geslachten hun naam aan het dorp Meerwijk, noordelijk van 's-Hertogenbosch gelegen.
Een derde geslacht van deze naam treft men in de 17e en 18e eeuw sporadisch aan te Ochten en omgeving, mogelijk
ontleent het zijn naam aan het gehucht Meerwijk onder Nijmegen.
Vervolgens kennen wij een tamelijk vertakt geslacht van Meerwy(c)k in de provincie Utrecht, hetwelk het wapen
met de drie gedeelde lelies en de pauw heeft gevoerd, zoals door Rietstap wordt beschreven in het Armorial
Général.
Ook dit geslacht, of liever deze geslachten, zijn uitgestorven. De naam werd ontleend aan de hofstede Meerwyk,
onder Zuilen
gelegen en voor het midden van de 16e eeuw bewoond door Jaspar Cornelisz. van Meerwyck; uit hem en zijn drie
broeders Cornelis, Jan en Eernst stammen vier takken van dit geslacht, waarvan men de leden herhaaldelijk aantreft
te Utrecht, in de Vechtstreek en later te Amsterdam. De Utrechtse notaris Anthony van Meerwyk (1659-1728)
behoort tot dit geslacht. De hofstede Meerwijk ging reeds spoedig uit de familie door het huwelijk van Neeltje van
Meerwyk, dochter van genoemde Jaspar Cornelisz, met Elbert Cornelisz. Spruyt, voorkomend als "bouwman op
Meerwyck"; zijn kinderen en verdere akomelingen bleven zich Van Meerwy(c)k noemen, ook nadat de hofstede
reeds lang in andere handen was overgegaan. Maar niet alleen deden dit de kinderen uit het huwelijk van Elbert
Spruyt met Neeltje Jasparsdr. van Meerwyk,
ook de kinderen uit zijn tweede huwelijk met Elsge Hermansdr. van Neer noemden zich Van Meerwy(c)k. Een
pretentie, die ons wat vreemd aandoet, wanneer men bedenkt dat de hofstede Meerwijk door de eerste vrouw
huns vaders was aangebracht! Wederom een typerend voorbeeld van de willekeurige wijze, waarop vroeger
familienamen werden aangenomen of prijsgegeven. Een tak van deze familie v. M. alias Spruyt vestigde zich te
Culemborg. Verschillende takken van deze familie bleven de R.K. godsdienst belijden.
H.L. Kruimel (Bron: De Navorscher 92-1950 blz. 125-126 [124-125cd]).

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Mechtelt