Machteld Bicker
Machteld Bicker, geb. in 1530.
- Vader:
Pieter Bicker, geb. in 1487, ovl. (ongeveer 80 jaar oud) in 1567, tr. (resp. ongeveer 35 en ongeveer 30 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 12 jul 1522.
- Moeder:
Anna Codde, geb. in 1492, ovl. (ongeveer 78 jaar oud) in 1570.
tr.
met
Pieter Huybrechts.
Uit dit huwelijk 2 dochters:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Aleyda | *1561 | Amsterdam [nl] | | | | 2 | 5 |
| 2 | Griete | *1564 | | | | | 1 | 1 |
>
Jan Michiels van Verlaer
Jan Michiels van Verlaer, ovl. voor 1581.
tr.
met
Aleyda Pieters Huybrechts van Duyvendrecht, dr. van Pieter Huybrechts en Machteld Bicker, geb. te Amsterdam [nl] in 1561, tr. (2) met Pieter Gerritsz van Ruytenburch Lord of the town and manor of Vlaardingen 1611, Ter Horst 1615 and Heemstede c. 1620, merchant in groceries, member of the Board of Orphans 1616-1627Pieter Gerritsz. van Ruytenburch stierf in 1627. Zijn zoon Wilhem volgde hem op als ambachtsheer. Net als zijn vader deed hij zich graag deftiger voor dan hij was. Zo liet hij een oude vrouw uit Brabant verklaren dat zijn familie uit die streek kwam en van adel was. Van adel of ijdel, Wilhem had wel succes. Hij kwam vaak aan het hof in den Haag en was actief in de Amsterdamse politiek, waar hij schepen (wethouder) werd. Maar hij verbleef steeds vaker in Vlaardingen, waar hij in 1627 een prachtig huis had laten bouwen op zijn buitenplaats ‘Het Hof’. In 1652 is hij gestorven. Zijn verwanten bleven tot 1830 ambachtsheer.
van Vlaardingen.
HISTORISCHE TUINEN
4
zware klei en matig zandige en lichte klei, waarschijnlijk op een ondergrond van veen 6. Het is
een oude historische waardevolle plek in Vlaardingen. Eén zijde van het huis keek uit op druk
vaarwater, de andere zijde op een toen nog stille weg met een open uitzicht de polder in. De
tegenwoordige Top. Kaart toont in oranje de gebieden met hoge archeologische waarde en de
aanwezigheid van rijksmonumenten. Deze kaart biedt een goed vertrekpunt voor stedelijke
vernieuwing.
Top. Kaart 1:5000; met in oranje aangegeven de gebieden met hoge archeologische waarde en met bruine stippen de rijksmonumenten.
Anno 2007. De bruine stip op de kruising van Hoflaan en Hogelaan geeft ongeveer de plaats van ’t Hof aan. Zie www.kich.nl/
3. De bewoners van ’t Hof tussen 1611 en 1830: de families Van Ruytenburch en Van
Leyden.
De ambachtsheren van Vlaardingen en Vlaardingen-Ambacht (1611 -1724)
Pieter Gerritsz van Ruytenburch (1562-1627) kocht in 1611 (na afloop van het Twaalfjarig
Bestand, toen vele heerlijkheden te koop waren en juist na 1610, toen alle huizen aan de
Kortedijk door brand waren vernield) de heerlijkheden van Vlaardingen en Vlaardingen-
Ambacht en bovendien ook nog de “Grote en Kleine Buitenweide”, langs de oostzijde van de
Vlaardingse haven.Hij verwierf zich daarmee de titels Heer van Vlaardingen en Vlaardingen-Ambacht, Babberspolder, Nieuwenhoorn, Nieuwe Goote, Oud- en Nieuw Krayertspolder enhet Brielse Nieuwland en is als eerste bouwheer van ’t Hof te beschouwen.
De familie is uit Amsterdam afkomstig en heeft in 1611 deze Vlaardingse goederen gekocht van de Zuid-Nederlandse prins Jan de Ligne. Uit dit huwelijk 5 kinderen.
>
Gerrit van Ruytenburch
Gerrit Jans van Ruytenburch, geb. in 1529, ovl. (ongeveer 41 jaar oud) in 1570, begr. te Amsterdam [nl] OK op 6 sep 1570.
tr. (resp. ongeveer 31 en ongeveer 36 jaar oud) in 1560
met
Lijsbeth Nooms, geb. te Edam [nh], ged. te Amsterdam [nl] in 1524, tr. (resp. ongeveer 57 en ongeveer 59 jaar oud) (2) te Amsterdam [nl] op 15 jun 1582 met Pieter Pieterszn. Bicker een aanzienlijk brouwer te Amsterdam. In 1575 werd hij verdacht betrokken te zijn bij de voorbereiding van een aanslag op Amsterdam en is hij verbannen uit de stad.[Hij had drie zonen: Gerrit, Laurens en Jacob, en een dochter: Dieuwer Jacobs (1584 — 1641). Zij was een dochter uit zijn tweede huwelijk en trouwde Jan van Helmont; zij is geschilderd door Jacob Backer als regentes. Uit dit huwelijk geen kinderen.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Pieter | *1562 | Amsterdam [nl] | †1627 | Amsterdam [nl] | 65 | 1 | 5 |
>
Lijsbeth Nooms
Lijsbeth Nooms, geb. te Edam [nh], ged. te Amsterdam [nl] in 1524.
tr. (resp. ongeveer 36 en ongeveer 31 jaar oud) (1) in 1560
met
Gerrit Jans van Ruytenburch, geb. in 1529, ovl. (ongeveer 41 jaar oud) in 1570, begr. te Amsterdam [nl] OK op 6 sep 1570.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Pieter | *1562 | Amsterdam [nl] | †1627 | Amsterdam [nl] | 65 | 1 | 5 |
tr. (resp. ongeveer 57 en ongeveer 59 jaar oud) (2) te Amsterdam [nl] op 15 jun 1582
met
Pieter Pieterszn. Bicker een aanzienlijk brouwer te Amsterdam. In 1575 werd hij verdacht betrokken te zijn bij de voorbereiding van een aanslag op Amsterdam en is hij verbannen uit de stad.[Hij had drie zonen: Gerrit, Laurens en Jacob, en een dochter: Dieuwer Jacobs (1584 — 1641). Zij was een dochter uit zijn tweede huwelijk en trouwde Jan van Helmont; zij is geschilderd door Jacob Backer als regentes, zn. van Pieter Bicker en Anna Codde, geb. te Amsterdam [nl] in 1522, ovl. (ongeveer 63 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1585, tr. (ongeveer 31 jaar oud) (1) in 1553 met Elisabeth Laurens Jacobs Bennings. Uit dit huwelijk 2 zonen, tr. (resp. ongeveer 48 en ongeveer 19 jaar oud) (2) op 6 nov 1570 met Maria Pieters van Neck, dr. van Pieter Pieters van Neck (makelaar) en Grietje Vranckendr., geb. in 1551, begr. te Amsterdam [nl] in de Nieuwe Kerk op 3 jan 1572. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (resp. ongeveer 55 en ongeveer 43 jaar oud) (3) in 1577 met Joostje van Teylingen, dr. van Floris van Teylingen en Maria Jansdr. van Egmond van der Nijenburg, geb. te Koog in 1534, ovl. (ongeveer 46 jaar oud) in 1580. Uit dit huwelijk een zoon.
>
Elisabeth Laurens Bennings
Elisabeth Laurens Jacobs Bennings.
tr. (Pieter ongeveer 31 jaar oud) in 1553
met
Pieter Pieterszn. Bicker een aanzienlijk brouwer te Amsterdam. In 1575 werd hij verdacht betrokken te zijn bij de voorbereiding van een aanslag op Amsterdam en is hij verbannen uit de stad.[Hij had drie zonen: Gerrit, Laurens en Jacob, en een dochter: Dieuwer Jacobs (1584 — 1641). Zij was een dochter uit zijn tweede huwelijk en trouwde Jan van Helmont; zij is geschilderd door Jacob Backer als regentes, zn. van Pieter Bicker en Anna Codde, geb. te Amsterdam [nl] in 1522, ovl. (ongeveer 63 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1585, tr. (resp. ongeveer 48 en ongeveer 19 jaar oud) (2) op 6 nov 1570 met Maria Pieters van Neck. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (resp. ongeveer 55 en ongeveer 43 jaar oud) (3) in 1577 met Joostje van Teylingen. Uit dit huwelijk een zoon, tr. (4) met Lijsbeth Nooms. Uit dit huwelijk geen kinderen.
Uit dit huwelijk 2 zonen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Gerrit | *1554 | | †1604 | | 49 | 1 | 4 |
| 2 | Jacob | *1581 | | †1626 | | 45 | 1 | 5 |
>
Gerrit Bicker
Gerrit Pieterszn. Bicker Ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel, was een brouwer op de Oudezijds Voorburgwal en bewindhebber van de Compagnie van Verre en de Compagnie op Guinee. Hij verkocht zijn brouwerij op de Grimburgwal, en werd handelaar op de Witte Zee;, geb. in 1554, ovl. (ongeveer 49 jaar oud) op 20 mei 1604.
- Vader:
Pieter Pieterszn. Bicker een aanzienlijk brouwer te Amsterdam. In 1575 werd hij verdacht betrokken te zijn bij de voorbereiding van een aanslag op Amsterdam en is hij verbannen uit de stad.[Hij had drie zonen: Gerrit, Laurens en Jacob, en een dochter: Dieuwer Jacobs (1584 — 1641). Zij was een dochter uit zijn tweede huwelijk en trouwde Jan van Helmont; zij is geschilderd door Jacob Backer als regentes, zn. van Pieter Bicker en Anna Codde, geb. te Amsterdam [nl] in 1522, ovl. (ongeveer 63 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1585, tr. (resp. ongeveer 48 en ongeveer 19 jaar oud) (2) op 6 nov 1570 met Maria Pieters van Neck. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (resp. ongeveer 55 en ongeveer 43 jaar oud) (3) in 1577 met Joostje van Teylingen. Uit dit huwelijk een zoon, tr. (resp. ongeveer 59 en ongeveer 57 jaar oud) (4) te Amsterdam [nl] op 15 jun 1582 met Lijsbeth Nooms. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (ongeveer 31 jaar oud) (1) in 1553.
tr. (resp. ongeveer 25 en 22 jaar oud) op 23 jun 1580
met
Aleijt Andriesdr. Boelens, dr. van Andries Corneliszn. Boelens en Aleit Claesdr. Smit, geb. op 19 aug 1557, ovl. (72 jaar oud) op 30 mei 1630.
Uit dit huwelijk 4 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Diewertje | *1584 | | †1641 | Amsterdam [nl] | 57 | 1 | 2 |
| 2 | Andries | ~1586 | Amsterdam [nl] | †1652 | Amsterdam [nl] | 65 | 1 | 1 |
| 3 | Jan | *1591 | Amsterdam [nl] | †1653 | Amsterdam [nl] | 61 | 1 | 5 |
| 4 | Cornelis | ~1592 | Amsterdam [nl] | †1654 | | 61 | 1 | 5 |
>
Aleijt Boelens
Aleijt Andriesdr. Boelens, geb. op 19 aug 1557, ovl. (72 jaar oud) op 30 mei 1630.
tr. (resp. 22 en ongeveer 25 jaar oud) op 23 jun 1580
met
Gerrit Pieterszn. Bicker Ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel, was een brouwer op de Oudezijds Voorburgwal en bewindhebber van de Compagnie van Verre en de Compagnie op Guinee. Hij verkocht zijn brouwerij op de Grimburgwal, en werd handelaar op de Witte Zee;, zn. van Pieter Pieterszn. Bicker en Elisabeth Laurens Jacobs Bennings, geb. in 1554, ovl. (ongeveer 49 jaar oud) op 20 mei 1604.
Uit dit huwelijk 4 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Diewertje | *1584 | | †1641 | Amsterdam [nl] | 57 | 1 | 2 |
| 2 | Andries | ~1586 | Amsterdam [nl] | †1652 | Amsterdam [nl] | 65 | 1 | 1 |
| 3 | Jan | *1591 | Amsterdam [nl] | †1653 | Amsterdam [nl] | 61 | 1 | 5 |
| 4 | Cornelis | ~1592 | Amsterdam [nl] | †1654 | | 61 | 1 | 5 |
>
Pieter Bicker
Pieter Pieterszn. Bicker een aanzienlijk brouwer te Amsterdam. In 1575 werd hij verdacht betrokken te zijn bij de voorbereiding van een aanslag op Amsterdam en is hij verbannen uit de stad.[Hij had drie zonen: Gerrit, Laurens en Jacob, en een dochter: Dieuwer Jacobs (1584 — 1641). Zij was een dochter uit zijn tweede huwelijk en trouwde Jan van Helmont; zij is geschilderd door Jacob Backer als regentes, geb. te Amsterdam [nl] in 1522, ovl. (ongeveer 63 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1585.
- Vader:
Pieter Bicker, geb. in 1487, ovl. (ongeveer 80 jaar oud) in 1567, tr. (resp. ongeveer 35 en ongeveer 30 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 12 jul 1522.
- Moeder:
Anna Codde, geb. in 1492, ovl. (ongeveer 78 jaar oud) in 1570.
tr. (ongeveer 31 jaar oud) (1) in 1553
met
Elisabeth Laurens Jacobs Bennings.
Uit dit huwelijk 2 zonen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Gerrit | *1554 | | †1604 | | 49 | 1 | 4 |
| 2 | Jacob | *1581 | | †1626 | | 45 | 1 | 5 |
tr. (resp. ongeveer 48 en ongeveer 19 jaar oud) (2) op 6 nov 1570
met
Maria Pieters van Neck, dr. van Pieter Pieters van Neck (makelaar) en Grietje Vranckendr., geb. in 1551, begr. te Amsterdam [nl] in de Nieuwe Kerk op 3 jan 1572.
tr. (resp. ongeveer 55 en ongeveer 43 jaar oud) (3) in 1577
met
Joostje van Teylingen, dr. van Floris van Teylingen en Maria Jansdr. van Egmond van der Nijenburg, geb. te Koog in 1534, ovl. (ongeveer 46 jaar oud) in 1580.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Laurens | *1563 | | †1606 | | 43 | 1 | 0 |
tr. (resp. ongeveer 59 en ongeveer 57 jaar oud) (4) te Amsterdam [nl] op 15 jun 1582
met
Lijsbeth Nooms, geb. te Edam [nh], ged. te Amsterdam [nl] in 1524, tr. (1) met Gerrit Jans van Ruytenburch. Uit dit huwelijk een zoon.
>
Jacoba Bicker
Jacoba Bicker, geb. in 1640, ovl. (ongeveer 55 jaar oud) in 1695.
- Vader:
Jan Gerritszn. Bicker Amsterdamse regent en burgemeester, bewoner van en grootste eigenaar op het Bickerseiland, die daar vooral actief was rond 1645. Het Bickers-eiland heete vroeger het Voor-eiland. Het werd in 1631 van de stad gekocht door den scheepsbouwmeester Dr. Jan Bicker, den broeder van de meer bekende
burgemeesters Cornelis en Andries Bicker; Jan de Witt is later zijn schoonzoon
geworden. Jan Bicker legde er scheepstimmerwerven aan, en bouwde er pak- en woonhuizen. Ook woonde hij er zelf in een groot huis met een toren, als een koning
te midden van zijn onderdanen. Het spreekt van zelf dat het eiland en de straten, die er ontstonden, naar hem werden genoemd: Groote en Kleine Bickerstraat,
Bickersgracht, Bickersplein. Ook was er een Bickersdwarsstraat, doch deze is in het eind van de 17e eeuw verdoopt tot Minnemoerstraat, vermoedelijk naar een uithangbord, zn. van Gerrit Pieterszn. Bicker en Aleijt Andriesdr. Boelens, geb. te Amsterdam [nl] op 29 aug 1591, ged. te Amsterdam [nl] NK, ovl. (61 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 10 mei 1653, tr. (resp. 34 en ongeveer 22 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 18 nov 1625.
tr. (resp. ongeveer 22 en ongeveer 23 jaar oud) in 1662
met
Pieter de Graeff Pieter de Graeff (Amsterdam, 15 augustus 1638 - aldaar, begraven 8 juni 1707, vrijheer van Zuid-Polsbroek, heer van Purmerland en Ilpendam en kasteelheer van Ilpenstein, was Meester in de rechten,schepen van Amsterdam, (president)-bewindhebber van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) en raadsman van zijn neef en zwager Johan de Witt. Pieter was een lid van het Amsterdamse geslacht De Graeff dat, samen met de familie Bicker, een halve eeuw het bestuur over de stad Amsterdam en over het gewest Holland en daarmee over de Republiek der Verenigde Nederlanden in handen had.[4]
Jeugd, familie en opleiding Pieter de Graeff, de oudste zoon van Cornelis de Graeff en Catharina Hooft, was een jeugdvriend van Willem III van Oranje, de latere koning-stadhouder. Hij speelde samen met zijn broer in het huis aan de dijk naar Soest (het latere paleis Soestdijk) met de prins.[5] In 1655 reisde hij met Joan Huydecoper van Maarsseveen (junior) en diens vader, burgemeester Huydecoper en de Amsterdamse stadssecretaris Joan Corver op diplomatieke missie naar Frederik Willem van Brandenburg in Berlijn. Daar werden besprekingen gevoerd over een bondgenootschap tegen Karel X van Zweden. Pieter beschreef de bijzonderheden van de reis in zijn dagboek. Tussen 1658 en 1660 reisde hij naar Engeland en Frankrijk. In het laatstgenoemde jaar verkreeg hij aan de Universiteit van Orléans een licentiaat in het civiel en canoniek recht. Na veel diplomatiek overleg tussen Maria Henriëtte Stuart en het Amsterdamse stadsbestuur werd zijn vader in december 1660 samen met Johan de Witt, Gillis Valckenier, Lodewijk van Nassau-Beverweerd en Nanning van Foreest met het voogdijschap belast over de tienjarige prins Willem, "het kind van staat".
Huwelijk: De Graeff trouwde met zijn nicht Jacoba Bicker. Bij hun bruiloft op Ilpenstein waren de dichters Gerard Brandt, Jan Vos en Joost van den Vondel aanwezig, en ook de raadspensionaris De Witt Vondel bezong dit huwelijk met een gedicht en Jan Vos met een vers.Uit het huwelijk werden drie kinderen geboren:
1.Cornelis (II) de Graeff, heer van Purmerland en Ilpendam (1671-1719); kanunnik van het kapittel van Sint Pieter te Utrecht
2.Johan de Graeff, vrijheer van Zuid-Polsbroek (1673-1714), getrouwd met Johanna Hooft; schepen, lid van de vroedschap en stadssecretaris van Amsterdam
3.Agneta de Graeff, getrouwd met Jan Baptiste de Hochepied; zij kocht het huis Korte Vijverberg 3 te Den Haag, tegenwoordig het Kabinet der Koningin
In 1664 volgde Pieter zijn vader op als (President)-bewindhebber van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie.
De Graeff en Johan de Witt De Graeff werd door zijn huwelijk een zwager van Johan de Witt en diens raadsman. De meeste correspondentie met De Witt, Christiaan Huygens, Jacob Boreel en Jan Lievens is verloren gegaan. Het Waterlands Archief bewaart de correspondentie tussen De Graeff en De Witt, betreffende de opvoeding van de jonge prins.De correspondentie tussen De Graeff, De Witt en de schilder Jan Lievens over het portret van de schoonvader van De Graeff en De Witt, Jan Gerritsz. Bicker, is wel bewaard gebleven.De Graeff was sedert 1666 commissaris van zeezaken. In 1667 werd hij commissaris van de Amsterdamse Wisselbank, en een jaar later werd hij vroedschapslid en lid van de schepenbank. In het Rampjaar 1672 werd hij door Willem III vanwege zijn steun voor De Witt - samen met zijn broer Jacob, zijn oom Andries de Graeff, zijn zwager Lambert Reynst en Hans Bontemantel - als oud-schepen uit het Amsterdamse stadsbestuur verwijderd. Voor de staatsgezinde Pieter de Graeff betekende het herstel van het stadhouderschap dat hij uit zijn ambten werd ontslagen. Hij behield slechts zijn functie van (president)-bewindhebber van de VOC. Na de moord op De Witt werd hij benoemd tot voogd van diens vijf kinderen, waaronder Johan, De Witts enige zoon.
het Rampjaar 1672 In het Rampjaar 1672 werd de Hervormde kerk van Polsbroek grotendeels door Franse troepen verwoest. In 1676 werd de kerk herbouwd. De Graeff, als vrijheer van Zuid-Polsbroek, schonk een nieuw glas. Ook Pieters jongere broer Jacob de Graeff, stadhouder Willem III, de VOC, de bestuurders van Amsterdam en van het Hoogheemraadschap van den Lekdijk Benedendams en van den IJsseldam hebben nieuwe glazen geschonken. De Graeff was een der kundigste en werkzaamste Bewindhebbers der Oost-Indische Compagnie, vooral tusschen de jaren 1671 en 1678, toen Joan Maetsuycker Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië was. In 1674 werd Pieter de Graeff voor een fiscaal vermogen van 130.000 gulden aangeslagen.[12] In 1678 was hij samen met Johannes Huydecoper (1656-1703) en Joseph Coymans (1656-1720) in Parijs, op bezoek bij de ambassadeur Jacob Boreel.
De Graeff was een ossenweider en geïnteresseerd in zaken als landbouw en veeteelt. Hij bemoeide zich dagelijks met zijn heerlijkheid Polsbroek en met zijn bezit aan grond in Purmerland en Ilpendam. Tussen 1664 en 1706 schreef De Graeff tientallen dagboeken. Daarnaast was hij een verwoed genealoog, maar knoeide met de afkomst van zijn voorgeslacht. Hij had op Ilpenstein een kamer met enkel familieportretten ingericht
Pieter de Graeff stierf op voor 8 juni 1707 in zijn huis aan de Herengracht. Hij is op 8 juni 1707 begraven in de Oude Kerk te Amsterdam.[2]
Varia In 1652 werd hij samen met zijn vader, zijn moeder en zijn broer Jacob door Jan Victors uitgebeeld als de aartsvader Izaäk en Rebekka.
In 1669 werd hij samen met zijn broer Jacob door Karel Dujardin geschilderd; in 1674 samen met zijn echtgenote Jacoba Bicker door Wallerant Vaillant en in 1675 door Gerard Terborch.
Hij gaf Romeyn de Hooghe opdracht gravures van zijn landhuis Valkenburg in Heemstede te maken, waarvan hij in 1684 eigenaar was geworden en dat in 1697 door hem werd uitgebreid.
Pieter de Graeff bewoonde een grachtenpand aan de Herengracht 573, tegenwoordig het Tassenmuseum Hendrikje. In 1691 ontwierp De Hooghe grisailles voor vier nissen in het voorhuis van De Graeffs grachtenpand.
De Graeff was eigenaar van het kasteel Ilpenstein en de buitenplaatsen Vogelsang en Bronstee.
Literatuur
Aa, A.J. van der Pieter de Graeff in: Biographisch woordenboek der Nederlanden. Deel 7
Bruijn, J. H. DE Genealogie van het geslacht De Graeff van Polsbroek 1529/1827
Burke, P. (1994) Venice and Amsterdam. A study of seventeenth-century élites.
Elias, Johan E. (1903-1905) De vroedschap van Amsterdam, 1578-1795, blz. 422, uitg. Loosjes, Haarlem (herdruk 1963, uitg. Israel, Amsterdam)
Fock, C.W. Het stempel van de bewoner Afscheidsrede.
Graeff, P. DE (P. Gerritsz de Graeff en Dirk de Graeff van Polsbroek) Genealogie van de familie De Graeff van Polsbroek, (Amsterdam 1882)
Moelker, H.P. (1978) De heerlijkheid Purmerland en Ilpendam, blz. 170 t/m 172, uitg. Nooy, Purmerend (2e druk)
Molhuysen, P.C. en P.J. Blok Pieter de Graeff in: Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 2
Zandvliet, Kees (2006) De 250 rijksten van de Gouden Eeuw: kapitaal, macht, familie en levensstijl, blz. 93 t/m 94, uitg. Nieuw Amsterdam, Amsterdam, ISBN 90-8689-006-7
Externe links
De portreten van Pieter de Graeff en zijn echtgenote Jacoba Bicker, geschilderd door Wallerant Vaillant (1623-1677), in Amsterdams Historisch Museum
Ter bruiloft van den weledelen heer Peter de Graef, Jongkheer van Zuitpolsbroek en de weledele mejoffer Jakoba Bikker
Bronnen, noten en/of referenties
? Vrijheer (niet te verwarren met het Duitse Freiherr) is de niet adellijke titel van een eigenaar van een zogenaamde hoge of vrije heerlijkheid, zie: Monté ver Loren, Johan Philip de (2000) Hoofdlijnen uit de ontwikkeling der rechterlijke organisatie in de Noordelijke Nederlanden tot de Bataafse omwenteling, 7e herziene druk, bewerkt door Johannes Emil Spruit, uitg. Kluwer, Deventer ISBN 90-268-2739-3
? a b Begraafboek Oude Kerk Amsterdam: begraven 8 junij 1707 Pieter de Graaf van de Heeregracht
? Google: Amsterdam, In Zyne Opkomst, Aanwas, Geschiedenissen, Voorregten, Koophandel .. door Jan Wagenaar
? Biografie Andries Bicker in DBNL
? Catharina Hooft in Vrouwen van Soestdijk
? a b Het Huis te Ilpendam en deszelfs voornaamste Bezitters in het DBNL
? Vondels gedicht Ter bruiloft van den weledelen heer Peter de Graef, Jongkheer van Zuitpolsbroek en de weledele mejoffer Jakoba Bikker.
? Jan Vos` vers Huwelyk van den Eed. Heer Pieter de Graaf, Iongheer van Zuidt-Polsbroek, En Mejuffer Jakoba Bikker.
? De correspondentie is te vinden in de uitgebreide toelichting bij het schilderij van Jan Gerritsz. Bicker (1591-1653), toegeschreven aan Wallerant Vaillant (voorheen toegeschreven aan Jan Lievens) Amsterdams Historisch Museum
? Amsterdam tijdens de Verenigde Provinciën en de Bataafse Republiek (Familie De Graeff onder "1672")
? De Graeff in het Biographisch woordenboek der Nederlanden. Deel 7
? Zandvliet, K. (2006) De 250 rijksten van de Gouden Eeuw: kapitaal, macht, familie en levensstijl uitg. Nieuw Amsterdam, Amsterdam, ISBN 90-8689-006-7
? Dudok van Heel, S.A.C. (2008) 'Van Amsterdamse burgers tot Europese aristocraten', p. 29, 104. Uitgave Koninklijk Nederlandsch Genootschap voor geslacht- en wapenkunde, Den Haag, ISBN 9789080568952, zn. van Cornelis de Graeff en Catharina Pietersdr. Hooft, geb. te Amsterdam [nl] op 15 aug 1638, begr. te Amsterdam [nl] op 8 jun 1707.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Johan | *1673 | Amsterdam [nl] | †1714 | Amsterdam [nl] | 40 | 1 | 2 |
>
Pieter de Graeff
Pieter de Graeff Pieter de Graeff (Amsterdam, 15 augustus 1638 - aldaar, begraven 8 juni 1707, vrijheer van Zuid-Polsbroek, heer van Purmerland en Ilpendam en kasteelheer van Ilpenstein, was Meester in de rechten,schepen van Amsterdam, (president)-bewindhebber van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) en raadsman van zijn neef en zwager Johan de Witt. Pieter was een lid van het Amsterdamse geslacht De Graeff dat, samen met de familie Bicker, een halve eeuw het bestuur over de stad Amsterdam en over het gewest Holland en daarmee over de Republiek der Verenigde Nederlanden in handen had.[4]
Jeugd, familie en opleiding Pieter de Graeff, de oudste zoon van Cornelis de Graeff en Catharina Hooft, was een jeugdvriend van Willem III van Oranje, de latere koning-stadhouder. Hij speelde samen met zijn broer in het huis aan de dijk naar Soest (het latere paleis Soestdijk) met de prins.[5] In 1655 reisde hij met Joan Huydecoper van Maarsseveen (junior) en diens vader, burgemeester Huydecoper en de Amsterdamse stadssecretaris Joan Corver op diplomatieke missie naar Frederik Willem van Brandenburg in Berlijn. Daar werden besprekingen gevoerd over een bondgenootschap tegen Karel X van Zweden. Pieter beschreef de bijzonderheden van de reis in zijn dagboek. Tussen 1658 en 1660 reisde hij naar Engeland en Frankrijk. In het laatstgenoemde jaar verkreeg hij aan de Universiteit van Orléans een licentiaat in het civiel en canoniek recht. Na veel diplomatiek overleg tussen Maria Henriëtte Stuart en het Amsterdamse stadsbestuur werd zijn vader in december 1660 samen met Johan de Witt, Gillis Valckenier, Lodewijk van Nassau-Beverweerd en Nanning van Foreest met het voogdijschap belast over de tienjarige prins Willem, "het kind van staat".
Huwelijk: De Graeff trouwde met zijn nicht Jacoba Bicker. Bij hun bruiloft op Ilpenstein waren de dichters Gerard Brandt, Jan Vos en Joost van den Vondel aanwezig, en ook de raadspensionaris De Witt Vondel bezong dit huwelijk met een gedicht en Jan Vos met een vers.Uit het huwelijk werden drie kinderen geboren:
1.Cornelis (II) de Graeff, heer van Purmerland en Ilpendam (1671-1719); kanunnik van het kapittel van Sint Pieter te Utrecht
2.Johan de Graeff, vrijheer van Zuid-Polsbroek (1673-1714), getrouwd met Johanna Hooft; schepen, lid van de vroedschap en stadssecretaris van Amsterdam
3.Agneta de Graeff, getrouwd met Jan Baptiste de Hochepied; zij kocht het huis Korte Vijverberg 3 te Den Haag, tegenwoordig het Kabinet der Koningin
In 1664 volgde Pieter zijn vader op als (President)-bewindhebber van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie.
De Graeff en Johan de Witt De Graeff werd door zijn huwelijk een zwager van Johan de Witt en diens raadsman. De meeste correspondentie met De Witt, Christiaan Huygens, Jacob Boreel en Jan Lievens is verloren gegaan. Het Waterlands Archief bewaart de correspondentie tussen De Graeff en De Witt, betreffende de opvoeding van de jonge prins.De correspondentie tussen De Graeff, De Witt en de schilder Jan Lievens over het portret van de schoonvader van De Graeff en De Witt, Jan Gerritsz. Bicker, is wel bewaard gebleven.De Graeff was sedert 1666 commissaris van zeezaken. In 1667 werd hij commissaris van de Amsterdamse Wisselbank, en een jaar later werd hij vroedschapslid en lid van de schepenbank. In het Rampjaar 1672 werd hij door Willem III vanwege zijn steun voor De Witt - samen met zijn broer Jacob, zijn oom Andries de Graeff, zijn zwager Lambert Reynst en Hans Bontemantel - als oud-schepen uit het Amsterdamse stadsbestuur verwijderd. Voor de staatsgezinde Pieter de Graeff betekende het herstel van het stadhouderschap dat hij uit zijn ambten werd ontslagen. Hij behield slechts zijn functie van (president)-bewindhebber van de VOC. Na de moord op De Witt werd hij benoemd tot voogd van diens vijf kinderen, waaronder Johan, De Witts enige zoon.
het Rampjaar 1672 In het Rampjaar 1672 werd de Hervormde kerk van Polsbroek grotendeels door Franse troepen verwoest. In 1676 werd de kerk herbouwd. De Graeff, als vrijheer van Zuid-Polsbroek, schonk een nieuw glas. Ook Pieters jongere broer Jacob de Graeff, stadhouder Willem III, de VOC, de bestuurders van Amsterdam en van het Hoogheemraadschap van den Lekdijk Benedendams en van den IJsseldam hebben nieuwe glazen geschonken. De Graeff was een der kundigste en werkzaamste Bewindhebbers der Oost-Indische Compagnie, vooral tusschen de jaren 1671 en 1678, toen Joan Maetsuycker Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië was. In 1674 werd Pieter de Graeff voor een fiscaal vermogen van 130.000 gulden aangeslagen.[12] In 1678 was hij samen met Johannes Huydecoper (1656-1703) en Joseph Coymans (1656-1720) in Parijs, op bezoek bij de ambassadeur Jacob Boreel.
De Graeff was een ossenweider en geïnteresseerd in zaken als landbouw en veeteelt. Hij bemoeide zich dagelijks met zijn heerlijkheid Polsbroek en met zijn bezit aan grond in Purmerland en Ilpendam. Tussen 1664 en 1706 schreef De Graeff tientallen dagboeken. Daarnaast was hij een verwoed genealoog, maar knoeide met de afkomst van zijn voorgeslacht. Hij had op Ilpenstein een kamer met enkel familieportretten ingericht
Pieter de Graeff stierf op voor 8 juni 1707 in zijn huis aan de Herengracht. Hij is op 8 juni 1707 begraven in de Oude Kerk te Amsterdam.[2]
Varia In 1652 werd hij samen met zijn vader, zijn moeder en zijn broer Jacob door Jan Victors uitgebeeld als de aartsvader Izaäk en Rebekka.
In 1669 werd hij samen met zijn broer Jacob door Karel Dujardin geschilderd; in 1674 samen met zijn echtgenote Jacoba Bicker door Wallerant Vaillant en in 1675 door Gerard Terborch.
Hij gaf Romeyn de Hooghe opdracht gravures van zijn landhuis Valkenburg in Heemstede te maken, waarvan hij in 1684 eigenaar was geworden en dat in 1697 door hem werd uitgebreid.
Pieter de Graeff bewoonde een grachtenpand aan de Herengracht 573, tegenwoordig het Tassenmuseum Hendrikje. In 1691 ontwierp De Hooghe grisailles voor vier nissen in het voorhuis van De Graeffs grachtenpand.
De Graeff was eigenaar van het kasteel Ilpenstein en de buitenplaatsen Vogelsang en Bronstee.
Literatuur
Aa, A.J. van der Pieter de Graeff in: Biographisch woordenboek der Nederlanden. Deel 7
Bruijn, J. H. DE Genealogie van het geslacht De Graeff van Polsbroek 1529/1827
Burke, P. (1994) Venice and Amsterdam. A study of seventeenth-century élites.
Elias, Johan E. (1903-1905) De vroedschap van Amsterdam, 1578-1795, blz. 422, uitg. Loosjes, Haarlem (herdruk 1963, uitg. Israel, Amsterdam)
Fock, C.W. Het stempel van de bewoner Afscheidsrede.
Graeff, P. DE (P. Gerritsz de Graeff en Dirk de Graeff van Polsbroek) Genealogie van de familie De Graeff van Polsbroek, (Amsterdam 1882)
Moelker, H.P. (1978) De heerlijkheid Purmerland en Ilpendam, blz. 170 t/m 172, uitg. Nooy, Purmerend (2e druk)
Molhuysen, P.C. en P.J. Blok Pieter de Graeff in: Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 2
Zandvliet, Kees (2006) De 250 rijksten van de Gouden Eeuw: kapitaal, macht, familie en levensstijl, blz. 93 t/m 94, uitg. Nieuw Amsterdam, Amsterdam, ISBN 90-8689-006-7
Externe links
De portreten van Pieter de Graeff en zijn echtgenote Jacoba Bicker, geschilderd door Wallerant Vaillant (1623-1677), in Amsterdams Historisch Museum
Ter bruiloft van den weledelen heer Peter de Graef, Jongkheer van Zuitpolsbroek en de weledele mejoffer Jakoba Bikker
Bronnen, noten en/of referenties
? Vrijheer (niet te verwarren met het Duitse Freiherr) is de niet adellijke titel van een eigenaar van een zogenaamde hoge of vrije heerlijkheid, zie: Monté ver Loren, Johan Philip de (2000) Hoofdlijnen uit de ontwikkeling der rechterlijke organisatie in de Noordelijke Nederlanden tot de Bataafse omwenteling, 7e herziene druk, bewerkt door Johannes Emil Spruit, uitg. Kluwer, Deventer ISBN 90-268-2739-3
? a b Begraafboek Oude Kerk Amsterdam: begraven 8 junij 1707 Pieter de Graaf van de Heeregracht
? Google: Amsterdam, In Zyne Opkomst, Aanwas, Geschiedenissen, Voorregten, Koophandel .. door Jan Wagenaar
? Biografie Andries Bicker in DBNL
? Catharina Hooft in Vrouwen van Soestdijk
? a b Het Huis te Ilpendam en deszelfs voornaamste Bezitters in het DBNL
? Vondels gedicht Ter bruiloft van den weledelen heer Peter de Graef, Jongkheer van Zuitpolsbroek en de weledele mejoffer Jakoba Bikker.
? Jan Vos` vers Huwelyk van den Eed. Heer Pieter de Graaf, Iongheer van Zuidt-Polsbroek, En Mejuffer Jakoba Bikker.
? De correspondentie is te vinden in de uitgebreide toelichting bij het schilderij van Jan Gerritsz. Bicker (1591-1653), toegeschreven aan Wallerant Vaillant (voorheen toegeschreven aan Jan Lievens) Amsterdams Historisch Museum
? Amsterdam tijdens de Verenigde Provinciën en de Bataafse Republiek (Familie De Graeff onder "1672")
? De Graeff in het Biographisch woordenboek der Nederlanden. Deel 7
? Zandvliet, K. (2006) De 250 rijksten van de Gouden Eeuw: kapitaal, macht, familie en levensstijl uitg. Nieuw Amsterdam, Amsterdam, ISBN 90-8689-006-7
? Dudok van Heel, S.A.C. (2008) 'Van Amsterdamse burgers tot Europese aristocraten', p. 29, 104. Uitgave Koninklijk Nederlandsch Genootschap voor geslacht- en wapenkunde, Den Haag, ISBN 9789080568952, geb. te Amsterdam [nl] op 15 aug 1638, begr. te Amsterdam [nl] op 8 jun 1707.
- Vader:
Cornelis de Graeff heer van Polsbroek, zn. van Jacob Dirckszn. de Graeff (koopman, raad, schepen en burgemeester van Amsterdam) en Aeltge Boelens Loen, geb. te Amsterdam [nl] op 15 okt 1599, ovl. (ongeveer 64 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1664, tr. (resp. ongeveer 33 en ongeveer 24 jaar oud) (1) in 1633 met Geertruid Overlander, dr. van Volkert Overlander en Geertruid Hooft, geb. in 1609, ovl. (ongeveer 25 jaar oud) in 1634. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (resp. 35 en 16 jaar oud) (2) te Amsterdam [nl] op 14 aug 1635.
- Moeder:
Catharina Pietersdr. Hooft was a woman of the Dutch Golden Age. She became famous at a very early age, when she was painted by Frans Hals. At the age of sixteen she married Cornelis de Graeff, nineteen years her senior and the most powerful regent and mayor of Amsterdam. Thus she became first lady of Soestdijk, one of the family's country houses. Catharina Hooft was also a Lady of the High and free Fief of Purmerland and Ilpendam, dr. van Pieter Janszn. Hooft en Geertruid Overlander, geb. te Amsterdam [nl] op 28 dec 1618, ovl. (72 jaar oud) te Ilpendam [nh] op 30 sep 1691, begr. te Amsterdam [nl] op 6 okt 1691.
tr. (resp. ongeveer 23 en ongeveer 22 jaar oud) in 1662
met
Jacoba Bicker, dr. van Jan Gerritszn. Bicker en Agniet de Graeff, geb. in 1640, ovl. (ongeveer 55 jaar oud) in 1695.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Johan | *1673 | Amsterdam [nl] | †1714 | Amsterdam [nl] | 40 | 1 | 2 |
>
Laurens Bicker
Laurens Pieterszn. Bicker stichtte in 1597 samen met zijn broer Gerrit de Compagnie van Guinee. Hij vertrok op 4 augustus 1598 als admiraal met honderd man,[9] waaronder Cornelis van Heemskerck naar Guinea en de Rio de la Plata en Uruguay.[10] Gerard le Roy en Laurens Bicker leidden op 28 januari 1601 de twaalfde expeditie naar Indië, uitgerust door de Vereenigde Zeeuwse Compagnie, een voorcompagnie. Bicker kreeg Frederik de Houtman vrij en toestemming in Atjeh een factorij te stichten, geb. in 1563, ovl. (ongeveer 43 jaar oud) in 1606.
- Vader:
Pieter Pieterszn. Bicker een aanzienlijk brouwer te Amsterdam. In 1575 werd hij verdacht betrokken te zijn bij de voorbereiding van een aanslag op Amsterdam en is hij verbannen uit de stad.[Hij had drie zonen: Gerrit, Laurens en Jacob, en een dochter: Dieuwer Jacobs (1584 — 1641). Zij was een dochter uit zijn tweede huwelijk en trouwde Jan van Helmont; zij is geschilderd door Jacob Backer als regentes, zn. van Pieter Bicker en Anna Codde, geb. te Amsterdam [nl] in 1522, ovl. (ongeveer 63 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1585, tr. (1) met Elisabeth Laurens Jacobs Bennings. Uit dit huwelijk 2 zonen, tr. (2) met Maria Pieters van Neck. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (4) met Lijsbeth Nooms. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (resp. ongeveer 55 en ongeveer 43 jaar oud) (3) in 1577.
tr. (resp. ongeveer 24 en ongeveer 20 jaar oud) in 1587
met
Annetje Hendricks Haeck, dr. van Hendrick Jansz Haeck en Claesgen Ysbrants Hem, geb. circa 1567, tr. (resp. ongeveer 42 en ongeveer 46 jaar oud) (2) circa 1609 met Frans van Limborch den Jongen (van Limborch Schenk) maakte deel uit van een groep van protestantse
en doperse emigranten die ooit in Emden was neergestreken. Hij had
een doperse achtergrond en was zonder twijfel in die traditie opgevoed. De familie
Van Limborch stamde van een belangrijk Maastrichts geslacht en Frans' overgrootvader
Nikolaas was aldaar 115 jaar oud geworden. Zijn grootvader, de eerste
François van Limborch, was stadhouder en schepen van Sint Pieter, een voorstad
van Maastricht. In 1518 trouwde hij met iemand van de familie Schenk van Niddegem;
hij was vader van 25 kinderen bij drie verschillende vrouwen. De vader maakte deel uit van een groep van protestantse
en doperse emigranten die ooit in Emden was neergestreken. Hij had
een doperse achtergrond en was zonder twijfel in die traditie opgevoed. De familie
Van Limborch stamde van een belangrijk Maastrichts geslacht en Frans' overgrootvader
Nikolaas was aldaar 115 jaar oud geworden. Zijn grootvader, de eerste
François van Limborch, was stadhouder en schepen van Sint Pieter, een voorstad
van Maastricht. In 1518 trouwde hij met iemand van de familie Schenk van Niddegem;
hij was vader van 25 kinderen bij drie verschillende vrouwen. De vader
van de hier bedoelde Frans van Limborch, eveneens François geheten, was geboren
in 1530 en in 1550 met zijn vrouw Catharina Wils in Mechelen neergestreken. maakte deel uit van een groep van protestantse
en doperse emigranten die ooit in Emden was neergestreken. Hij had
een doperse achtergrond en was zonder twijfel in die traditie opgevoed. De familie
Van Limborch stamde van een belangrijk Maastrichts geslacht en Frans' overgrootvader
Nikolaas was aldaar 115 jaar oud geworden. Zijn grootvader, de eerste François van Limborch, was stadhouder en schepen van Sint Pieter, een voorstad van Maastricht. In 1518 trouwde hij met iemand van de familie Schenk van Niddegem;
hij was vader van 25 kinderen bij drie verschillende vrouwen. De vader van de hier bedoelde Frans van Limborch, eveneens François geheten, was geboren
in 1530 en in 1550 met zijn vrouw Catharina Wils in Mechelen neergestreken.
van de hier bedoelde Frans van Limborch, eveneens François geheten, was geboren
in 1530 en in 1550 met zijn vrouw Catharina Wils in Mechelen neergestreken. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (ongeveer 45 jaar oud) (3) te Amsterdam [nl] in 1612 met Govert Willemszn. van Goch een rijke Waterlandse koopman. Uit dit huwelijk geen kinderen.
>
Jacob Bicker
Jacob Bicker, geb. in 1581, ovl. (ongeveer 45 jaar oud) in 1626.
- Vader:
Pieter Pieterszn. Bicker een aanzienlijk brouwer te Amsterdam. In 1575 werd hij verdacht betrokken te zijn bij de voorbereiding van een aanslag op Amsterdam en is hij verbannen uit de stad.[Hij had drie zonen: Gerrit, Laurens en Jacob, en een dochter: Dieuwer Jacobs (1584 — 1641). Zij was een dochter uit zijn tweede huwelijk en trouwde Jan van Helmont; zij is geschilderd door Jacob Backer als regentes, zn. van Pieter Bicker en Anna Codde, geb. te Amsterdam [nl] in 1522, ovl. (ongeveer 63 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1585, tr. (resp. ongeveer 48 en ongeveer 19 jaar oud) (2) op 6 nov 1570 met Maria Pieters van Neck. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (3) met Joostje van Teylingen. Uit dit huwelijk een zoon, tr. (resp. ongeveer 59 en ongeveer 57 jaar oud) (4) te Amsterdam [nl] op 15 jun 1582 met Lijsbeth Nooms. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (ongeveer 31 jaar oud) (1) in 1553.
tr. (resp. ongeveer 26 en ongeveer 18 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 29 jun 1608
met
Annetjen Roelofs de Vrije, geb. te Amsterdam [nl] in 1589, ovl. (ongeveer 36 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 30 jun 1626.
Uit dit huwelijk 5 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Eva | *1609 | Amsterdam [nl] | †1665 | Amsterdam [nl] | 55 | 1 | 1 |
| 2 | Roelof | *1611 | | †1656 | | 45 | 1 | 2 |
| 3 | Jacob | *1612 | Amsterdam [nl] | †1676 | Amsterdam [nl] | 63 | 1 | 1 |
| 4 | Margaretha | *1613 | Amsterdam [nl] | †1678 | Zaltbommel [ge] | 64 | 1 | 2 |
| 5 | Hendrick | *1615 | Amsterdam [nl] | †1651 | Amsterdam [nl] | 36 | 1 | 3 |
>
Annetjen Roelofs de Vrije
Annetjen Roelofs de Vrije, geb. te Amsterdam [nl] in 1589, ovl. (ongeveer 36 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 30 jun 1626.
tr. (resp. ongeveer 18 en ongeveer 26 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 29 jun 1608
met
Jacob Bicker, zn. van Pieter Pieterszn. Bicker en Elisabeth Laurens Jacobs Bennings, geb. in 1581, ovl. (ongeveer 45 jaar oud) in 1626.
Uit dit huwelijk 5 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Eva | *1609 | Amsterdam [nl] | †1665 | Amsterdam [nl] | 55 | 1 | 1 |
| 2 | Roelof | *1611 | | †1656 | | 45 | 1 | 2 |
| 3 | Jacob | *1612 | Amsterdam [nl] | †1676 | Amsterdam [nl] | 63 | 1 | 1 |
| 4 | Margaretha | *1613 | Amsterdam [nl] | †1678 | Zaltbommel [ge] | 64 | 1 | 2 |
| 5 | Hendrick | *1615 | Amsterdam [nl] | †1651 | Amsterdam [nl] | 36 | 1 | 3 |
>
Maria van Neck
Maria Pieters van Neck, geb. in 1551, begr. te Amsterdam [nl] in de Nieuwe Kerk op 3 jan 1572.
tr. (resp. ongeveer 19 en ongeveer 48 jaar oud) op 6 nov 1570
met
Pieter Pieterszn. Bicker een aanzienlijk brouwer te Amsterdam. In 1575 werd hij verdacht betrokken te zijn bij de voorbereiding van een aanslag op Amsterdam en is hij verbannen uit de stad.[Hij had drie zonen: Gerrit, Laurens en Jacob, en een dochter: Dieuwer Jacobs (1584 — 1641). Zij was een dochter uit zijn tweede huwelijk en trouwde Jan van Helmont; zij is geschilderd door Jacob Backer als regentes, zn. van Pieter Bicker en Anna Codde, geb. te Amsterdam [nl] in 1522, ovl. (ongeveer 63 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1585, tr. (1) met Elisabeth Laurens Jacobs Bennings. Uit dit huwelijk 2 zonen, tr. (resp. ongeveer 55 en ongeveer 43 jaar oud) (3) in 1577 met Joostje van Teylingen. Uit dit huwelijk een zoon, tr. (resp. ongeveer 59 en ongeveer 57 jaar oud) (4) te Amsterdam [nl] op 15 jun 1582 met Lijsbeth Nooms. Uit dit huwelijk geen kinderen.
>
Joostje van Teylingen
Joostje van Teylingen, geb. te Koog in 1534, ovl. (ongeveer 46 jaar oud) in 1580.
- Vader:
Floris van Teylingen Mr. Floris van Teijlingen, geboren te Alkmaar.
In 1543 wordt hij lid van het Papengild te Alkmaar (Bijdragen Bisdom Haarlem, deel 29, 1905, blz. 266). Samen met Dirk, zijn broeder, bedijkt hij in 1547 of '48 voor 1/3 de Oude Grebbe in de ban van Warmenhuizen. In ca. 1568 of '69 hebben zij ook de Nieuwe Grebbe, aldaar, bedijkt (NA Alkmaar, inv. no. 56, fol.97: akte dd. 28 sept. 1624; voor de bedijking van de Oude Grebbe had Floris in 1547 toestemming van de Graaf van Egmond verkregen. Later moesten hij en zijn broeder Dirk nog eens naar Warmenhuizen om een questie over de zuider Grebbe en een deel van de Noorder Grebbe (andere benamingen voor de Oude en Nieuwe Grebbe) op te lossen (arch. Huis van Zessen Alkmaar, inv. no. 407). Op 29 december 1550 wordt aan Floris van Teijlingen, burger van Alkmaar, ter presentie van Mr. Gerrit Pieters medecynmeester en kerckmeester tot Alkmaar en Pieter Gerrits, schout tot Petten een proces geînsinueerd nopende de Zuijder Grebbe ten verzoeke van Loeff (van Herlaer) de bailliu van Egmondt als gemachtigd en gesubstit. procureur van Jaques de la cambe (notaris J. Adriaens, Alkmaar, akte van die datum). Met dezelfde broeder is hij in ca. 1550 in een proces gewikkeld met Wouter Jansz van Coedijck (Arch. Huis van Zessen Alkmaar, inv. no. 392).
In 1577 is hij samen met Dirk gewikkeld in een proces tegen Geestmerambacht over rietsnijden langs de Friese dijk (Het Archief van Geestmerambacht (1916), inv. no. 146).
In 1558 is hij een der rijkste burgers van Alkmaar; hij leent Philips II dan f 2OO.- om hem in zijn oorlog tegen Frankrijk te steunen. Dit was 1/5 deel van het bedrag ad f 1000-, dat de stad Alkmaar verplicht was op te brengen! (Biografisch Woordenboek II, kol. 1425).
Hij woonde te Alkmaar "aende noort-syde vande Hoegestraet over stathuys opte hoek vande Langestraet" (ORA Alkmaar, inv. no. 132, akte dd. 3 febr. 1586), hij was op 1 Januari 1576 een der weinigen die lid van de Gereformeerde gemeente aldaar
waren (Oud-Holland XL (1922), blz. 118) .
Floris is weesmeester te Alkmaar 1535, '40, '41, '42, '52, '59, '62 tot en met '72, '74, '76, '79, '80, '81 (zie verder over hem: Van der Woude: Chronyk van Alkmaar; Eikelenberg: Alkmaar en zijne geschiedenis), vroedschap en schepen 1543, '47, '49 en '51, thesaurier 1546, '48, '50 en '56 (in laatstgenoemd jaar deed niet hij, doch slechts zijn mede-thesaurier, Willem Anthonisz Sonck, dienst (C.W. Bruinvis: De regeering van Alkmaar tot 1795, blz. 32 en 33)), burgemeester 1554, '60, '61, '73, '75 en '77. Als zodanig was hij in 1573 een der meest uitgesproken voorvechters van de Prins. Zijn daden in die dagen vullen nog altijd een of meer lesuren in Vaderlandse Geschiedenis op de Alkmaarse scholen.
In later jaren wenste Floris, samen met enige anderen niet meer tot burgemeester te worden benoemd. Dit werd toegestaan, mits de mogelijkheid om hem in moeilijke gevallen ter vergadering te roepen, dáár bleef.
Jonge kinderen van hem werden begraven in de Grote kerk te Alkmaar:
1. tussen Pinkster en Kerst 1541;
2. tussen 23 mei en 5 september 1550, zn. van Augustijn van Teylingen en Josina van Egmond van der Nijenburg, geb. te Koog op 21 aug 1510, ovl. (74 jaar oud) te Koog, begr. te Alkmaar [nh] in de Grote Kerk op 17 feb 1585, tr. (1) met Catharina van Zell. Uit dit huwelijk een zoon, tr. (2).
tr. (resp. ongeveer 43 en ongeveer 55 jaar oud) in 1577
met
Pieter Pieterszn. Bicker een aanzienlijk brouwer te Amsterdam. In 1575 werd hij verdacht betrokken te zijn bij de voorbereiding van een aanslag op Amsterdam en is hij verbannen uit de stad.[Hij had drie zonen: Gerrit, Laurens en Jacob, en een dochter: Dieuwer Jacobs (1584 — 1641). Zij was een dochter uit zijn tweede huwelijk en trouwde Jan van Helmont; zij is geschilderd door Jacob Backer als regentes, zn. van Pieter Bicker en Anna Codde, geb. te Amsterdam [nl] in 1522, ovl. (ongeveer 63 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1585, tr. (ongeveer 31 jaar oud) (1) in 1553 met Elisabeth Laurens Jacobs Bennings. Uit dit huwelijk 2 zonen, tr. (2) met Maria Pieters van Neck, dr. van Pieter Pieters van Neck (makelaar) en Grietje Vranckendr.. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (resp. ongeveer 59 en ongeveer 57 jaar oud) (4) te Amsterdam [nl] op 15 jun 1582 met Lijsbeth Nooms. Uit dit huwelijk geen kinderen.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Laurens | *1563 | | †1606 | | 43 | 1 | 0 |
>
Reinier Pauw
Reinier Pauw Ridder in Engeland 1663, Heer van Carnisse en ter Horst, Cornet Comp. Kapitein Munninck 1666, ged. te 's-Gravenhage [zh] Kloosterkerk op 26 okt 1642, ovl. (ongeveer 50 jaar oud) op 7 jul 1693 ongehuwd overleden, maar
had 3 natuurlijke kinderen.
- Vader:
Diederick Pauw heer van Rijnenburg, ter Horst, Teylingerbosch en Carnisse. Diederik Pauw, heer van Carnisse (1618-1688) woonde in Den Haag aan de Kneuterdijk. In 1652 kocht hij het landgoed Patijnenburg bij Naaldwijk. Hij bekleedde diverse functies in Den Haag en was van 1668 tot 1681 hoofdingeland van de Beemster. In 1674 was hij de rijkste inwoner van Den Haag met een vermogen van ruim 1,1 miljoen gulden. Na zijn dood vererfde de hofstede in de Beemster op zijn zoon Johannes Pauw, heer van Rijnenburg (1645-1708). Na diens dood werd zijn nalatenschap verdeeld tussen zijn twee kinderen waarbij de BK7 samen met het erachter liggende tochtstuk van DK17 werd geërfd door dochter Alida.
Alida Pauw (†1722) trouwde in 1712 met mr. Joan Jacob Mauricius. Volgens hun testament was hij haar erfgenaam en daarom liet hij in 1725 het huis met ruim 28 morgen land op zijn naam overboeken, zn. van Reynier Pauw en Clara Alewijn, geb. te Amsterdam [nl] op 30 jun 1618, ged. te Amsterdam [nl] op 5 aug 1618, hoogheemraad van Delfland 1657-1688, begr. te 's-Gravenhage [zh] op 30 okt 1688, tr. (resp. 33 en ongeveer 33 jaar oud) (2) te 's-Gravenhage [zh] Door dit tweede huwelijk werd Pauw de stiefvader van Elisabeth Musch, wier lotgevallen deels door J.v. Lennep in zijn bekenden roman, deels door M.G. Wildeman (El. Musch) zijn meegedeeld op 28 jan 1652 met Elisabeth Cats vrouwe van Carnisse. Uit dit huwelijk een dochter., tr. (resp. 23 en 18 jaar oud) (1) te 's-Gravenhage [zh] op 18 dec 1641.
>
Johan Pauw
Johan Pauw Hij werd in 1689 heer van Rijnenburg en ook van Patijnenburg onder Naaldwijk, en 19 Mei 1694 van ter Horst, welke laatste heerlijkheid hij 28 Jan. 1700 openlijk te 's Gravenhage liet veilen. Hij werd als ‘cornet in de Comp. Colonelle van den Heer Rhyngrave’ den 5 April 1674 bevorderd tot ritmeester bij een regiment gardes van den Prins van Oranje; in 1682 werd hij meesterknaap van de wildernissen van Holland en West Friesland en in 1691 hoogheemraad van DelfIand. In 1691 was hij op Patijnenburg de gastheer van Willem III, die er bij zijn vertrek naar Engeland het middagmaal gebruikte en, door storm beloopen, terugkeerde en er met verschillende heeren van zijn gevolg ook overnachtte. Dat Pauw bij dezen vorst in groote gunst stond, blijkt ook meermalen uit het Journaal van Huygens en uit de Lexington Papers (10 Mei 1697). De herinnering aan Joan Pauw blijft te Naaldwijk bewaard, doordat hij in 1699 twee zilveren avondmaalschotels aan de Nederduitsch Hervormde Gemeente aldaar vereerde.
Zijn door een onbekend kunstenaar geschilderd portret is bij jhr. ridder Pauw van Wieldrecht op huize Broekhuizen te Leersum, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 31 dec 1645, ovl. (62 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 20 okt 1708 ongehuwd.
- Vader:
Diederick Pauw heer van Rijnenburg, ter Horst, Teylingerbosch en Carnisse. Diederik Pauw, heer van Carnisse (1618-1688) woonde in Den Haag aan de Kneuterdijk. In 1652 kocht hij het landgoed Patijnenburg bij Naaldwijk. Hij bekleedde diverse functies in Den Haag en was van 1668 tot 1681 hoofdingeland van de Beemster. In 1674 was hij de rijkste inwoner van Den Haag met een vermogen van ruim 1,1 miljoen gulden. Na zijn dood vererfde de hofstede in de Beemster op zijn zoon Johannes Pauw, heer van Rijnenburg (1645-1708). Na diens dood werd zijn nalatenschap verdeeld tussen zijn twee kinderen waarbij de BK7 samen met het erachter liggende tochtstuk van DK17 werd geërfd door dochter Alida.
Alida Pauw (†1722) trouwde in 1712 met mr. Joan Jacob Mauricius. Volgens hun testament was hij haar erfgenaam en daarom liet hij in 1725 het huis met ruim 28 morgen land op zijn naam overboeken, zn. van Reynier Pauw en Clara Alewijn, geb. te Amsterdam [nl] op 30 jun 1618, ged. te Amsterdam [nl] op 5 aug 1618, hoogheemraad van Delfland 1657-1688, begr. te 's-Gravenhage [zh] op 30 okt 1688, tr. (resp. 33 en ongeveer 33 jaar oud) (2) te 's-Gravenhage [zh] Door dit tweede huwelijk werd Pauw de stiefvader van Elisabeth Musch, wier lotgevallen deels door J.v. Lennep in zijn bekenden roman, deels door M.G. Wildeman (El. Musch) zijn meegedeeld op 28 jan 1652 met Elisabeth Cats vrouwe van Carnisse. Uit dit huwelijk een dochter., tr. (resp. 23 en 18 jaar oud) (1) te 's-Gravenhage [zh] op 18 dec 1641.
>
Mondina van Beveren
Mondina van Beveren, geb. te Dordrecht [zh] op 9 jul 1622, ovl. (29 jaar oud) te Dordrecht [zh], begr. te Dordrecht [zh] op 2 nov 1651.
- Vader:
Cornelis Willemszn. van Beveren heer van Strevelshoek, West-IJsselmonde en Kleine Lindt, zn. van Willem van Beveren en Emmerentia Karelsdr. van der Eynde, geb. te Dordrecht [zh] in jun 1591, bekleedde vele verschillende functies, zoals:
burgemeester van Dordrecht (1628-1629, 1637-1638, 1642-1643, 1645-1646 en 1649-1650)
raad en rentmeester-generaal van Zuid-Holland (1618-1642)
baljuw en dijkgraaf van het Land van Strijen
curator van de Academie te Leiden
gecommitteerde in het College van de Staten-Generaal (1646-1647), van de Gecommitteerde Raden (1628-1630, 1643-1644 en 1654-1656)
ordinaris gecommitteerde ter dagvaart van de Staten van Holland en West-Friesland
buitengewoon gezant van de Staten der Verenigde Nederlanden bij de koning van Denemarken en Noorwegen en de stad Hamburg (1631) en bij Karel I, koning van Engeland, Schotland en Ierland (1636).
Op 1 december 1660 werd Van Beveren evenals Cornelis de Graeff en Johan de Witt door de Staten van Holland aangesteld als lid van de commissie ter educatie van prins Willem III van Oranje-Nassau, "het kind van staat", ovl. (72 jaar oud) te Dordrecht [zh] op 17 jul 1663, tr. (resp. 25 en ongeveer 15 jaar oud) te Dordrecht [zh] op 28 mei 1617.
tr. (resp. 20 en 21 jaar oud) te Dordrecht [zh] op 20 aug 1642
met
Matthijs Pompe van Slingelandt heer van Slingelandt (door koop 1646), Capelle, Dortsmonde (1647-69) en Nederhoven, zn. van Michiel Pietersz Pompe en Maria Mathijsdr. Sasbout, geb. te Dordrecht [zh] op 3 aug 1621, ged. te Dordrecht [zh] in aug 1621, schepen 1642, 1643, 1646 en 1647 en veertigraad 1653 van Dordrecht baljuw van Zuid-Holland 1653-73, gecommitteerde ter Staten van Holland en West-Friesland en gecommitteerde der Staten Generaal 1663-75, deken van het Houtkopersgilde te Dordrecht 1664, kerkmeester 1673, 1676 en artilleriemeester en kolonel der Burgerij 1662 te Dordrecht, bewindhebber der Oost-Indische Compagnie ter Kamer Amsterdam 1645-71, dijkgraaf van de Alblasserwaard 1643, van Barendrecht 1666-73 en Carnisse 1666-73, erfwatergraaf van de Nederwaard 1643, hoogdijkheemraad van de Zwijndrechtsewaard 1643, ovl. (58 jaar oud) te Dordrecht [zh] op 22 aug 1679, begr. te Dordrecht [zh] Pompekapel in de Grote Kerk, tr. (2) met Maria Elisabeth Musch vrouwe van Carnisse (sedert 1673) en Waalsdorp (1650-57, dr. van Cornelis Musch (advocaat 1618 Den Haag, secretaris van Rotterdam 1619-1628, griffier der Staten-Generaal 1628-1650) en Elisabeth Cats. Uit dit huwelijk een dochter.
Uit dit huwelijk 2 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Michiel | *1643 | Dordrecht [zh] | †1685 | Dordrecht [zh] | 42 | 1 | 1 |
| 2 | Christina | *1647 | Dordrecht [zh] | †1722 | Dordrecht [zh] | 74 | 1 | 11 |
>
Pieter Matthijs Beelaerts van Emmichoven
Pieter Matthijs Beelaerts van Emmichoven, geb. te Dordrecht [zh] op 6 jun 1837, ovl. (86 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 5 aug 1923.
tr. (resp. 30 en 31 jaar oud) te Weerselo [ov] op 20 jun 1867
met
Maria Hendrika Stork, dr. van Jan Everhard Stork (ontvanger) en Johanna Geziena Menger, geb. te Weerselo [ov] op 19 mei 1836, ovl. (69 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 5 feb 1906.
Uit dit huwelijk 8 kinderen, waaronder:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Henri | *1871 | Oldenzaal [ov] | †1941 | 's-Gravenhage [zh] | 69 | 1 | 1 |
| 2 | Maria | *1877 | | | | | 1 | 1 |
>
Goossen van Verlaer
Goossen van Verlaer, geb. circa 1480, ovl. (hoogstens 42 jaar oud) voor 1522.
tr.
met
Yda Gijsbersdr. Spierinck.
Uit dit huwelijk 2 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Jan | | | †1571 | Antwerpen [b, België] | | 1 | 2 |
| 2 | Anna | | | | | | 1 | 1 |
>