tr. (resp. 28 en 36 jaar oud) te Kollum [fr] op 25 okt 1945, (gesch. te Kollum [fr] in 1955)
met
Rudolf Alexander van Heeckeren van Brandsenburg, zn. van Paul Anthonie Willem van Heeckeren van Brandsenburg en Constance Wilhelmina van Boetzelaer, geb. te Woudenberg [ut] op 5 jan 1909, ovl. (71 jaar oud) te Gorinchem [zh] op 11 mei 1980.
>
tr. (resp. 25 en 23 jaar oud) te Kollum [fr] op 21 sep 1916
met
Henriëtte Wilhelmina Adeline van Welderen-Rengers, dr. van Willem Bernard Reinier van Welderen Rengers en Hermance Adeline Amalia van Heemstra, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 31 okt 1892, ovl. (87 jaar oud) te Noordwijkerhout [zh] op 20 jan 1980.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Hermanna | *1917 | Noordwijkerhout [zh] | †2000 | Noordwijkerhout [zh] | 82 | 1 | 0 |
tr. (resp. 23 en 25 jaar oud) te Kollum [fr] op 21 sep 1916
met
Johan Hugo Gevers, zn. van Abraham Daniël Theodore Gevers en Anna Cecilia van Haersma de With, geb. te Noordwijkerhout [zh] op 8 mei 1891, ovl. (65 jaar oud) te Noordwijkerhout [zh] op 21 aug 1956.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Hermanna | *1917 | Noordwijkerhout [zh] | †2000 | Noordwijkerhout [zh] | 82 | 1 | 0 |
tr. (resp. 29 en 21 jaar oud) te Maarsseveen [ut] op 6 aug 1885
met
Anna Cecilia van Haersma de With, dr. van Jacob Minnema van Haersma de With en Jacoba Cecilia Conradine van Boelens, geb. te Leeuwarden [fr] op 21 jun 1864, ovl. (65 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 14 mrt 1930.
Uit dit huwelijk 3 kinderen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Pauline | *1886 | Noordwijkerhout [zh] | †1942 | 's-Gravenhage [zh] | 55 | 1 | 2 |
| 2 | Cecilia | *1888 | Noordwijkerhout [zh] | †1978 | Noordwijkerhout [zh] | 89 | 1 | 4 |
| 3 | Johan | *1891 | Noordwijkerhout [zh] | †1956 | Noordwijkerhout [zh] | 65 | 1 | 1 |
tr. (resp. 21 en 29 jaar oud) te Maarsseveen [ut] op 6 aug 1885
met
Abraham Daniël Theodore Gevers, zn. van Johan Hugo Gevers en Paulina Johanna Rendorp, geb. te 's-Graveland [nh] op 27 apr 1856, ovl. (40 jaar oud) te Noordwijkerhout [zh] op 16 nov 1896.
Uit dit huwelijk 3 kinderen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Pauline | *1886 | Noordwijkerhout [zh] | †1942 | 's-Gravenhage [zh] | 55 | 1 | 2 |
| 2 | Cecilia | *1888 | Noordwijkerhout [zh] | †1978 | Noordwijkerhout [zh] | 89 | 1 | 4 |
| 3 | Johan | *1891 | Noordwijkerhout [zh] | †1956 | Noordwijkerhout [zh] | 65 | 1 | 1 |
tr. (resp. 26 en 22 jaar oud) te Noordwijkerhout [zh] op 6 mei 1909
met
Pauline Johanna Gevers, dr. van Abraham Daniël Theodore Gevers en Anna Cecilia van Haersma de With, geb. te Noordwijkerhout [zh] op 8 mei 1886, ovl. (55 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 3 mei 1942.
Uit dit huwelijk 2 kinderen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Maria | *1914 | 's-Gravenhage [zh] | †2009 | Wassenaar [zh] | 94 | 1 | 4 |
| 2 | Dirk | *1917 | Wassenaar [zh] | †1990 | Enschede [ov] | 73 | 1 | 4 |
tr. (resp. 22 en 26 jaar oud) te Noordwijkerhout [zh] op 6 mei 1909
met
George Catharinus Willem van Tets van Goudriaan, zn. van Dirk Arnold Willem van Tets van Goudriaan en Henriette Marie Sophie Schimmelpenninck van der Oye, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 31 aug 1882, ovl. (65 jaar oud) te Wassenaar [zh] op 5 feb 1948.
Uit dit huwelijk 2 kinderen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Maria | *1914 | 's-Gravenhage [zh] | †2009 | Wassenaar [zh] | 94 | 1 | 4 |
| 2 | Dirk | *1917 | Wassenaar [zh] | †1990 | Enschede [ov] | 73 | 1 | 4 |
tr. (resp. 21 en 25 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 16 jan 1936, (gesch. in 1951)
met
Frederik Willem Walter van Tuyll van Serooskerken, zn. van Ernst Lodewijk Leopold van Tuyll van Serooskerken en Henriëtte Elisabeth Jochems, geb. te Wassenaar [zh] op 3 jan 1911, ovl. (74 jaar oud) te Wassenaar [zh] op 8 jun 1985.
Uit dit huwelijk 4 kinderen, waaronder:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Ernst | *1939 | 's-Gravenhage [zh] | †2014 | 's-Gravenhage [zh] | 75 | 1 | 2 |
| 2 | Hendrik | *1944 | 's-Gravenhage [zh] | †2002 | 58 | 0 | 0 |
tr. (resp. 25 en 21 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 16 jan 1936, (gesch. in 1951)
met
Maria Henriëtte Sophia van Tets van Goudriaan Vrouwe Van Heerjansdam, dr. van George Catharinus Willem van Tets van Goudriaan en Pauline Johanna Gevers, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 7 apr 1914, ovl. (94 jaar oud) te Wassenaar [zh] op 4 feb 2009.
Uit dit huwelijk 4 kinderen, waaronder:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Ernst | *1939 | 's-Gravenhage [zh] | †2014 | 's-Gravenhage [zh] | 75 | 1 | 2 |
| 2 | Hendrik | *1944 | 's-Gravenhage [zh] | †2002 | 58 | 0 | 0 |
tr. (resp. 27 en 20 jaar oud) (1) te 's-Gravenhage [zh] op 16 okt 1902, (gesch. in 1916)
met
Henriëtte Elisabeth Jochems Vrouwe van De Groote Lindt en Verduynen, dr. van Joachim Jochems en Catherine Marie Christine Alida Marguerite Brouwer, geb. te Brussel [België] op 24 jul 1882, ovl. (86 jaar oud) te Wassenaar [zh] op 20 sep 1968, tr. (resp. 35 en 31 jaar oud) (2) te 's-Gravenhage [zh] op 24 nov 1917 met Edgar Frederik Maria Justin Michiels van Verduynen Heer van Verduynen en De Groote Lindt. Zijn eerste werkkring vond hij bij de Koninklijke Nederlandse Petroleum Maatschappij in Batavia, hij werd daar spoedig hoofdvertegenwoordiger. Na zijn terugkeer naar Nederland in 1915 trad Michiels in dienst bij de Directie Economische Zaken van het ministerie van Buitenlandse Zaken; in 1918 werd hij souschef van deze Directie. Na het einde van de Eerste Wereldoorlog ging hij enkele keren als speciaal afgezant naar Tsjechoslowakije voor het regelen van handelspolitieke vraagstukken met deze nieuwe staat. Op 26 februari 1920 volgde zijn benoeming tot gezant te Praag. Daar kon hij uit hoofde van zijn positie, op enige afstand de binnenlandse ontwikkelingen volgen en beoordelen. Hij onderschreef de gevaren van het communisme, maar oordeelde, dat Tsjechoslowakije voor deze maatschappijvorm geen voedingsbodem kon zijn. De moeilijkheden in Midden- en Oost-Europa konden alleen opgelost worden door politieke en economische samenwerking tussen de staten, die ontstaan waren uit de uiteengevallen Donaumonarchie. Na de totstandkoming van het eerste handelsverdrag met Tsjechoslowakije werd hij op 1 december 1923 op eigen verzoeke op non-actief gesteld. Op 14 april 1927 keerde Michiels op het ministerie van Buitenlandse Zaken terug als chef van de afdeling Diplomatieke Zaken, waar hij de tot minister benoemde jhr. F. Beelaerts van Blokland opvolgde. In deze functie leerde hij alle aspecten van het Nederlandse buitenlandse beleid kennen. Op 1 augustus 1929 werd hij opnieuw op eigen verzoek op non-actief gesteld in verband met familiebelangen.
Op 16 september 1939 aanvaardde Michiels de functie van gezant te Londen. Tot mei 1940 spande hij zich in om de rechten van Nederland als neutrale mogendheid te waarborgen. Blind voor het Duitse gevaar was hij echter niet. Vertrouwelijk informeerde hij op eigen initiatief bij Britse autoriteiten of Nederland op militaire steun kon rekenen bij een Duitse inval. Het uitblijven van die hulp in mei 1940 verbaasde hem niet. Het betrokken raken van Nederland in de Tweede Wereldoorlog veranderde zijn positie in tweeërlei opzicht. Hij was nu gezant bij de voornaamste bondgenoot van Nederland en hij moest werken in de schaduw van de Nederlandse regering in ballingschap. Na aanvankelijke strubbelingen over de wijze waarop de contacten tussen de Britse en Nederlandse instanties gelegd moesten worden, stelde Michiels voor, dat hij bij technische aangelegenheden uitsluitend het eerste contact zou leggen; in alle andere zaken zou hij blijven optreden, alsof de regering nog in Den Haag resideerde. In de praktijk werd dit plan toegepast. In het kader van deze regeling woonde hij alle besprekingen van de Nederlandse minister van buitenlandse zaken E.N. van Kleffens en diens voornaamste Britse tegenvoeters Lord Halifax en Eden bij. Zo werd voorkomen, dat zijn positie als gezant werd aangetast. Zijn betrokkenheid bij het uitstippelen van het buitenlands beleid en de regelmatige afwezigheid van Van Kleffens in verband met diens dienstreizen leidden tot zijn benoeming als onbezoldigd minister Zonder Portefeuille op 1 januari 1942 in het eerste ministerie-Gerbrandy. Hij kreeg tot taak bij Van Kleffens' afwezigheid op te treden als minister van Buitenlandse Zaken a.i. Met succes ijverde hij ervoor, dat Nederland na de oprichting van de Pacific War Council te Londen in januari 1942 lid werd van deze Council en niet - zoals Churchill wilde - door Groot-Brittannië vertegenwoordigd zou worden, omdat dit z.i. de positie van Nederland in Nederlandsch-Indië onmogelijk zou maken. Samen met Gerbrandy nam hij zitting in de Council. Ook bij het openen van de diplomatieke betrekkingen met de Sovjetunie speelde Michiels een belangrijke rol, waarbij zijn zeer persoonlijke relatie met de Sovjet-ambassadeur Maisky hem goed van pas kwam.
Op 16 mei 1945 trad Michiels van Verduynen af als minister Zonder Portefeuille in het tweede ministerie-Gerbrandy. Inmiddels was hij (op 8 mei 1942), bij de verheffing van het gezantschap te Londen tot ambassade, benoemd tot ambassadeur. Tot zijn dood zou hij deze functie blijven vervullen. Ook na de oorlog bleef zijn positie van belang, omdat Engeland bij de oplossing van de moeilijkheden tussen Nederland en Indonesië een belangrijke rol speelde. Zijn taak was er niet eenvoudiger op geworden, omdat de Labour Party aan het bewind was gekomen, terwijl hij vooral contacten had gelegd met conservatieve regeringskringen. Na de tweede politiële actie (december 1948) vergezelde hij minister-president Drees naar Indonesië om de besprekingen met de Indonesische leiders weer op gang te brengen. Uit dit huwelijk geen kinderen.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Frederik | *1911 | Wassenaar [zh] | †1985 | Wassenaar [zh] | 74 | 1 | 4 |
tr. (resp. 47 en 39 jaar oud) (2) te Mersch a/d Alzette op 28 dec 1922
met
Maria Renée van de Poll, dr. van Karel Frederik van de Poll en Eugenie Prévinaire, geb. te Haarlem [nh] op 1 mrt 1883, ovl. (46 jaar oud) te Callantsoog [nh] op 8 okt 1929.
>
tr. (resp. 20 en 27 jaar oud) (1) te 's-Gravenhage [zh] op 16 okt 1902, (gesch. in 1916)
met
Ernst Lodewijk Leopold van Tuyll van Serooskerken, zn. van Frederik Willem Christiaan Hendrik van Tuyll van Serooskerken en Maria Boreel van Hogelanden, geb. te Velsen [nh] op 19 aug 1875, ovl. (84 jaar oud) te Wassenaar [zh] op 26 okt 1959, tr. (2) met Maria Renée van de Poll. Uit dit huwelijk geen kinderen.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Frederik | *1911 | Wassenaar [zh] | †1985 | Wassenaar [zh] | 74 | 1 | 4 |
tr. (resp. 35 en 31 jaar oud) (2) te 's-Gravenhage [zh] op 24 nov 1917
met
Edgar Frederik Maria Justin Michiels van Verduynen Heer van Verduynen en De Groote Lindt. Zijn eerste werkkring vond hij bij de Koninklijke Nederlandse Petroleum Maatschappij in Batavia, hij werd daar spoedig hoofdvertegenwoordiger. Na zijn terugkeer naar Nederland in 1915 trad Michiels in dienst bij de Directie Economische Zaken van het ministerie van Buitenlandse Zaken; in 1918 werd hij souschef van deze Directie. Na het einde van de Eerste Wereldoorlog ging hij enkele keren als speciaal afgezant naar Tsjechoslowakije voor het regelen van handelspolitieke vraagstukken met deze nieuwe staat. Op 26 februari 1920 volgde zijn benoeming tot gezant te Praag. Daar kon hij uit hoofde van zijn positie, op enige afstand de binnenlandse ontwikkelingen volgen en beoordelen. Hij onderschreef de gevaren van het communisme, maar oordeelde, dat Tsjechoslowakije voor deze maatschappijvorm geen voedingsbodem kon zijn. De moeilijkheden in Midden- en Oost-Europa konden alleen opgelost worden door politieke en economische samenwerking tussen de staten, die ontstaan waren uit de uiteengevallen Donaumonarchie. Na de totstandkoming van het eerste handelsverdrag met Tsjechoslowakije werd hij op 1 december 1923 op eigen verzoeke op non-actief gesteld. Op 14 april 1927 keerde Michiels op het ministerie van Buitenlandse Zaken terug als chef van de afdeling Diplomatieke Zaken, waar hij de tot minister benoemde jhr. F. Beelaerts van Blokland opvolgde. In deze functie leerde hij alle aspecten van het Nederlandse buitenlandse beleid kennen. Op 1 augustus 1929 werd hij opnieuw op eigen verzoek op non-actief gesteld in verband met familiebelangen.
Op 16 september 1939 aanvaardde Michiels de functie van gezant te Londen. Tot mei 1940 spande hij zich in om de rechten van Nederland als neutrale mogendheid te waarborgen. Blind voor het Duitse gevaar was hij echter niet. Vertrouwelijk informeerde hij op eigen initiatief bij Britse autoriteiten of Nederland op militaire steun kon rekenen bij een Duitse inval. Het uitblijven van die hulp in mei 1940 verbaasde hem niet. Het betrokken raken van Nederland in de Tweede Wereldoorlog veranderde zijn positie in tweeërlei opzicht. Hij was nu gezant bij de voornaamste bondgenoot van Nederland en hij moest werken in de schaduw van de Nederlandse regering in ballingschap. Na aanvankelijke strubbelingen over de wijze waarop de contacten tussen de Britse en Nederlandse instanties gelegd moesten worden, stelde Michiels voor, dat hij bij technische aangelegenheden uitsluitend het eerste contact zou leggen; in alle andere zaken zou hij blijven optreden, alsof de regering nog in Den Haag resideerde. In de praktijk werd dit plan toegepast. In het kader van deze regeling woonde hij alle besprekingen van de Nederlandse minister van buitenlandse zaken E.N. van Kleffens en diens voornaamste Britse tegenvoeters Lord Halifax en Eden bij. Zo werd voorkomen, dat zijn positie als gezant werd aangetast. Zijn betrokkenheid bij het uitstippelen van het buitenlands beleid en de regelmatige afwezigheid van Van Kleffens in verband met diens dienstreizen leidden tot zijn benoeming als onbezoldigd minister Zonder Portefeuille op 1 januari 1942 in het eerste ministerie-Gerbrandy. Hij kreeg tot taak bij Van Kleffens' afwezigheid op te treden als minister van Buitenlandse Zaken a.i. Met succes ijverde hij ervoor, dat Nederland na de oprichting van de Pacific War Council te Londen in januari 1942 lid werd van deze Council en niet - zoals Churchill wilde - door Groot-Brittannië vertegenwoordigd zou worden, omdat dit z.i. de positie van Nederland in Nederlandsch-Indië onmogelijk zou maken. Samen met Gerbrandy nam hij zitting in de Council. Ook bij het openen van de diplomatieke betrekkingen met de Sovjetunie speelde Michiels een belangrijke rol, waarbij zijn zeer persoonlijke relatie met de Sovjet-ambassadeur Maisky hem goed van pas kwam.
Op 16 mei 1945 trad Michiels van Verduynen af als minister Zonder Portefeuille in het tweede ministerie-Gerbrandy. Inmiddels was hij (op 8 mei 1942), bij de verheffing van het gezantschap te Londen tot ambassade, benoemd tot ambassadeur. Tot zijn dood zou hij deze functie blijven vervullen. Ook na de oorlog bleef zijn positie van belang, omdat Engeland bij de oplossing van de moeilijkheden tussen Nederland en Indonesië een belangrijke rol speelde. Zijn taak was er niet eenvoudiger op geworden, omdat de Labour Party aan het bewind was gekomen, terwijl hij vooral contacten had gelegd met conservatieve regeringskringen. Na de tweede politiële actie (december 1948) vergezelde hij minister-president Drees naar Indonesië om de besprekingen met de Indonesische leiders weer op gang te brengen, zn. van Louis Paul Marie Hubert Michiels van Verduynen (advocaat te Den Haag) en Ida Cornelia Adriana Maria van Brienen, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 2 dec 1885, ovl. (66 jaar oud) te London [Verenigd Koninkrijk] op 13 mei 1952.
>
tr. (resp. 31 en 35 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 24 nov 1917
met
Henriëtte Elisabeth Jochems Vrouwe van De Groote Lindt en Verduynen, dr. van Joachim Jochems en Catherine Marie Christine Alida Marguerite Brouwer, geb. te Brussel [België] op 24 jul 1882, ovl. (86 jaar oud) te Wassenaar [zh] op 20 sep 1968, tr. (1) met Ernst Lodewijk Leopold van Tuyll van Serooskerken. Uit dit huwelijk een zoon.
>
tr. (resp. 39 en 47 jaar oud) te Mersch a/d Alzette op 28 dec 1922
met
Ernst Lodewijk Leopold van Tuyll van Serooskerken, zn. van Frederik Willem Christiaan Hendrik van Tuyll van Serooskerken en Maria Boreel van Hogelanden, geb. te Velsen [nh] op 19 aug 1875, ovl. (84 jaar oud) te Wassenaar [zh] op 26 okt 1959, tr. (resp. 27 en 20 jaar oud) (1) te 's-Gravenhage [zh] op 16 okt 1902, (gesch. in 1916) met Henriëtte Elisabeth Jochems Vrouwe van De Groote Lindt en Verduynen. Uit dit huwelijk een zoon.
>
tr. (resp. 30 en ongeveer 19 jaar oud) te 's-Hertogenbosch [nb] op 29 dec 1667
met
Maria Kuchlin, geb. te Oss [nb] in 1648, ovl. (ongeveer 30 jaar oud) te 's-Hertogenbosch [nb] op 23 feb 1679.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Johan | *1670 | Amsterdam [nl] | †1719 | Haarlem [nh] | 49 | 1 | 2 |
tr. (resp. ongeveer 19 en 30 jaar oud) te 's-Hertogenbosch [nb] op 29 dec 1667
met
Hendrik van Breugel, zn. van Gerard Thielemansz. van Breugel en Josine van Casteren, geb. te 's-Hertogenbosch [nb] op 15 jul 1637, ovl. (65 jaar oud) te 's-Hertogenbosch [nb] op 28 jan 1703.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Johan | *1670 | Amsterdam [nl] | †1719 | Haarlem [nh] | 49 | 1 | 2 |
tr. (resp. 28 en 21 jaar oud) te 's-Hertogenbosch [nb] op 4 jan 1624
met
Josine van Casteren, geb. te 's-Hertogenbosch [nb] op 14 sep 1602, ovl. (51 jaar oud) te 's-Hertogenbosch [nb] op 22 okt 1653.
Uit dit huwelijk 2 zonen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Thieleman | *1629 | 1 | 1 | ||||
| 2 | Hendrik | *1637 | 's-Hertogenbosch [nb] | †1703 | 's-Hertogenbosch [nb] | 65 | 1 | 1 |
tr. (resp. 21 en 28 jaar oud) te 's-Hertogenbosch [nb] op 4 jan 1624
met
Gerard Thielemansz. van Breugel, geb. te 's-Hertogenbosch [nb] op 15 jun 1595, ovl. (74 jaar oud) te 's-Hertogenbosch [nb] op 24 jan 1670.
Uit dit huwelijk 2 zonen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Thieleman | *1629 | 1 | 1 | ||||
| 2 | Hendrik | *1637 | 's-Hertogenbosch [nb] | †1703 | 's-Hertogenbosch [nb] | 65 | 1 | 1 |
tr. (resp. ongeveer 29 en ongeveer 18 jaar oud) in 1658
met
Anna Ackermans, geb. in 1640, ovl. (ongeveer 58 jaar oud) op 30 nov 1698.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Hendrik | *1673 | †1743 | 70 | 1 | 1 |
tr. (resp. ongeveer 18 en ongeveer 29 jaar oud) in 1658
met
Thieleman van Breugel, zn. van Gerard Thielemansz. van Breugel en Josine van Casteren, geb. in 1629.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Hendrik | *1673 | †1743 | 70 | 1 | 1 |
tr. (resp. 22 en 23 jaar oud) te Velsen [nh] op 4 feb 1874
met
Maria Boreel van Hogelanden, dr. van Willem Boreel van Hogelanden en Margaretha Jacoba Maria Pauline Boreel, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 24 mrt 1850, ovl. (68 jaar oud) te Bloemendaal [nh] op 27 jan 1919.
Uit dit huwelijk 4 kinderen, waaronder:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Ernst | *1875 | Velsen [nh] | †1959 | Wassenaar [zh] | 84 | 2 | 1 |