Eva van Zuylen
Eva van Zuylen, ovl. na 3 jun 1619.
- Vader:
Hendrik van Zuylen Tot Averenck (van Zuylen), beleend met het Huis te Loil, het Geddengoed onder Didam, hofmeester van de graaf van den Bergh, landdrost van Bergh, tr. voor 28 aug 1584.
tr. (Dirk ongeveer 31 jaar oud) in 1599
met
Dirk van Brakel, zn. van Dirk van Brakel (beleend met Brakel, drost ter Lede) en Anna (Petronella) Vijgh, geb. circa 1568, drost ter Lede in 1616, ovl. (minstens 50 jaar oud) na 3 jun 1619.
Uit dit huwelijk 2 zonen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Floris | | | †1649 | Asselt [li] | | 1 | 1 |
| 2 | Henrick | | | †1654 | | | 0 | 0 |
>
Hendrik van Zuylen Tot Averenck
Hendrik van Zuylen Tot Averenck (van Zuylen), beleend met het Huis te Loil, het Geddengoed onder Didam, hofmeester van de graaf van den Bergh, landdrost van Bergh.
tr. voor 28 aug 1584
met
Anna van Padevoort (van de Padevoort), dr. van Henrick Ottensz van Padevoort en Henrica van Appeltern, ovl. voor 25 nov 1613.
Anna van Padevoort.
Padevoort is een havezathe ten oosten van Zeddam. Anna heeft waarschijnlijk daarvan het eigendom bezeten. Toch vererft de havezathe na haar overlijden naar de familie Van Zuijlen, in de persoon van twee dames, Eva en Henrica van Zuijlen.
Uit dit huwelijk 2 dochters:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Eva | | | †1619 | | | 1 | 2 |
| 2 | Hendrica | | | | | | 1 | 1 |
>
Anna van Padevoort
Anna van Padevoort (van de Padevoort), ovl. voor 25 nov 1613.
Anna van Padevoort.
Padevoort is een havezathe ten oosten van Zeddam. Anna heeft waarschijnlijk daarvan het eigendom bezeten. Toch vererft de havezathe na haar overlijden naar de familie Van Zuijlen, in de persoon van twee dames, Eva en Henrica van Zuijlen.
tr. voor 28 aug 1584
met
Hendrik van Zuylen Tot Averenck (van Zuylen), beleend met het Huis te Loil, het Geddengoed onder Didam, hofmeester van de graaf van den Bergh, landdrost van Bergh.
Uit dit huwelijk 2 dochters:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Eva | | | †1619 | | | 1 | 2 |
| 2 | Hendrica | | | | | | 1 | 1 |
>
Floris van Brakel
Floris van Brakel, beleend met de Brakel 1622, ovl. op 3 jan 1649, begr. te Asselt [li].
otr. (Geertruid ongeveer 30 jaar oud) te Nijkerk [ge] op 10 okt 1641
met
Geertruid Bentinck, dr. van Karel Bentinck Tot Berenkamp en Antonia van Deelen, ged. ned.ger. te Nijkerk [ge] op 4 aug 1611, begr. te Nijkerk [ge] op 4 jul 1666.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Diederik | *1647 | | †1695 | Tiel [ge] | 48 | 1 | 3 |
>
Geertruid Bentinck
Geertruid Bentinck, ged. ned.ger. te Nijkerk [ge] op 4 aug 1611, begr. te Nijkerk [ge] op 4 jul 1666.
otr. (ongeveer 30 jaar oud) te Nijkerk [ge] op 10 okt 1641
met
Floris van Brakel, zn. van Dirk van Brakel (drost ter Lede in 1616) en Eva van Zuylen, beleend met de Brakel 1622, ovl. op 3 jan 1649, begr. te Asselt [li].
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Diederik | *1647 | | †1695 | Tiel [ge] | 48 | 1 | 3 |
>
Karel Bentinck Tot Berenkamp
Karel Bentinck Tot Berenkamp, begr. te Nijkerk [ge] op 19 jun 1645.
otr. te Nijkerk [ge] op 18 aug 1603, tr, kerk.huw. (ned.ger.) te Nijkerk [ge] op 4 sep 1603
met
Antonia van Deelen, dr. van Steven van Deelen en Geertrui van Oldenbarnevelt.
Uit dit huwelijk een dochter:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Geertruid | ~1611 | Nijkerk [ge] | 1666 | Nijkerk [ge] | 54 | 1 | 1 |
>
Antonia van Deelen
Antonia van Deelen.
- Vader:
Steven van Deelen leeft nog 7 September
1601, compareert in ridderschap van Veluwe 1571-
1603, ambtsjonker van Nijkerk, op ridderceduul 1575,
'79, '86, op riddervergadering te Barneveld 30 Maart
1593, zn. van Albert van Deelen en Gerritje van Middendorp, geb. te Harskamp [ge] in 1532, ovl. (ongeveer 71 jaar oud) in 1603, tr. (resp. hoogstens 38 en hoogstens 28 jaar oud) voor 21 mrt 1571.
otr. te Nijkerk [ge] op 18 aug 1603, tr, kerk.huw. (ned.ger.) te Nijkerk [ge] op 4 sep 1603
met
Karel Bentinck Tot Berenkamp, zn. van Willem Bentinck Tot Berenkamp en Lumme Schimmelpenninck, begr. te Nijkerk [ge] op 19 jun 1645.
Uit dit huwelijk een dochter:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Geertruid | ~1611 | Nijkerk [ge] | 1666 | Nijkerk [ge] | 54 | 1 | 1 |
>
Diederik van Brakell
Diederik van Brakell, geb. in 1647, dijkgraaf van Tiel en Sandijck, ovl. (ongeveer 48 jaar oud) te Tiel [ge] op 30 sep 1695.
- Vader:
Floris van Brakel, zn. van Dirk van Brakel (drost ter Lede in 1616) en Eva van Zuylen, beleend met de Brakel 1622, ovl. op 3 jan 1649, begr. te Asselt [li], otr. (Geertruid ongeveer 30 jaar oud) te Nijkerk [ge] op 10 okt 1641.
tr. (resp. ongeveer 30 en 24 jaar oud) te Rijswijk [zh] op 14 dec 1677
met
Justina van Borsele van der Hooghe, dr. van Jacob van Borsele van der Hooghe (heer van Kleverskerke) en Maria Filipsdr. van Varick, geb. te Middelburg [ze] op 8 sep 1653, ovl. (37 jaar oud) te Tiel [ge] op 11 aug 1691.
Uit dit huwelijk 3 zonen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Floris | *1680 | Tiel [ge] | †1722 | Zoelmond [ge] | 42 | 1 | 1 |
| 2 | Jacob | *1683 | 's-Gravenhage [zh] | †1764 | Tiel [ge] | 80 | 1 | 1 |
| 3 | Karel | *1684 | | †1737 | | 52 | 1 | 1 |
>
Justina van Borsele van der Hooghe
Justina van Borsele van der Hooghe, geb. te Middelburg [ze] op 8 sep 1653, ovl. (37 jaar oud) te Tiel [ge] op 11 aug 1691.
- Vader:
Jacob van Borsele van der Hooghe Heer van Geldermalsen (door koop) 1666- en in Kleverskerke 1667-. Raad en schepen van Middelburg, gecommitteerde ad vitam in de Raad van State 1654-, gedeputeerde te velde 1666-1667, gedeputeerde naar de bisschop en de stad van Munster, gedeputeerde of extraordinaris envoye naar het Keizerlijk leger 1674, extraordinaris gedeputeerde bij de hertogen van Brunswijk 1674, beleend met H. Cronesteyn (Zoeterwoude) 1664.
In zijn artikel over de oorsprong van de familie Van Borssele van der Hooghe toonde
Fruin aan de hand van de Zeeuwse rentmeestersrekeningen aan dat bovengenoemde
Jacob en Adriaan van der Hooghe dezelfden waren als Jacob Claasz (ook wel Jacob
Claas Jansz) en Adriaan Jacobsz (ook wel Adriaan Jacob Claasz).78 De adellijke pretentie
van de familie was voornamelijk gebaseerd op handtekeningen in originele akten,
die zodanig waren vervalst dat het moest lijken alsof de familienaam oorspronkelijk
Van Borssele van der Hooghe luidde. Bovendien beweerde de familie ten onrechte
een leengoed van de Sint Paulusabdij te Utrecht, vijf gemeten grond gelegen in Schellach,
via vererving uit het bezit van de Van Borselens te hebben verworven. In werkelijkheid
was er sprake geweest van een koop door Jacob Claas Jansz. Dat de aanspraken
van de familie niet door iedereen serieus werden genomen, bleek in 1757 toen
Philips Jacob van Borssele van der Hooghe (geb. 1720) door Anna van Hannover, weduwe
van stadhouder Willem IV als edelman werd benoemd tot geëligeerd lid van de
Staten van Utrecht.79 Dat leidde tot protesten van het tweede lid der staten (de ridderschap),
dat verklaarde dat het pas benoemde lid ten onrechte beweerde van adel te
zijn. De bewijsstukken die Van Borssele van der Hooghe had overlegd, betroffen geen
originele stukken, maar allemaal afschriften. Eén daarvan betrof de huwelijkse voorwaarden
van 20 mei 1651 tussen zijn grootouders Jacob van der Hooghe en Maria
van Varick. De bruidegom heette in de akte Jacob van der Hooghe, maar tekende als
J. v. Borssele van der Hooghe. Duidelijk is te zien dat er waarschijnlijk J. van der
Hooghe heeft gestaan. De vader en broer van de bruidegom tekenden met J. v.
Hooghe (de bovengenoemde Joos van der Hooghe) en A. van der Hooghe. De benoeming
werd echter toch doorgezet en in 1759 nam Philips Jacob van Borssele van der
Hooghe zitting. Om de tegenstanders de mond te snoeren trad een oudere broer van
Philips Jacob, Jan van Borssele van der Hooghe († 1764), sinds 1747 representant van
de Prins van Oranje als eerste edele van Zeeland, in contact met de predikant Willem
te Water. Te Water publiceerde in 1761, al dan niet toevalligerwijs het herverkiezingsjaar
van Philips Jacob van Borssele van der Hooghe als geëligeerde, Het hoog
adelrijke en adelijk Zeeland, waarvan het tweede deel het elfde hoofdstuk van het
werk van Van Grijpskerke bevatte. Het werk van Te Water deed niets anders dan
nogmaals een bevestiging geven van de adeldom van de Van der Hooghes. Veelzeggend
in dit verband was dat de zoon van Te Water in zijn autobiografie schreef veel te
danken te hebben gehad aan ‘Zijne Excellentie van Borssele van der Hooghe’ en dat
door diens invloed ook andere aanzienlijke heren (Van Citters, Steengracht, Huijssen
van Kattendijke, Winckelman, Tulleken, Van Brakell, enz.) ‘het hunne toebrachten’, zn. van Joost van der Hooghe en Cornelia van der Dussen, geb. te Middelburg [ze] op 6 jan 1622, heer van Kleverskerke, ovl. (64 jaar oud) te Maastricht [li] op 11 jul 1686, begr. te Geldermalsen [ge], tr. (resp. 29 en ongeveer 22 jaar oud) te Middelburg [ze] op 20 jun 1651.
tr. (resp. 24 en ongeveer 30 jaar oud) te Rijswijk [zh] op 14 dec 1677
met
Diederik van Brakell, zn. van Floris van Brakel (beleend met de Brakel 1622,) en Geertruid Bentinck, geb. in 1647, dijkgraaf van Tiel en Sandijck, ovl. (ongeveer 48 jaar oud) te Tiel [ge] op 30 sep 1695.
Uit dit huwelijk 3 zonen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Floris | *1680 | Tiel [ge] | †1722 | Zoelmond [ge] | 42 | 1 | 1 |
| 2 | Jacob | *1683 | 's-Gravenhage [zh] | †1764 | Tiel [ge] | 80 | 1 | 1 |
| 3 | Karel | *1684 | | †1737 | | 52 | 1 | 1 |
>
Philips van Borsele van der Hooghe
Philips van Borsele van der Hooghe heer in Kleverskerke, Geersdijk, enz. (circa 1586-1662, ovl. op 5 mrt 1662.
tr.
met
Helena de Turchi, ovl. in 1653.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Pieter | | | †1679 | | | 1 | 0 |
>
Pieter van Borsele van der Hooghe
Pieter van Borsele van der Hooghe schepen van Middelburg, onder de Edelen van Zeeland, ontvanger generaal Bewesterschelde, ovl. in 1607.
tr.
met
Cornelia Bourgeois.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Philips | | | †1662 | | | 1 | 1 |
>
Karel Philips van Brakel
Karel Philips van Brakel, geb. op 24 sep 1684, rentmeester te Bergen op Zoom, ovl. (hoogstens 52 jaar oud) voor 1737.
- Vader:
Diederik van Brakell, zn. van Floris van Brakel (beleend met de Brakel 1622,) en Geertruid Bentinck, geb. in 1647, dijkgraaf van Tiel en Sandijck, ovl. (ongeveer 48 jaar oud) te Tiel [ge] op 30 sep 1695, tr. (resp. ongeveer 30 en 24 jaar oud) te Rijswijk [zh] op 14 dec 1677.
relatie
met
Wilda van Wijhe Tot Echteld, dr. van Otto van Wijhe (heer van Echtelt, Blankenburg, de Pol en de Alden Avezaath) en Seina Margriet van Deelen (vrouwe van Eck en Wiel, den Hul en Eschate), geb. op 2 mrt 1684, ovl. (65 jaar oud) op 14 okt 1749.
Uit deze relatie een dochter:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Albertine | *1712 | | †1733 | Zaltbommel [zh] | 21 | 1 | 1 |
>
Wilda van Wijhe Tot Echteld
Wilda van Wijhe Tot Echteld, geb. op 2 mrt 1684, ovl. (65 jaar oud) op 14 okt 1749.
relatie
met
Karel Philips van Brakel, zn. van Diederik van Brakell (dijkgraaf van Tiel en Sandijck) en Justina van Borsele van der Hooghe, geb. op 24 sep 1684, rentmeester te Bergen op Zoom, ovl. (hoogstens 52 jaar oud) voor 1737.
Uit deze relatie een dochter:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Albertine | *1712 | | †1733 | Zaltbommel [zh] | 21 | 1 | 1 |
>
Otto van Wijhe
Otto van Wijhe, geb. circa 1638, heer van Echtelt, Blankenburg, de Pol en de Alden Avezaath.
tr. (resp. ongeveer 32 en 22 jaar oud) te Echteld [ge] op 12 apr 1671
met
Seina Margriet van Deelen vrouwe van het Laar, dr. van Everard van Deelen (in de ridderschap van de Veluwe, burgemeester van Harderwijk) en Johanna van Broekhuizen, geb. te Harderwijk [ge] op 2 mrt 1649, vrouwe van Eck en Wiel, den Hul en Eschate, ovl. (ongeveer 68 jaar oud) te Echteld [ge] in 1717.
Uit dit huwelijk 6 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Christiaan | ~1675 | Echteld [ge] | †1749 | Kerk-Avezaath [ge] | 73 | 1 | 6 |
| 2 | Evert | ~1678 | Echteld [ge] | †1735 | Tiel [ge] | 56 | 1 | 2 |
| 3 | Christiana | *1681 | | †1740 | | 59 | 1 | 1 |
| 4 | Wilda | *1684 | | †1749 | | 65 | 1 | 1 |
| 5 | Margriet | *1686 | | †1720 | Overasselt [ge] | 33 | 1 | 0 |
| 6 | Johanna | *1692 | | †1722 | | 30 | 1 | 2 |
>
Seina Margriet van Deelen
Seina Margriet van Deelen vrouwe van het Laar, geb. te Harderwijk [ge] op 2 mrt 1649, vrouwe van Eck en Wiel, den Hul en Eschate, ovl. (ongeveer 68 jaar oud) te Echteld [ge] in 1717.
- Vader:
Everard van Deelen heer van het Laar, zn. van Albert van Deelen en Seyna van Apeldoren, geb. te Ede [ge] op 19 feb 1617, in de ridderschap van de Veluwe, burgemeester van Harderwijk, ovl. (63 jaar oud) te Otterlo [ge] op 24 dec 1680, begr. te Otterlo [ge], tr. (resp. 24 en 23 jaar oud) te Tiel [ge] op 7 nov 1641.
tr. (resp. 22 en ongeveer 32 jaar oud) te Echteld [ge] op 12 apr 1671
met
Otto van Wijhe, zn. van Christiaan van Wijhe en Maria van Brederode, geb. circa 1638, heer van Echtelt, Blankenburg, de Pol en de Alden Avezaath.
Uit dit huwelijk 6 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Christiaan | ~1675 | Echteld [ge] | †1749 | Kerk-Avezaath [ge] | 73 | 1 | 6 |
| 2 | Evert | ~1678 | Echteld [ge] | †1735 | Tiel [ge] | 56 | 1 | 2 |
| 3 | Christiana | *1681 | | †1740 | | 59 | 1 | 1 |
| 4 | Wilda | *1684 | | †1749 | | 65 | 1 | 1 |
| 5 | Margriet | *1686 | | †1720 | Overasselt [ge] | 33 | 1 | 0 |
| 6 | Johanna | *1692 | | †1722 | | 30 | 1 | 2 |
>
Albertine Clasine van Brakel
Albertine Clasine van Brakel, geb. in 1712, ovl. (ongeveer 21 jaar oud) te Zaltbommel [zh] op 30 dec 1733.
tr. (resp. ongeveer 15 en 30 jaar oud) op 10 sep 1727
met
Willem Hendrik van Borsele van der Hooghe, zn. van Adriaan van Borsele van der Hooghe en Justina Geertruid van Welderen Tot Valburg, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 1 jan 1697, heer van Geldermalsen en Kleverskerke, burgemeester van Zaltbommel, ovl. (49 jaar oud) te Zaltbommel [ge] op 28 aug 1746, tr. (resp. 45 en ongeveer 21 jaar oud) (2) te Echteld [ge] op 18 okt 1742 met Maria van Wijhe vrouwe van Geldermalsen sedert 1746, dr. van Christiaan Reinout Wijhe "de Laatste van Wijhe-Van Echteld (lid Ridderschap van Nijmegen 1697, richter van Tiel en Zandwijk 1726) en Henriette Philippine van Brakell, geb. te Kerk-Avezaath [ge] Huize Tedingsweert in 1721, ged. te Kerk-Avezaath [ge] op 21 sep 1721, ovl. (ongeveer 32 jaar oud) te Geldermalsen [ge] op 23 mrt 1754. Uit dit huwelijk een zoon.
Uit dit huwelijk een dochter:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Seina | *1733 | Zaltbommel [zh] | †1816 | Breda [nb] | 82 | 1 | 1 |
>
Willem Hendrik van Borsele van der Hooghe
Willem Hendrik van Borsele van der Hooghe, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 1 jan 1697, heer van Geldermalsen en Kleverskerke, burgemeester van Zaltbommel, ovl. (49 jaar oud) te Zaltbommel [ge] op 28 aug 1746.
tr. (resp. 30 en ongeveer 15 jaar oud) (1) op 10 sep 1727
met
Albertine Clasine van Brakel, dr. van Karel Philips van Brakel (rentmeester te Bergen op Zoom) en Wilda van Wijhe Tot Echteld, geb. in 1712, ovl. (ongeveer 21 jaar oud) te Zaltbommel [zh] op 30 dec 1733.
Uit dit huwelijk een dochter:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Seina | *1733 | Zaltbommel [zh] | †1816 | Breda [nb] | 82 | 1 | 1 |
tr. (resp. 45 en ongeveer 21 jaar oud) (2) te Echteld [ge] op 18 okt 1742
met
Maria van Wijhe vrouwe van Geldermalsen sedert 1746, dr. van Christiaan Reinout Wijhe "de Laatste van Wijhe-Van Echteld (lid Ridderschap van Nijmegen 1697, richter van Tiel en Zandwijk 1726) en Henriette Philippine van Brakell, geb. te Kerk-Avezaath [ge] Huize Tedingsweert in 1721, ged. te Kerk-Avezaath [ge] op 21 sep 1721, ovl. (ongeveer 32 jaar oud) te Geldermalsen [ge] op 23 mrt 1754, tr. (resp. ongeveer 28 en ongeveer 20 jaar oud) (2) te Geldermalsen [ge] op 21 okt 1749 met Sigismund Coenraad Roeleman van Bylandt heer van Leede, Lienden en Oudeweert lid Ridderschap van Nijmegen 1751, ambtman en stadhouder der lenen van de stad Grave en het land van Cuyck 1754, zn. van Albrecht Otto Roeleman Frederik des H.R. Rijksgraaf van Bylandt en Anna Constantia van Sevenaer, geb. te Nijmegen [ge], ged. te Nijmegen [ge] op 18 apr 1729, ovl. (ongeveer 40 jaar oud) op 18 mrt 1770 verongelukt met chais door op hol slaan van paard. Uit dit huwelijk een dochter.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Adriaen | ~1746 | Geldermalsen [ge] | †1806 | Brussel [België] | 60 | 1 | 1 |
>
Adriaan van Borsele van der Hooghe
Adriaan van Borsele van der Hooghe heer in Kleverskerke en van Geldermalsen (1658-1728), diplomaat, geb. voor 1675, ovl. (minstens 53 jaar oud) in 1728.
- Vader:
Jacob van Borsele van der Hooghe Heer van Geldermalsen (door koop) 1666- en in Kleverskerke 1667-. Raad en schepen van Middelburg, gecommitteerde ad vitam in de Raad van State 1654-, gedeputeerde te velde 1666-1667, gedeputeerde naar de bisschop en de stad van Munster, gedeputeerde of extraordinaris envoye naar het Keizerlijk leger 1674, extraordinaris gedeputeerde bij de hertogen van Brunswijk 1674, beleend met H. Cronesteyn (Zoeterwoude) 1664.
In zijn artikel over de oorsprong van de familie Van Borssele van der Hooghe toonde
Fruin aan de hand van de Zeeuwse rentmeestersrekeningen aan dat bovengenoemde
Jacob en Adriaan van der Hooghe dezelfden waren als Jacob Claasz (ook wel Jacob
Claas Jansz) en Adriaan Jacobsz (ook wel Adriaan Jacob Claasz).78 De adellijke pretentie
van de familie was voornamelijk gebaseerd op handtekeningen in originele akten,
die zodanig waren vervalst dat het moest lijken alsof de familienaam oorspronkelijk
Van Borssele van der Hooghe luidde. Bovendien beweerde de familie ten onrechte
een leengoed van de Sint Paulusabdij te Utrecht, vijf gemeten grond gelegen in Schellach,
via vererving uit het bezit van de Van Borselens te hebben verworven. In werkelijkheid
was er sprake geweest van een koop door Jacob Claas Jansz. Dat de aanspraken
van de familie niet door iedereen serieus werden genomen, bleek in 1757 toen
Philips Jacob van Borssele van der Hooghe (geb. 1720) door Anna van Hannover, weduwe
van stadhouder Willem IV als edelman werd benoemd tot geëligeerd lid van de
Staten van Utrecht.79 Dat leidde tot protesten van het tweede lid der staten (de ridderschap),
dat verklaarde dat het pas benoemde lid ten onrechte beweerde van adel te
zijn. De bewijsstukken die Van Borssele van der Hooghe had overlegd, betroffen geen
originele stukken, maar allemaal afschriften. Eén daarvan betrof de huwelijkse voorwaarden
van 20 mei 1651 tussen zijn grootouders Jacob van der Hooghe en Maria
van Varick. De bruidegom heette in de akte Jacob van der Hooghe, maar tekende als
J. v. Borssele van der Hooghe. Duidelijk is te zien dat er waarschijnlijk J. van der
Hooghe heeft gestaan. De vader en broer van de bruidegom tekenden met J. v.
Hooghe (de bovengenoemde Joos van der Hooghe) en A. van der Hooghe. De benoeming
werd echter toch doorgezet en in 1759 nam Philips Jacob van Borssele van der
Hooghe zitting. Om de tegenstanders de mond te snoeren trad een oudere broer van
Philips Jacob, Jan van Borssele van der Hooghe († 1764), sinds 1747 representant van
de Prins van Oranje als eerste edele van Zeeland, in contact met de predikant Willem
te Water. Te Water publiceerde in 1761, al dan niet toevalligerwijs het herverkiezingsjaar
van Philips Jacob van Borssele van der Hooghe als geëligeerde, Het hoog
adelrijke en adelijk Zeeland, waarvan het tweede deel het elfde hoofdstuk van het
werk van Van Grijpskerke bevatte. Het werk van Te Water deed niets anders dan
nogmaals een bevestiging geven van de adeldom van de Van der Hooghes. Veelzeggend
in dit verband was dat de zoon van Te Water in zijn autobiografie schreef veel te
danken te hebben gehad aan ‘Zijne Excellentie van Borssele van der Hooghe’ en dat
door diens invloed ook andere aanzienlijke heren (Van Citters, Steengracht, Huijssen
van Kattendijke, Winckelman, Tulleken, Van Brakell, enz.) ‘het hunne toebrachten’, zn. van Joost van der Hooghe en Cornelia van der Dussen, geb. te Middelburg [ze] op 6 jan 1622, heer van Kleverskerke, ovl. (64 jaar oud) te Maastricht [li] op 11 jul 1686, begr. te Geldermalsen [ge], tr. (resp. 29 en ongeveer 22 jaar oud) te Middelburg [ze] op 20 jun 1651.
tr. (resp. ongeveer 22 en hoogstens 23 jaar oud) voor 1697
met
Justina Geertruid van Welderen Tot Valburg, dr. van Berent van Welderen en Maria Catharina Zoudenbalch, ged. te Tiel [ge] op 18 feb 1674, ovl. (ongeveer 58 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] in 1732.
Uit dit huwelijk 3 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Willem | *1697 | 's-Gravenhage [zh] | †1746 | Zaltbommel [ge] | 49 | 2 | 2 |
| 2 | Maria | *1701 | Geldermalsen [ge] | †1742 | Doornik | 40 | 1 | 1 |
| 3 | Justina | *1704 | 's-Gravenhage [zh] | †1755 | 's-Gravenhage [zh] | 50 | 1 | 1 |
>
Justina Geertruid van Welderen Tot Valburg
Justina Geertruid van Welderen Tot Valburg, ged. te Tiel [ge] op 18 feb 1674, ovl. (ongeveer 58 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] in 1732.
- Vader:
Berent van Welderen heer van Valburg en ambtman van Nederbetuwe, geadmitteerd 21 september 1655 in de Raad van Gelderland, zn. van Johan van Welderen en Elisabeth van Ingen Nuland, geb. te Tiel [ge] op 9 sep 1632, ovl. (63 jaar oud) te Tiel [ge] op 6 aug 1696, begr. te Valburg [ge], tr. (26 jaar oud) te Tiel [ge] op 10 jul 1659.
tr. (resp. hoogstens 23 en ongeveer 22 jaar oud) voor 1697
met
Adriaan van Borsele van der Hooghe heer in Kleverskerke en van Geldermalsen (1658-1728), diplomaat, zn. van Jacob van Borsele van der Hooghe (heer van Kleverskerke) en Maria Filipsdr. van Varick, geb. voor 1675, ovl. (minstens 53 jaar oud) in 1728.
Uit dit huwelijk 3 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Willem | *1697 | 's-Gravenhage [zh] | †1746 | Zaltbommel [ge] | 49 | 2 | 2 |
| 2 | Maria | *1701 | Geldermalsen [ge] | †1742 | Doornik | 40 | 1 | 1 |
| 3 | Justina | *1704 | 's-Gravenhage [zh] | †1755 | 's-Gravenhage [zh] | 50 | 1 | 1 |
>
Seina Anna Elisabeth van Borsele van der Hooghe
Seina Anna Elisabeth van Borsele van der Hooghe, geb. te Zaltbommel [zh] op 25 dec 1733, ovl. (82 jaar oud) te Breda [nb] op 3 aug 1816.
tr. (resp. 21 en 33 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 9 feb 1755
met
Willem Jacob Frederik van Dopff, zn. van Frederik Karel van Dopff (heer van Nedercanne en diende als generaal in het leger der Verenigde Provinciën) en Cornelia Clara Huyssen van Kattendijke, geb. te Nedercanne op 27 feb 1721, 1e adjudant Prins Willem V, ovl. (73 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 30 jul 1794.
Uit dit huwelijk een dochter:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Maria | *1760 | Tiel [ge] | †1838 | Udenhout [nb] | 78 | 1 | 1 |
>