Website van Leo HENDRIKS
Willem Karel van Bruninghausen
Willem Karel van Bruninghausen Heer van Kerkwerve en Sint-Anthonis. Ook was was hij Heer van Uitwijk tot 13-3-1725. Uit zijn huwelijk zijn geen kinderen geboren. Hij was luitenant in het Zeeuws Regiment Infanterie van Peter de la Rocque. Eerst Vaandrig in 1726, luitenant in 1728, en later kapitein luitenant en de commandant van de compagnie . Hij heeft vermoedelijk in 1752 het leger verlaten. Hij was vicaris van het Paulushofje van 1718 t/m 1762, maar nam die taak pas in 1731 op zich. Octrooi om te testeren van zijn leengoederen met de clausule van substitutie, mits betalende de gangbare belasting. Afgitedatum: 13-4-1752. Archief Staten van Zeeland, inv.nr 1678, folio 210v, ged. te Etten [nb] op 21 nov 1700, ovl. (ongeveer 61 jaar oud) te Etten [nb] op 12 mrt 1762.

otr. te Etten-Leur [nb] op 8 jun 1752, tr. (resp. ongeveer 51 en 38 jaar oud) te Etten-Leur [nb] op 25 jun 1752
met

Isabella Maria van Campen, dr. van Johan van Campen en Cornelia Maria Ouderogge, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 17 nov 1713, ovl. (61 jaar oud) te Etten [nb] op 16 nov 1775.
Willem van Bruninghausen en Isabella van Campen
Gezinsblad van Cornelia Maria en Johan van Campen
Johan van Campen Johan woonde bij het opmaken van de ondertrouwakte in 1700 te Leiden. Hij is bij diploma van 29 oktober 1725 door keizer Karel VI in de adelstand verheven, zoon van Willem van Campen en Johanna Maria de Haes, geboren te Leiden op 19 december 1677, gedoopt gedoopt door de bisschop van Antwerpen Jean-Ferdinand van Beughem (1630-1699), ongetwijfeld een bekende door het huwelijk van een dochter uit het huwelijk Diert-van Campen met ene uit het geslacht Van Beughem, overleden (79 jaar oud) te 's Gravenhage op 25 januari 1757.
ondertrouw te Leiden op 21 oktober 1700, trouwt (resp. 22 en ongeveer 20 jaar oud) te Rotterdam op 9 november 1700
met Cornelia Maria Ouderogge, dochter van Johannes Corneliszn Ouderogge (graankoopman in Rotterdam) en Catharina Maria Stalpaert van der Wiele, gedoopt te Rotterdam op 23 juni 1680, overleden (ongeveer 55 jaar oud) te 's Gravenhage op 7 juli 1735.
Uit dit huwelijk 12 kinderen, waaronder:
1. Catharina Maria van Campen, geboren te Rotterdam op 1 september 1701, overleden (61 jaar oud) te Roermond op 30 oktober 1762, trouwt (resp. 32 en ongeveer 47 jaar oud) te 's Gravenhage op 18 mei 1734 met Mathias Jacques Jacobus de Haen schepen van Roermond, raadsheer in het Hof van Gelre, zoon van Hendrik Antoon de Haen en Gertrudis Dorothea van Dulcken, geboren te Roermond in 1687, overleden (ongeveer 52 jaar oud) te Roermond in 1739. Uit dit huwelijk geen kinderen.
2. Johanna Beatrix Magdalena van Campen, gedoopt te Rotterdam op 22 juli 1704.
3. Maria Catharina van Campen, geboren te 's Gravenhage op 16 juli 1710, overleden (54 jaar oud) te Brussel [België] op 29 mei 1765, begraven te Brussel [België] St. Gudele kathedraal, ondertrouw op 23 augustus 1742, trouwt (resp. 32 en 28 jaar oud) te 's Gravenhage op 11 september 1742 met Pieter Yvo Versijden van Varick hoogbaljuw van de stad Oudenaarde 1774-1782 en lid van de Rekenkamer te Brussel, zoon van Jacob Jansz Versijden (heer van Zijl/advocaat te Leiden) en Cornelia Josina Emonds, geboren te Leiden op 3 juni 1714, overleden (68 jaar oud) te Brussel [België] op 16 juli 1782. Uit dit huwelijk 3 kinderen.
4. Isabella Maria van Campen, geboren te 's Gravenhage op 17 november 1713, overleden (61 jaar oud) te Etten op 16 november 1775, ondertrouw te Etten Leur op 8 juni 1752, trouwt (resp. 38 en ongeveer 51 jaar oud) te Etten Leur op 25 juni 1752 met Willem Karel van Bruninghausen Heer van Kerkwerve en Sint-Anthonis. Ook was was hij Heer van Uitwijk tot 13-3-1725. Uit zijn huwelijk zijn geen kinderen geboren. Hij was luitenant in het Zeeuws Regiment Infanterie van Peter de la Rocque. Eerst Vaandrig in 1726, luitenant in 1728, en later kapitein luitenant en de commandant van de compagnie. Hij heeft vermoedelijk in 1752 het leger verlaten. Hij was vicaris van het Paulushofje van 1718 t/m 1762, maar nam die taak pas in 1731 op zich. Octrooi om te testeren van zijn leengoederen met de clausule van substitutie, mits betalende de gangbare belasting. Afgitedatum: 13-4-1752. Archief Staten van Zeeland, inv.nr 1678, folio 210v, zoon van Jan Jacob van Bruninghausen en Margaretha Justina de Nobelaer, gedoopt te Etten op 21 november 1700, overleden (ongeveer 61 jaar oud) te Etten op 12 maart 1762. Uit dit huwelijk geen kinderen.
5. Pierre Francois Boniface van Campen, gedoopt te 's Gravenhage Assendelftstraat op 14 mei 1715, overleden (ongeveer 59 jaar oud) te Brussel [België] 'als laatste mansoir van zijn geslacht' op 16 december 1774.
6. Johanna Florentia van Campen vrouwe van Kerkwerve, geboren op 18 juli 1723, overleden (88 jaar oud) te Brussel [België] op 7 april 1812, begraven te Neder Heembeek [België], trouwt (resp. 30 en ongeveer 27 jaar oud) op 14 mei 1754 met Theodorus Christophorus Josephus Diert zijn zoon Johannes Gerardus Diert van Kerkwerve is verheven tot baron in 1817; in mannelijke lijn is deze tak in 1871 in België uitgestorven, zoon van Johan Diert en Catharina Goverdina van Beeck, geboren te 's Gravenhage, gedoopt te 's Gravenhage op 25 april 1727, auditeur in de Rekenkamer van de Keizerlijke Majesteit te Brussel, overleden (ongeveer 31 jaar oud) te Brussel [België] op 10 april 1759, begraven te Brussel [België] in de kerk van Note-Dame de la Chapelle. Uit dit huwelijk 2 kinderen.

Uit dit huwelijk een kind.


Jan Jacob van Bruninghausen
Jan Jacob van Bruninghausen, geb. te Maastricht [li] op 12 jun 1671, ged. te Maastricht [li] St. Jacobskerk, ovl. (38 jaar oud) op 11 sep 1709 slag bij Malplaquet.

otr. te Heusden [nb], tr. (resp. 28 en ongeveer 28 jaar oud) te Etten [nb] op 24 mrt 1700, kerk.huw. te Dussen [nb] op 27 apr 1700
met

Margaretha Justina de Nobelaer vrouwe van Uytwijk en vicaris van het Paulushofje in Etten van 1708-1718, dr. van Willem de Nobelaer en Wilhelmina Snouckaert van den Binckhorst, ged. te Rijswijk [ge] op 25 dec 1671 (getuigen: Zuijdewijn Nuyssenburg, Floris van Dam en Adriana Nobelaer), ovl. (ongeveer 46 jaar oud) te Etten [nb] op 17 mrt 1718.

Uit dit huwelijk 5 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Willem~1700 Etten [nb] †1762 Etten [nb] 61


Margaretha Justina de Nobelaer
Margaretha Justina de Nobelaer vrouwe van Uytwijk en vicaris van het Paulushofje in Etten van 1708-1718, ged. te Rijswijk [ge] op 25 dec 1671 (getuigen: Zuijdewijn Nuyssenburg, Floris van Dam en Adriana Nobelaer), ovl. (ongeveer 46 jaar oud) te Etten [nb] op 17 mrt 1718.

otr. te Heusden [nb], tr. (resp. ongeveer 28 en 28 jaar oud) te Etten [nb] op 24 mrt 1700, kerk.huw. te Dussen [nb] op 27 apr 1700
met

Jan Jacob van Bruninghausen, zn. van Joannes Fredericus van Bruninghausen (kapitein-majoor in het regiment van den graaf van der Lippe) en Anna Maria Schenaerts, geb. te Maastricht [li] op 12 jun 1671, ged. te Maastricht [li] St. Jacobskerk, ovl. (38 jaar oud) op 11 sep 1709 slag bij Malplaquet.

Uit dit huwelijk 5 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Willem~1700 Etten [nb] †1762 Etten [nb] 61


Willem de Nobelaer
Willem de Nobelaer, geb. in 1630, ovl. (ongeveer 53 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 28 dec 1683, begr. te 's-Gravenhage [zh] op 4 jan 1684.

Willem de Nobelaer.
Heer van Klinckerlandt, Kerkwerve en Uijtwijck. Ambachtsheer van Grijsoord.
Woonde in kasteel Blotinghe te Rijswijk,Zuid holland. Dit kasteel, dat voorheen Hodenpijl werd genoemd, maar vanaf 1509 Blotinghe ging heten, is daarna in verschillende handen geweest. Vanaf 1590 tot 1715 woonde er de familie Nobelaer. In de tweede helft van de 18e eeuw kocht Jacob van Meede het landgoed, na zijn dood werd de toen al vervallen burcht afgebroken. Het terrein werd vervolgens bij landgoed "Welgelegen" getrokken. Op 29 juli 1678 heeft hij door transport van zijn zwager Jacob Snouckaert het landhuis Binckhorst gekregen. ( In 1683 heer van Kerkwerve en in 1665 heer van Klinkerland en Uijtwijck ) Omstreeks 1650 wordt de naam van Jonkheer Willem de Nobelaer, Heer van Kerckwerve en van Den Binckhorst als eigenaar vermeld van gronden waarop later de buitenplaats ´Eemwijk´ werd aangelegd. Door ´aanhuwelijking´ kwam ook in 1678 het kasteel ´De Werve´ in handen van Willem de Nobelaer, zwager van Jacob Snouckaert. Er is in Leidsendam-Voorburg op die plaats een straatnaam: Willem de Nobelaerlaan.

tr. (ongeveer 37 jaar oud) te Gorinchem [zh] op 10 apr 1668
met

Wilhelmina Snouckaert van den Binckhorst, dr. van Jacob Snouckaert van den Binckhorst en Anna van Paffenrode, ovl. te Rijswijk [ge] op 27 jul 1705.

Uit dit huwelijk 6 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Margaretha~1671 Rijswijk [ge] †1718 Etten [nb] 46
Justus~1672 Delft [zh]    


Wilhelmina Snouckaert van den Binckhorst
Wilhelmina Snouckaert van den Binckhorst, ovl. te Rijswijk [ge] op 27 jul 1705.

tr. (Willem ongeveer 37 jaar oud) te Gorinchem [zh] op 10 apr 1668
met

Willem de Nobelaer, zn. van Johan de Nobelaer en Margaretha van Melissant, geb. in 1630, ovl. (ongeveer 53 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 28 dec 1683, begr. te 's-Gravenhage [zh] op 4 jan 1684.

Willem de Nobelaer.
Heer van Klinckerlandt, Kerkwerve en Uijtwijck. Ambachtsheer van Grijsoord.
Woonde in kasteel Blotinghe te Rijswijk,Zuid holland. Dit kasteel, dat voorheen Hodenpijl werd genoemd, maar vanaf 1509 Blotinghe ging heten, is daarna in verschillende handen geweest. Vanaf 1590 tot 1715 woonde er de familie Nobelaer. In de tweede helft van de 18e eeuw kocht Jacob van Meede het landgoed, na zijn dood werd de toen al vervallen burcht afgebroken. Het terrein werd vervolgens bij landgoed "Welgelegen" getrokken. Op 29 juli 1678 heeft hij door transport van zijn zwager Jacob Snouckaert het landhuis Binckhorst gekregen. ( In 1683 heer van Kerkwerve en in 1665 heer van Klinkerland en Uijtwijck ) Omstreeks 1650 wordt de naam van Jonkheer Willem de Nobelaer, Heer van Kerckwerve en van Den Binckhorst als eigenaar vermeld van gronden waarop later de buitenplaats ´Eemwijk´ werd aangelegd. Door ´aanhuwelijking´ kwam ook in 1678 het kasteel ´De Werve´ in handen van Willem de Nobelaer, zwager van Jacob Snouckaert. Er is in Leidsendam-Voorburg op die plaats een straatnaam: Willem de Nobelaerlaan.

Uit dit huwelijk 6 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Margaretha~1671 Rijswijk [ge] †1718 Etten [nb] 46
Justus~1672 Delft [zh]    


Maria de Nobelaer
Maria de Nobelaer, geb. circa 1610, ovl. (ongeveer 22 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] in 1632, begr. te Antwerpen [b, België].

tr. (resp. ongeveer 20 en ongeveer 23 jaar oud) te Antwerpen [b, België] op 5 jun 1631
met

Floris van Arkel, zn. van Roelof van Arkel en Anna van Steelant, geb. te Culemborg [ge] in 1607, ovl. (ongeveer 45 jaar oud) te Schoonrewoerd [zh] op 17 aug 1652, begr. te IJsselstein [ut], tr. (ongeveer 43 jaar oud) (2) te 's-Gravenhage [zh] in 1650 met Sophia Elizabeth Dimmer, ovl. op 23 jan 1676, begr. te IJsselstein [ut]. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Floris van Arkel.
Ferdinand van Arkel, heer van Burght etc, wonend in de stad Utrecht voor zichzelf en met procuratie van zijn moeder Philippina Stanten, van zijn broers Francois van Arkel, heer van Broekhuijsen en Karel van Arkel, kapitein luitenant in dienst der Verenigde Nederlanden, en zuster Charlotte Wilhelmina van Arkel, erfgenamen van Rudolph van Arkel, heer van Broekhuijsen, procuratie zie RA Alphen invnr. 28 folio 179v, testament voor notaris Cornelis van Sandich te Wijk in Utrecht d.d. 13-04-1709. Rudolph van Arkel was destijds enig erfgenaam van Justus de Nobelaar, heer van Burght volgens testament voor notaris Gijsbert de Kretser te 's-Gravenhage op 23-02-1683, Justus de Nobelaar was weer enig erfgenaam van Joan Louis de Nobelaar, heer van Burght, Grisoort etc. volgens testament van 13-05-1680 voor Hubertus van den Berge te Etten. Jan Louis de Nobellaar was enig erfgenaam van zijn zuster Anna Maria Theresia de Nobelaar volgens testament voor Joan Ceeris (Beeris ???), notaris te Breda, d.d. 14-07-1672, welke Jean Louis en Anna Maria Theresia de Nobelaar, erfgenamen van Theodora van der Graft, dochter van Justus de Nobelaar, verkoopt aan Steven Mattheusz van Heijningen, wonende te Alphen, een perceel in de polder achter de Kerk, genaamd "de Schans", opgedragen aan Theodora van der Graft op 19-07-1632, met andere percelen in erfpacht gehouden, groot 5 morgen 500 roeden, belend de landen binnendijks ten oosten de Rijndijk, ten zuiden Paulus, Anna en Stevin Jacobs van Heijningen, ten westen de zelfden en de kinderen van Martin Beukelaar, ten noorden Adriaan Pietersz Groen en het erf buitendijks, strekkend van de Rijndijk tot in de Rijn, belend ten zuiden het Kanaal, ten noorden de koper. Koopsom 2.050 gulden. Volgens akte voor Dirk Swartendijk, notaris te Woerden d.d. 05-11-1716 is Adriaan Rosenboom erfgenaam van Anna van Heijningen. Deze Anna was universeel erfgename van haar broer Mattheus Stevensz van Heijningen, beiden waren kinderen en erfgenamen geweest van Steven Mattheusz van Heijningen voornoemd.
plaatsnaamAlphen.
instelling Streekarchief Rijnlands Midden.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Roelof  †1709 Broekhuizen [dr]  


Floris van Arkel
Floris van Arkel, geb. te Culemborg [ge] in 1607, ovl. (ongeveer 45 jaar oud) te Schoonrewoerd [zh] op 17 aug 1652, begr. te IJsselstein [ut].

Floris van Arkel.
Ferdinand van Arkel, heer van Burght etc, wonend in de stad Utrecht voor zichzelf en met procuratie van zijn moeder Philippina Stanten, van zijn broers Francois van Arkel, heer van Broekhuijsen en Karel van Arkel, kapitein luitenant in dienst der Verenigde Nederlanden, en zuster Charlotte Wilhelmina van Arkel, erfgenamen van Rudolph van Arkel, heer van Broekhuijsen, procuratie zie RA Alphen invnr. 28 folio 179v, testament voor notaris Cornelis van Sandich te Wijk in Utrecht d.d. 13-04-1709. Rudolph van Arkel was destijds enig erfgenaam van Justus de Nobelaar, heer van Burght volgens testament voor notaris Gijsbert de Kretser te 's-Gravenhage op 23-02-1683, Justus de Nobelaar was weer enig erfgenaam van Joan Louis de Nobelaar, heer van Burght, Grisoort etc. volgens testament van 13-05-1680 voor Hubertus van den Berge te Etten. Jan Louis de Nobellaar was enig erfgenaam van zijn zuster Anna Maria Theresia de Nobelaar volgens testament voor Joan Ceeris (Beeris ???), notaris te Breda, d.d. 14-07-1672, welke Jean Louis en Anna Maria Theresia de Nobelaar, erfgenamen van Theodora van der Graft, dochter van Justus de Nobelaar, verkoopt aan Steven Mattheusz van Heijningen, wonende te Alphen, een perceel in de polder achter de Kerk, genaamd "de Schans", opgedragen aan Theodora van der Graft op 19-07-1632, met andere percelen in erfpacht gehouden, groot 5 morgen 500 roeden, belend de landen binnendijks ten oosten de Rijndijk, ten zuiden Paulus, Anna en Stevin Jacobs van Heijningen, ten westen de zelfden en de kinderen van Martin Beukelaar, ten noorden Adriaan Pietersz Groen en het erf buitendijks, strekkend van de Rijndijk tot in de Rijn, belend ten zuiden het Kanaal, ten noorden de koper. Koopsom 2.050 gulden. Volgens akte voor Dirk Swartendijk, notaris te Woerden d.d. 05-11-1716 is Adriaan Rosenboom erfgenaam van Anna van Heijningen. Deze Anna was universeel erfgename van haar broer Mattheus Stevensz van Heijningen, beiden waren kinderen en erfgenamen geweest van Steven Mattheusz van Heijningen voornoemd.
plaatsnaamAlphen.
instelling Streekarchief Rijnlands Midden.

tr. (resp. ongeveer 23 en ongeveer 20 jaar oud) (1) te Antwerpen [b, België] op 5 jun 1631
met

Maria de Nobelaer, dr. van Cornelis Zachariaszn de Nobelaer en Anna Herberts Stalpert van der Wiele, geb. circa 1610, ovl. (ongeveer 22 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] in 1632, begr. te Antwerpen [b, België].

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Roelof  †1709 Broekhuizen [dr]  

tr. (ongeveer 43 jaar oud) (2) te 's-Gravenhage [zh] in 1650
met

Sophia Elizabeth Dimmer, ovl. op 23 jan 1676, begr. te IJsselstein [ut].


Roelof van Arkel
Roelof van Arkel Roelof van Arkel Heukelom (ca. 1560-18 sept. 1616), als drossaard van Gorcum opgevolgd door jhr. Jacob
van Paffenrode, afkomstig van Mechelen, getr. met Willelmina van Arkel, ouders van de toneelschrijver jhr. Joan van Paffenrode (zie NNBW 4, kol. 1053), geb. te Heukelom [ge] in 1556, ovl. (ongeveer 60 jaar oud) op 18 sep 1616.

tr. (resp. ongeveer 35 en ongeveer 26 jaar oud) te Delft [zh] op 23 okt 1591
met

Anna van Steelant, dr. van Marcus van Steelant (Thresaurier Generaal van prins Willem I) en Anna Royen, geb. in 1565, ovl. (ongeveer 58 jaar oud) te Delft [zh] op 10 okt 1623.

Uit dit huwelijk 3 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Wilhelmina*1592  †1628 Utrecht [ut] 36
Jan*1595  †1674 Gorinchem [zh] 78
Floris*1607 Culemborg [ge] †1652 Schoonrewoerd [zh] 45


Anna van Steelant
Anna van Steelant, geb. in 1565, ovl. (ongeveer 58 jaar oud) te Delft [zh] op 10 okt 1623.

tr. (resp. ongeveer 26 en ongeveer 35 jaar oud) te Delft [zh] op 23 okt 1591
met

Roelof van Arkel Roelof van Arkel Heukelom (ca. 1560-18 sept. 1616), als drossaard van Gorcum opgevolgd door jhr. Jacob
van Paffenrode, afkomstig van Mechelen, getr. met Willelmina van Arkel, ouders van de toneelschrijver jhr. Joan van Paffenrode (zie NNBW 4, kol. 1053), zn. van Johan van Arkel en Wilhelmina Roelofs van den Oever, geb. te Heukelom [ge] in 1556, ovl. (ongeveer 60 jaar oud) op 18 sep 1616.

Uit dit huwelijk 3 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Wilhelmina*1592  †1628 Utrecht [ut] 36
Jan*1595  †1674 Gorinchem [zh] 78
Floris*1607 Culemborg [ge] †1652 Schoonrewoerd [zh] 45


Marcus van Steelant
Marcus van Steelant, geb. te Hulst [ze] in 1516, Thresaurier Generaal van prins Willem I, ovl. (ongeveer 80 jaar oud) te Delft [zh] op 1 nov 1596.

tr. (resp. ongeveer 36 en ongeveer 20 jaar oud) te Dendermonde [België] op 15 jan 1553
met

Anna Royen, geb. in 1532, ovl. (ongeveer 66 jaar oud) in 1598.

Uit dit huwelijk 2 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anna*1565  †1623 Delft [zh] 58
Philips*1566 Breda [nb] †1623 's-Gravenhage [zh] 56


Anna Royen
Anna Royen, geb. in 1532, ovl. (ongeveer 66 jaar oud) in 1598.

tr. (resp. ongeveer 20 en ongeveer 36 jaar oud) te Dendermonde [België] op 15 jan 1553
met

Marcus van Steelant, geb. te Hulst [ze] in 1516, Thresaurier Generaal van prins Willem I, ovl. (ongeveer 80 jaar oud) te Delft [zh] op 1 nov 1596.

Uit dit huwelijk 2 kinderen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Anna*1565  †1623 Delft [zh] 58
Philips*1566 Breda [nb] †1623 's-Gravenhage [zh] 56


Machteld Tromper
Machteld Adriaensdr Tromper gebleken is dat Adriaen een bastaarddochter had: 20
september 1538: Burgemeesters, schepenen van Rotterdam erkennen schuldig te zijn aan Marytgen, 9 jaar, natuurlijke dochter van Arien Jacobsz. Tromper en Beatrix Gerytsdr, een lijfrente van l pond groot Vlaams, hetwelk levenslang geďnd zal worden door Jacob Pietersz. Tromper en zijn vrouw Adriana Hubrechtsdr, geb. circa 1529.

tr.
met

Frans Corneliszn. Kievit.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Margriete  1651 Rotterdam [zh]  


Clara Buytenwech
Clara Gerardsdr. Buytenwech.

tr.
met

Willem Jansz. van Melissant heer van Melissant, zn. van Jan Willemszn van Melissant en Marritge Jansdr. van Zoelen, geb. circa 1545, burgemeester van Rotterdam vroedschap 1579-1609,
schepen 1568, 1597, boonheer 1581-1583, 1609, gedeputeerde ter Dagvaart 1585, 1587,
1591, 1593, 1595-1596, weesmeester 1593-1594, 1603, burgemeester 1595-1596, tresorier
1598, hoogheemraad van Schieland, ovl. (ongeveer 64 jaar oud) te Rotterdam [zh] op 27 aug 1609, tr. (1) met Margriet Dircksdr van Nuyssenburgh. Uit dit huwelijk een zoon.


Jannigje Romijn
Jannigje Romijn.

tr. (Paulus hoogstens 40 jaar oud) voor 1771
met

Paulus Dirkszn Vreeswijk, geb. te Hoornaar [zh], ged. te Hoornaar [zh] op 3 jun 1731, tr. (2) met Teuntje Hormans. Uit dit huwelijk 2 dochters.


Helena Vreeswijk
Helena Vreeswijk, geb. te Hoornaar [zh] op 1 mrt 1772, ged. te Hoornaar [zh] op 8 mrt 1772, naaister, ovl. (77 jaar oud) te Giessen-Nieuwkerk [zh] op 1 aug 1849.

tr, kerk.huw. (resp. 29 en ongeveer 32 jaar oud) te Hoornaar [zh] op 17 jan 1802
met

Dirk Mennekesz Schakel, ged. te Hoornaar [zh] op 22 okt 1769, ovl. (ongeveer 52 jaar oud) te Hoornaar [zh] op 14 okt 1822.


Dirk Schakel
Dirk Mennekesz Schakel, ged. te Hoornaar [zh] op 22 okt 1769, ovl. (ongeveer 52 jaar oud) te Hoornaar [zh] op 14 okt 1822.

tr, kerk.huw. (resp. ongeveer 32 en 29 jaar oud) te Hoornaar [zh] op 17 jan 1802
met

Helena Vreeswijk, dr. van Paulus Dirkszn Vreeswijk en Teuntje Hormans, geb. te Hoornaar [zh] op 1 mrt 1772, ged. te Hoornaar [zh] op 8 mrt 1772, naaister, ovl. (77 jaar oud) te Giessen-Nieuwkerk [zh] op 1 aug 1849.


Justus de Nobelaer
Justus de Nobelaer Hij was Heer van Burgst en Grijsoord. Deze had hij geerfd van zijn vader. Justus kwam uit een steenrijke katholieke familie te Den Haag. Hij is in het bezit van een wapen. Zijn vader had 16 april 1630 een omwaterd landhuis met bijbehorende landerijen in Etten gekocht van Christoffel van Etten en Justus woonde/verbleef in Etten sinds 1665. Hij deed veel voor de katholieke zielszorg en de sociale omstandigheden van de plaatselijke bevolking. Volgens de Haagse Cohieren van 1674 had hij een vermogen van fl. 112.000,- en woonde hij in Het Kerckhoff, zuydt te Den Haag. Volgens de Leidse Lasten van 1674 werd op zijn naam een aanslag opgelegd en het vermogen was fl. 117.000,- en voor de kinderen werd een vermogen van fl 137.000,- vastgesteld. Zijn woning "Huis De Nobelaer" was een wellust voor het oog zowel van binnen als er buiten. (Zie "Huis de Nobelaer"). Justus was ook een kunstliefhebber en deed daarom een verzoek aan de Bredase kunstschilder N.Steenwijk om een schilderij voor hem te maken. Maar helaas kwam het er niet van; (De schatrijk Heer, genaamd Nobelaar, die een huis als een paleis had en een á twee Godshuizen had gesticht in het dorp Etten buiten Breda, zag toevallig een werk van Steenwijk, die hem zo beviel, dat hij de schilder liet opzoeken in alle kroegen en kotten om met hem te spreken. Eindelijk vonden hem de knechts in een opvanghuis voor bedelaars op het Nonnenveld, de verachtelijke hoek binnen Breda, die hem met kracht en geweld meesleurden naar het huis van een krijgskolonel, bij wie de Heer Nobelaar benevens andere Heren was verzocht te eten. Het gezelschap stond te kijken van het gezicht van de verplukten kunstenaar, die er uitzag als een halfgehangen Biendief en die de beleefdheid niet eens had om de Heren te groeten. De voornoemde Heer vroeg hem of hij die persoon was die dat tafereel, dat hij hem uitduidde had geschilderd. Waar op hij meteen nors antwoordde: “Ja, dat heb ik geschilderd”. “Wil je enige schilderijen voor me schilderen op mijn buitenplaats”, herhaalde die Heer “Ik zal je rijkelijk betalen per dag of bij het uur, zeg maar hoe dat je het begeert te stellen”? “ Wel bij het uur, want ik kan niet lang op mijn geld wachten”, gromde dat ondier tussen zijn tanden en Nobelaar repliceerde edelmoedig: “Ik zal je voor ieder uur schilderen een dukaton betalen en daar benevens de eerste tafel van mijn huisbedienden geven”. Het gehele gezelschap verwonderde zich over die milddadige presentatie, uitgezonderd die kanauleuze guit, die beestachtig antwoordde: “ Ik wil me niet laten dwingen als een hond om voor een dukaton per uur voor iemands plezier te schilderen”. De overste werd zo dol, dat hij in die rechte gemoedsbeweging aan een paar lakeien bevel gaf om dat beest met een paar honden lantarens, bij de Nederlanders rottingen gedoopt, buiten de eetzaal en vervolgens tot op de straat toe uit te lichten. Naderhand verviel hij zodanig dat hij oud, arm en ziekelijk zijnde langs de huizen ging bedelen, zingende het onderstaande Kerstliedje: Kerstnacht schoonder als de dagen, Hoe kan Herodes 't licht verdragen. (Bron:"De levensbeschrijvingen der Nederlandse Kunstschilders" door Jacob Campo Weyerman in 1729). Hij is nimmer gehuwd geweest met Beatrix van Heussen, zoals beweerd wordt. Zij had bij codicile op 19 mei 1647 te Leiden bepaald: Indien haar dochter kinderloos zou overlijden, een bedrag van 25.000 gulden en de opbrengst van haar landerijen te Noordwijk, Noorwijkerhout en Voorhout bestemd waren voor het bouwen van een hofje voor dertien arme vrouwen en het onderhoud ervan. Zijn zoon Jan Louis, die de opdracht hiervoor had gekregen was reeds op dat moment overleden. Hij nam deze taak van hem over en hij liet het Paulushofje op eigen grond bouwen aan de Markt te Etten. Hij bouwde echter een hofje met zestien huisjes in plaats van dertien huisjes. Justus was vicaris van 1681 t/m 1685.
Boven de ingang van het Paulushofje is een steen met de navolgende tekst:
Ter eeren Godts en van Godts uytverkoren Vat
Sint Paulus, tot gebruyck van dertien arme vrouwen
Hr. Joost de Nobelaer dit Godtshuis heeft doen bouwen
Gelijck Vrouw Beatrix van Heussen eertijds hadt
Sijn soon Heer Jan Louis belast bij codicilie
Die sijnde door de doodt van dat te doen belet,
Voldeed sijn vader dus aan beyder goede wille
En gaf de grondt van ’t sijn, daarop is geset
Justus had als grote hobby het zaaien, mesten, kweken en begieten van uitheemse bomen en planten in ons Nederlands koud klimaat. Zijn tuin en orangerie genoot grote bekendheid.
Het kasteel en het Paulushofje werd in 1685 geerfd door de kinderen van zijn achterneef Willem de Nobelaer. De zoon Justus van Willem de Nobelaer erfde het Paulushofje, maar was op dat moment nog minderjarig. Zijn moeder deed de beheerstaak als voogd.
(Bron: http://www.inevanmeer.nl/nobelaer/index.html)
Hij is begraven in de kerk naast het gemeentehuis te Etten. In de “Beschrijving van de Vrije Heerlijkheid Etten, Leur en Sprundel” schrijft Pieter Nuyts hier het volgende over: “Behalve die van de oud-secretaris Johan Dirven en schepen dijkgraaf en stokhouder Pieter Dirven, heeft in 1672 ook de edele heer Justus de Nobelaer, heer van Burgst en Grijsoord, in het verlengde van de eerst genoemde, op de plaats waar nu de preekstoel staat, een zeer fraaie kelder als begraafplaats laten maken met vooralsnog alleen maar het opschrift: OSTIUM MONUMENTI (toegang tot de grafkelder)
Omstreeks 1680 besloot de kerkenraad de vloer, die in slechte staat verkeerde, te repareren. Dit kwam de erfgenaam Roelof van Arkel, een zoon van de zuster Maria van Justus de Nobelaer, ter ore. Van hem bevindt zich een brief in het archief waarvan het begin luidt: “Bij verlijden van Saliger mijnheer ende oom Justus de Nobelaer is mijn als eenich universeel erfgenaam aenkomstich en toebehoorende seekere gemetselde graftkelder in de kerk op de hoge Choor, en also niet geernes oude sien, dat hetselve bij imant weerde geďnuardeert ofte gebruickt buyten mijnenen de weten”. Hij verzoekt voorzieningen te treffen, dat de grafkelder in goede staat blijft en niet zonder zijn medeweten wordt geopend.
Mensen, die bij de restauratie van de kerk in 1957 betrokken waren, bevestigen dat de grafkelder nog in goede staat verkeerde. Zij bestond uit vier gemetselde muren, waarop de grafsteen was gelegd. Op de bodem van het graf bevonden zich de skeletten van drie personen.
(Bron: http://www.inevanmeer.nl/nobelaer/index.html), ged. te Rotterdam [zh] R.K. Oppert Rotterdam op 19 mrt 1627 (getuigen: Adriana Hanneman en Cornelis Nobelaer), ovl. (ongeveer 40 jaar oud) op 28 aug 1667 ongehuwd.


Zacharias de Nobelaer
Zacharias de Nobelaer heer van Uytwijk, ovl. op 4 mrt 1655.

tr. op 23 okt 1653
met

Catharina van Osseweert, ovl. te Brussel [België] op 19 aug 1662, tr. (2) op 10 okt 1658 met Philippus Ignatius de Rifflart. Uit dit huwelijk geen kinderen.


Catharina van Osseweert
Catharina van Osseweert, ovl. te Brussel [België] op 19 aug 1662.

tr. (1) op 23 okt 1653
met

Zacharias de Nobelaer heer van Uytwijk, zn. van Johan de Nobelaer en Margaretha van Melissant, ovl. op 4 mrt 1655.

tr. (2) op 10 okt 1658
met

Philippus Ignatius de Rifflart.


Dirk de Nobelaer
Dirk de Nobelaer, ged. te Rotterdam [zh] op 2 mrt 1629 (getuigen: Jacobus Johannes en Liduina Muijs), ovl. (ongeveer 41 jaar oud) op 25 aug 1670 ongehuwd.