tr.
met
Alida Reiniersdr. Pauw van Nieuwerkerk, dr. van Reinier Pauw en Adriana Jonckheijn, geb. te Amsterdam [nl] in 1649, ovl. (ongeveer 89 jaar oud) te Delft [zh] in 1738.
Uit dit huwelijk 5 kinderen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Catrijn | *1675 | †1762 | 87 | 1 | 1 | ||
| 2 | Gasper | *1679 | 's-Gravenhage [zh] | †1726 | 's-Gravenhage [zh] | 47 | 1 | 0 |
| 3 | Anna | *1680 | 's-Gravenhage [zh] | †1744 | Kleef [Duitsland] | 64 | 1 | 9 |
| 4 | Reinier | ~1682 | 's-Gravenhage [zh] | †1719 | 's-Gravenhage [zh] | 37 | 1 | 0 |
| 5 | Johanna | *1688 | 's-Gravenhage [zh] | †1713 | 's-Gravenhage [zh] | 25 | 1 | 1 |
tr.
met
Anthony Gunther van Kinschot, zn. van Gaspar van Kinschot en Catharina Sweerts de Weert, geb. te 's-Gravenhage [zh] op 4 mei 1638, ovl. (61 jaar oud) op 9 feb 1700.
Uit dit huwelijk 5 kinderen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Catrijn | *1675 | †1762 | 87 | 1 | 1 | ||
| 2 | Gasper | *1679 | 's-Gravenhage [zh] | †1726 | 's-Gravenhage [zh] | 47 | 1 | 0 |
| 3 | Anna | *1680 | 's-Gravenhage [zh] | †1744 | Kleef [Duitsland] | 64 | 1 | 9 |
| 4 | Reinier | ~1682 | 's-Gravenhage [zh] | †1719 | 's-Gravenhage [zh] | 37 | 1 | 0 |
| 5 | Johanna | *1688 | 's-Gravenhage [zh] | †1713 | 's-Gravenhage [zh] | 25 | 1 | 1 |
tr. (resp. ongeveer 20 en ongeveer 17 jaar oud) op 29 nov 1629
met
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Johan | *1642 | †1733 | 's-Hertogenbosch [nb] | 90 | 2 | 3 |
tr. (resp. ongeveer 17 en ongeveer 20 jaar oud) op 29 nov 1629
met
Godfried van Friesheim, zn. van Johan van Friesheim en Maria van Wachtendonk, geb. in 1609, generaal kolonel van een regiment keizerlijke kurassiers, ovl. (ongeveer 63 jaar oud) in 1672.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Johan | *1642 | †1733 | 's-Hertogenbosch [nb] | 90 | 2 | 3 |
tr.
met
Johan Theodoor van Friesheim Na eerst als page van Prins Willem III dienst te hebben gedaan, werd hij den 27sten April 1665 vaandrig in het infanterie regiment Nieuwland, en doorliep verder alle rangen in het Nederlandsche leger, werd in 1689 Kolonel, in 1695 Brigagadier, in 1701 Generaal Majoor, in 1704 Luitenant-Generaal en in 1718 Generaal der infanterie.
Van dezen krijgsman is tot heden weinig bekend. Als Kapitein nam hij deel aan den oorlog van het jaar 1672 en later, en verder aan alle krijgsverrigtingen onder Koning Willem III. Als Generaal Majoor onderscheidde hij zich in
[p. 253]
1702 in het gevecht bij Ekeren, en vertrok in 1704 met den Luitenant-Generaal François Nicolaas Baron Fagel naar Portugal. Hij voerde op den 24sten April 1707 het bevel over het Nederlandsche voetvolk in den noodlottigen veldslag bij Almanza, en ofschoon zijne soldaten wonderen van dapperheid bedreven werden zij echter grootendeels vernield.
Uit Portugal teruggekeerd, waar hij na Fagel's vertrek het bevel over de Nederlandsche troepen gevoerd had, heeft hij het vaderland nog lange jaren gediend. Hij werd den 15den Februarij 1709 Gouverneur van Heusden en later van 's Hertogenbosch. In 1725 was hij eigenaar geworden van het regiment gardes te voet. Hij overleed te 's Hertogenbosch den 23sten Maart 1733, en werd te Heusden in de Hervormde kerk begraven onder eene prachtige graftombe, die hij daar bij zijn leven had opgerigt. Hij was gehuwd in 1678 met Anna Hesselt van Dinter en na haren dood met Elisabeth Doys. Hij verwekte uit zijn eerste huwelijk drie kinderen, als:
1o. Godfried, Baron van Friesheim, geboren den 11den November 1679, was Kolonel van een regiment infanterie en overleed den 5den September 1742. Hij liet bij zijne vrouw Charlotte Baronnesse Wilke een zoon en eene dochter na.
2o. Johan Frederik, Baron van Friesheim, geboren den 5den Augustus 1683, was Luitenant-Kolonel der infanterie en overleed te 's Gravenhage den 25sten Mei 1747. Hij was gehuwd in 1712 met Alida Johanna, Baronnesse van Leyden, in 1722 met Arnoldina Cornelia van Beaumont, in 1737 met Marie Aimée de Rapin Thoiras. Uit zijn eerste huwelijk liet hij na een zoon, Johan Theodoor, auditeur der domeinen van Oranje en later Kapitein der infanterie, en uit zijn derde huwelijk een zoon Johan Fredrik Godfried, geboren te 's Gravenhage, eerst page van den Prins van Oranje en daarna sedert 1753 Luitenant der infanterie. Op zijn verzoek eervol ontslagen, vestigde hij zich te Haarlem, alwaar hij in 1763 tot Commissaris van de kleine bank van justitie werd benoemd, en vervolgens Schepen werd in 1769, in 1771 Raad in de vroedschap en in 1772 Meesterknaap van de domeinen van Brederode. Hij was in 1760 gehuwd met Emerentia Helena van Jever, waarbij hij drie kinderen verwekte. Hij stierf den 2den Maart 1776.
3o. Catharina, Baronnesse van Friesheim, gehuwd met Willem Maurits Doys, die in 1709 bij Malplaquet sneuvelde, en daarna met den Generaal Hendrik Wecke, zn. van Godfried van Friesheim (generaal kolonel van een regiment keizerlijke kurassiers) en Catharina Amia, geb. in 1642, gouverneur van Heusden en 's-Hertogenbosch, ovl. (ongeveer 90 jaar oud) te 's-Hertogenbosch [nb] op 23 mrt 1733, begr. te Heusden [nb] Grote of Catharijnekerk, tr. (1) met Anna Hesselt van Dinther, dr. van Frederik Hesselt van Dinther en Anna de Mortagne de Potel. Uit dit huwelijk 3 kinderen, waaronder.
>
tr.
met
Maarten van Sypestein stamvader van de Haarlemse tak Sypestein, zn. van Evert Lambertszn. van Sypestein en Geertruid Hoyer, geb. in 1537, ovl. (ongeveer 77 jaar oud) in 1614, tr. (1) met Beatrix Schade van Westrum, dr. van Willem Schade van Westrum en Hendrica van Zuijlen van Nijevelt. Uit dit huwelijk 3 zonen.
>
tr. in 1529
met
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Maarten | *1537 | †1614 | 77 | 2 | 3 |
tr. in 1529
met
Evert Lambertszn. van Sypestein.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Maarten | *1537 | †1614 | 77 | 2 | 3 |
tr. (resp. 25 en ongeveer 19 jaar oud) (1) te 's-Gravenhage [zh] op 29 mei 1707
met
Margaretha Helena van Kaldenbach, geb. in 1687, ovl. (ongeveer 28 jaar oud) in 1715.
Uit dit huwelijk 3 kinderen, waaronder:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Quirina | *1708 | Alkmaar [nh] | †1774 | 66 | 1 | 1 | |
| 2 | Johan | ~1709 | Lisse [zh] | †1776 | Rijsbergen [nb] | 67 | 1 | 0 |
tr. (resp. 34 en 21 jaar oud) (2) te Alkmaar [nh] op 8 apr 1716
met
Magdalena Kien, dr. van Nicolaas Kien en Margaretha Harpertsdr Tromp, geb. te Alkmaar [nh] op 8 apr 1695, ovl. (26 jaar oud) te Alkmaar [nh] op 21 dec 1721.
>
tr. (resp. ongeveer 19 en 25 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 29 mei 1707
met
Maarten Adriaan van Sypesteijn, zn. van Maerten van Sypesteijn en Quirina Cornelia Pieterson, geb. te Hillegom [zh] op 4 nov 1681, ovl. (35 jaar oud) te Alkmaar [nh] op 25 jun 1717, begr. te Hillegom [zh], tr. (2) met Magdalena Kien. Uit dit huwelijk geen kinderen.
Uit dit huwelijk 3 kinderen, waaronder:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Quirina | *1708 | Alkmaar [nh] | †1774 | 66 | 1 | 1 | |
| 2 | Johan | ~1709 | Lisse [zh] | †1776 | Rijsbergen [nb] | 67 | 1 | 0 |
tr. (resp. 20 en ongeveer 28 jaar oud) te Oestgeest Oud-Poelgeest op 28 aug 1763 (getuigen: getuige bruidegom: de heer Diderik van Leijden; getuige bruid: vrouwe Johanna Maria Boerhave. De bruidegom wordt aangeduid met: jonkheer en de bruid met: jonkvrouw en met gravinne de Thoms. * en Rijnland
Datum ondertrouw: 11-08-1763)
met
Helenus Willem des H.R. Rijksbaron van Leijden heer van Oostvoorne, Rugge, Oosterland etx, zn. van Diederik des H.R. Rijksbaron van Leijden en Sophia Dina de Rovere, ged. te Leiden [zh] Hooglandse Kerk op 3 jul 1735, ontvanger-gemenelandsmiddelen over Leiden en Rijnland 1763-1791, begr. te Leiden [zh] in mrt 1794.
Helenus van Leijden en Sybilla de Thoms
Bij het overlijden van zijn vader Diderik werd zijn derde zoon Helenus Willem van Leijden (1735 - 1794) eigenaar van de buitenplaats Mildenburg op Oostvoorne. Hij trouwde in 1763 met Sybilla Maria Gravin de Thoms. Zij gebruikten de buitenplaats als zomerverblijf en bewoonden als voornaamste residentie het Rapenburg nr. 6 te Leiden. Ook zij breidden de buitenplaats uit met aankoop van stukken grond in Oostvoorne. In 1794 overleed Helenus Willem van Leijden. Sybilla Maria, als erfgenaam, droeg het beheer en bestuur van de goederen en landerijen in de heerlijkheden op de Zuidhollandse eilanden over aan Hugo van Andel. In 1814 overleed ook Sybilla Maria de Thoms. De erfgenamen besloten de bezittingen uiteindelijk te verkopen.
>
tr. (resp. ongeveer 28 en 20 jaar oud) te Oestgeest Oud-Poelgeest op 28 aug 1763 (getuigen: getuige bruidegom: de heer Diderik van Leijden; getuige bruid: vrouwe Johanna Maria Boerhave. De bruidegom wordt aangeduid met: jonkheer en de bruid met: jonkvrouw en met gravinne de Thoms. * en Rijnland
Datum ondertrouw: 11-08-1763)
met
Sybilla Maria de Thoms, dr. van Frederik graaf de Thoms en Johanna Maria Boerhaave, geb. te Leiden [zh] op 28 nov 1742, ovl. (71 jaar oud) te Leiden [zh] Oud-Poelgeest op 12 jan 1814.
Helenus van Leijden en Sybilla de Thoms
Bij het overlijden van zijn vader Diderik werd zijn derde zoon Helenus Willem van Leijden (1735 - 1794) eigenaar van de buitenplaats Mildenburg op Oostvoorne. Hij trouwde in 1763 met Sybilla Maria Gravin de Thoms. Zij gebruikten de buitenplaats als zomerverblijf en bewoonden als voornaamste residentie het Rapenburg nr. 6 te Leiden. Ook zij breidden de buitenplaats uit met aankoop van stukken grond in Oostvoorne. In 1794 overleed Helenus Willem van Leijden. Sybilla Maria, als erfgenaam, droeg het beheer en bestuur van de goederen en landerijen in de heerlijkheden op de Zuidhollandse eilanden over aan Hugo van Andel. In 1814 overleed ook Sybilla Maria de Thoms. De erfgenamen besloten de bezittingen uiteindelijk te verkopen.
>
tr.
met
Mechteld .
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Catharina | †1529 | 1 | 1 |
tr.
met
Helmich Jacobsz van Twenhuijsen, schepen en burgemeester van Zwolle tussen 1463 en 1480.
Uit dit huwelijk een dochter:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Catharina | †1529 | 1 | 1 |
tr.
met
Cathelijne Bolles, ovl. te Londen [Verenigd Koninkrijk] kort na 1 jul 1591, tr. (2) met Wolphert van Bijler. Uit dit huwelijk geen kinderen.
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Fabiaen | *1584 | Antwerpen [b, België] | 1637 | 's-Gravenhage [zh] | 53 | 1 | 6 |
tr. (1)
met
Cathelijne Bolles, ovl. te Londen [Verenigd Koninkrijk] kort na 1 jul 1591, tr. (1) met Fop Gijsbrechtstsz zich noemende Fabiaen van Vliet na zijn vestiging te Antwerpen. Uit dit huwelijk een zoon.
tr. (2)
met
tr. (3)
met
Anna Willekes, tr. (1) met Thomas Hawkins, lijnwaadkoopman te Antwerpen. Uit dit huwelijk een dochter.
>
tr. (Isaac ongeveer 27 jaar oud) te 's-Gravenhage [zh] op 3 aug 1633
met
Isaac Noirot Isaac Noirot kan worden beschouwd als de grondlegger van het landgoed Ekelenberg. Hij is op 11 december
1605 in Dordrecht gereformeerd gedoopt als zoon van Jaques Noirot (aanvankelijk koopman en reder, later
(1606-1626) rentmeester van de domeinen van de prins van Oranje in Steenbergen en omgeving), en van Paulina
van der Hagen.
293 Jaques Noirot stamt uit een Antwerps koopmansgeslacht. Hij is een zoon van Jan Noirot die
in Antwerpen kassier was van de koopman Jan della Faille. Zijn moeder was Hester van Eeckeren. Van dit paar
zijn negen kinderen bekend, waaronder Melchior en Balthasar Noirot die beide in Venetië werkzaam waren als
zaakgelastigden van de Antwerpse firma Della Faille. 294 Jaques Noirot was aanvankelijk in Antwerpen
werkzaam als knecht van Jacques della Faille. Na de Val van Antwerpen woonde hij onder meer in Amsterdam,
Middelburg en Dordrecht. Rond 1606 vestigde hij zich in Steenbergen, waar hij spoedig als schepen lid werd van
de magistraat. Als rentmeester van de domeinen behartigde hij daar de zakelijke belangen van het huis van
Oranje-Nassau. In Steenbergen en omgeving bezat dit huis veel grond. De rentmeester die met het beheer
daarvan was belast verrichtte deze taak ook in Roosendaal en Nispen. 295 Jaques Noirot moet in de hofkring van
de Oranje-Nassau’s bekend zijn geweest, anders was de belangrijke rentmeestertaak aan hem niet toevertrouwd.
Hij overleed in de periode 1 oktober 1625 tot 30 september 1627, vermoedelijk in het jaar 1626. 296 Isaac Noirot had twee broers: Daniel (hij was rentmeester van de domeinen te Steenbergen en Roosendaal en Nispen in de
periode 1634-1646 en was gehuwd met Cornelia van Asperen) en Jaques (die in 1629 in Venetië woonde, net
zoals zijn oom Melchior). 297 Isaac Noirot was in 1629 secretaris van de Weeskamer te Steenbergen, secretaris
van de stad Steenbergen (vermeld in o.m. 1634 en 1636) en penningmeester van de polder van De Heen in
1638. 298Als opvolger van zijn broer (en in de voetsporen van zijn vader) was hij in de periode 1647-1665
rentmeester van de domeinen te Steenbergen, Roosendaal en Nispen. 299 Voorts was hij in de periode 1643-1678 rentmeester van de geestelijke goederen van Steenbergen, Roosendaal en Nispen. 300 Op 23 februari 1636
breidde hij zijn grondbezit in het Oudland te Steenbergen uit door de koop van een weiland, 404 roeden groot,
gelegen in “de Crabbe”, gekocht van Cornelis Cornelissen Padtmos en eerder eigendom van Adriaen Jansen
Nellen.
301 Omstreeks 1660 had hij zich in Steenbergen ontwikkeld tot een grootgrondbezitter, met in Kruisland
132 gemeten en 171 roeden, in het Nieuw Cromwiel 11 gemeten en 43 roeden en in het Oudland 9 gemeten en 7
roeden. 302 In 1665 werd zijn onroerend goed te Steenbergen geschat op een waarde van fl. 15.000. 303
Vanaf 1637 maakte hij als schepen deel uit van de magistraat van de stad Breda. Hij vervulde daar in de jaren
1654-1657 ook de functie van burgemeester. Op 12 november 1639 werd hij benoemd tot opziender van de
fortificatiën en aardewerken aldaar. 304 Op 3 augustus 1633 huwde hij in Den Haag met Elisabeth van Vliet,
dochter van Fabiaen van Vliet (o.m. raadsheer van de Raad en het Leenhof van Brabant in 1627) en Susanna van
Valkenburg. Uit dit huwelijk kwamen zes kinderen voort. 305
In 1642 kocht Isaac Noirot het landgoed “Coeckelberg” onder Ginneken waarop hij een huis liet bouwen. 306
Over de naamgeving van het landgoed ontstond bij verkoop in 1668 een geschil toen werd betwist of het mocht
worden betiteld als een “heerlijk leen van Coeckelberg”. 307 De echtgenote van Isaac Noirot werd in Breda
begraven op 19 maart 1672 en Isaac op 28 november 1680, beiden in de Grote Kerk aldaar, zn. van Jacques Noirot en Paulina van der Hagen, geb. te Steenbergen [nb], ged. te Dordrecht [zh] op 11 dec 1605, rentmeester en burgemeester van Breda, begr. te Breda [nb] op 28 nov 1680.
Uit dit huwelijk 6 kinderen, waaronder:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Susanna | 1 | 1 |
tr.
met
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Isaac | ~1605 | Steenbergen [nb] | 1680 | Breda [nb] | 74 | 1 | 6 |
tr.
met
Uit dit huwelijk een zoon:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Isaac | ~1605 | Steenbergen [nb] | 1680 | Breda [nb] | 74 | 1 | 6 |
tr. te Veessen [ge] op 19 apr 1714
met
Judith Maria Ignatia van Dorth tot Medler vrouwe van 't Medler, dr. van Hendrik Willem van Dorth en Catharina Maria van Twickelo, ovl. te Vorden [ge] op 7 jul 1770.
Uit dit huwelijk 2 kinderen:
| naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen | |
| 1 | Theodorus | *1716 | Bussloo [ge] | †1789 | Vorden [ge] | 72 | 1 | 3 |
| 2 | Georgia | ~1727 | Twello [ge] | 1 | 1 |