Ghijsbrecht Heereman van Zuydtwijck
Ghijsbrecht Heereman van Zuydtwijck Het archief der familie van Brienen bestaat eigenlijk uit twee delen, dat betreffende de familie van Brienen zelf en dat van de familie Heereman van Zuytwijck. Van deze beide is dat van de familie Heereman van Zuytwijck het oudste, reden om daarmede te beginnen.
Het geslacht Heereman was reeds in de eerste helft van der 16e eeuw te Amsterdam gevestigd. In een inleiding op de inventaris van het familiearchief wordt melding gemaakt van Maria Heermansdochter die met een zekere Gijsbrecht huwde.Heereman Gijsbrechtszoon trouwt in 1552 Jacobje Jacobsdr Bam, hun jongste zoon Claes (1562-1650) zette het geslacht voort. Van diens vele zonen uit het huwelijk met Volckje Vastardsdochter kreeg alleen Vastard, die de achternaam Heereman ging dragen, nakomelingschap. De familie Heereman stond medio 17e eeuw te Amsterdam bekend als Roomsgezind en schatrijk. Silvester Heereman huwde in 1636 Anna Dirksdochter van Swieten, weduwe van Joost Boelens.
Zijn zoon Dirk was in 1658 aanwezig bij de kroning van keizer Leopold te Frankfurt en werd bij deze plechtigheid in de adelstand verheven. Dirk huwde in 1660 Anna Maria Ramp van Rolland, dochter van Andries (uit een Rooms-Katholiek Haarlems geslacht) en Cornelis Panser. Hun zoon mr Frederik Jacob Heereman maakte aantekeningen over zijn vader en zijn oom Johan. Frederik Jacob huwde in eerste echt met Agatha Maria van der Goes, welk huwelijk gezegend werd met een zoon Sylvester Andreas. Hij hertrouwde met Elisabeth Catharina van Scherpenseel tot Rumpt, vrouwe van de heerlijkheid Lisse en het aldaar gelegen huis Dever.Als hun kinderen worden in 1771 genoemd: Agatha Barbara, Francois Ernestus Hyacinth, Theodora Johanna Ignatia, Dirk Johan Heer van Dever en Lisse, Frederik William oud Heer van Oudegijn en Anna Hester. Francois Ernestus Hyacinth huwde in 1755 Maria Anna von Wrede-Melschede. Hun kinderen waren o.a.: Maria Alexandrine gehuwd met de Heer von Kerkering zu Borg te Munster; Theodoor Joseph Louis Vincent wonende te Keulen; Engelbert Antoine Aloys Cyriac gehuwd met Ferdinandine von Haxthausen. De kinderen van Theodoor Joseph Louis Vincent huwden met leden van de Duitse adel.
De heerlijkheid Zuidwijk - niet Wassenaar en Zuidwijk - maar een kleine heerlijkheid aan de Gouwe bij Boskoop - werd verlijd aan: Silvester Heereman bij opdracht van de gestelde curateurs van Gualterus van Halewijn, 1656 december 21. Dirk Heereman bij dode van zijn vader Silvester, 1674 oktober 25. Frederik Jacob Heereman bij dode van zijn vader Dirk, 1679 juni 22. Francois Ernestus Hyacinth Heereman bij dode van zijn vader Frederik Jacob, 1746 maart 14. Theodoor Joseph Louis Vincent Heereman bij dode van zijn vader Francois Ernestus Hyacinth bij dode van zijn vader, 1781 april 6. Volgens het aardrijkskundig Woordenboek van van der Aa was zij in 1851 in het bezit van (Matthias Alexander en zijn nakomelingen) Heereman wonende te Surenberg bij Munster. Matthias Alexander was een kleinzoon van Frederik William oud Heer van Oudegijn, een broeder van Francois Ernestus Hyacinth Heereman. Het deel van het familiearchief Heereman van Zuidwijk dat zich in het Algemeen Rijksarchief bevindt (de renteboeken, de inventarissen der nalatenschappen, de stukken betreffende het onroerend bezit zijn grotendeels nog te Surenberg gebleven) is afkomstig uit het kasteel Surenberg in Westfalen. In de verzameling Iconografia Batava bevinden zich 18 portretten van leden der familie Heereman. Zij hadden over hun goederen in Nederland beheerders aangesteld: Schonenberg over hun goederen bij Amsterdam, Nieuwer-Amstel en Edam: Schiefbaan over hun goederen te Monster en Den Haag; Rooselaar over hun bezit te Schoten en Schotervlielant; Zulb over hun land in de polder de Zijpe en de Huyswaarder polder bij Alkmaar.
In 1818 werden de goederen te Schoten en Schotervlielant, de bezittingen aan de Amsteldijk, onder Amstelveen, te Osdorp, Ouder-Amstel, Ouderkerk, Monster, Alkmaar, Heilo, In de Zijpe, Limmen, Castricum en Bergen verkocht. Van de opbrengst ging de helft naar de erfgenamen van Francois Ernestus Hyacinth en de andere helft naar Matthias Alexander Heereman. In 1820 verkopen de erfgenamen van Francois Ernestus Hyacinth aan Matthias Alexander hun helft in de erfpachten ten laste van het vroegere graafschap Megen; uit de sluis en visserij te Edam; uit 9 morgen 475 roeden onder Monster; uit Zorgvliet buiten Den Haag een eeuwige erfrente groot 25 gld 18 st. ten laste van W.G.F. graaf Bentinck. In 1849 verkoopt Matthias Alexander de woning aan de hoek van het Loopveld aan de Amsteldijk, Bonte Botterskamer aan de Amsteldijk, bezittingen onder Amstelveen en Achthoven. Tussen 1847 en 1852 werd het grootste deel van de bezittingen in Nederland door Matthias Alexander verkocht. Van 1821-1851 was de advocaat van der Horst in Den Haag algemeen beheerder van de bezittingen in Nederland geweest. In het familiearchief Heereman van Duidwijk wordt de naam van Brienen niet aangetroffen als koper van bezittingen. Toch moet dit wel het geval zijn geweest, daar een verwantschap tussen de beide Katholieke families niet valt aan te wijzen.
tr. te Amsterdam [nl] op 17 jan 1552
met
Jacoba Jacobsdr. Bam, begr. te Amsterdam [nl] op 28 dec 1569.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Claes | *1562 | | †1650 | | 88 | 1 | 3 |
>
Jacoba Bam
Jacoba Jacobsdr. Bam, begr. te Amsterdam [nl] op 28 dec 1569.
tr. te Amsterdam [nl] op 17 jan 1552
met
Ghijsbrecht Heereman van Zuydtwijck Het archief der familie van Brienen bestaat eigenlijk uit twee delen, dat betreffende de familie van Brienen zelf en dat van de familie Heereman van Zuytwijck. Van deze beide is dat van de familie Heereman van Zuytwijck het oudste, reden om daarmede te beginnen.
Het geslacht Heereman was reeds in de eerste helft van der 16e eeuw te Amsterdam gevestigd. In een inleiding op de inventaris van het familiearchief wordt melding gemaakt van Maria Heermansdochter die met een zekere Gijsbrecht huwde.Heereman Gijsbrechtszoon trouwt in 1552 Jacobje Jacobsdr Bam, hun jongste zoon Claes (1562-1650) zette het geslacht voort. Van diens vele zonen uit het huwelijk met Volckje Vastardsdochter kreeg alleen Vastard, die de achternaam Heereman ging dragen, nakomelingschap. De familie Heereman stond medio 17e eeuw te Amsterdam bekend als Roomsgezind en schatrijk. Silvester Heereman huwde in 1636 Anna Dirksdochter van Swieten, weduwe van Joost Boelens.
Zijn zoon Dirk was in 1658 aanwezig bij de kroning van keizer Leopold te Frankfurt en werd bij deze plechtigheid in de adelstand verheven. Dirk huwde in 1660 Anna Maria Ramp van Rolland, dochter van Andries (uit een Rooms-Katholiek Haarlems geslacht) en Cornelis Panser. Hun zoon mr Frederik Jacob Heereman maakte aantekeningen over zijn vader en zijn oom Johan. Frederik Jacob huwde in eerste echt met Agatha Maria van der Goes, welk huwelijk gezegend werd met een zoon Sylvester Andreas. Hij hertrouwde met Elisabeth Catharina van Scherpenseel tot Rumpt, vrouwe van de heerlijkheid Lisse en het aldaar gelegen huis Dever.Als hun kinderen worden in 1771 genoemd: Agatha Barbara, Francois Ernestus Hyacinth, Theodora Johanna Ignatia, Dirk Johan Heer van Dever en Lisse, Frederik William oud Heer van Oudegijn en Anna Hester. Francois Ernestus Hyacinth huwde in 1755 Maria Anna von Wrede-Melschede. Hun kinderen waren o.a.: Maria Alexandrine gehuwd met de Heer von Kerkering zu Borg te Munster; Theodoor Joseph Louis Vincent wonende te Keulen; Engelbert Antoine Aloys Cyriac gehuwd met Ferdinandine von Haxthausen. De kinderen van Theodoor Joseph Louis Vincent huwden met leden van de Duitse adel.
De heerlijkheid Zuidwijk - niet Wassenaar en Zuidwijk - maar een kleine heerlijkheid aan de Gouwe bij Boskoop - werd verlijd aan: Silvester Heereman bij opdracht van de gestelde curateurs van Gualterus van Halewijn, 1656 december 21. Dirk Heereman bij dode van zijn vader Silvester, 1674 oktober 25. Frederik Jacob Heereman bij dode van zijn vader Dirk, 1679 juni 22. Francois Ernestus Hyacinth Heereman bij dode van zijn vader Frederik Jacob, 1746 maart 14. Theodoor Joseph Louis Vincent Heereman bij dode van zijn vader Francois Ernestus Hyacinth bij dode van zijn vader, 1781 april 6. Volgens het aardrijkskundig Woordenboek van van der Aa was zij in 1851 in het bezit van (Matthias Alexander en zijn nakomelingen) Heereman wonende te Surenberg bij Munster. Matthias Alexander was een kleinzoon van Frederik William oud Heer van Oudegijn, een broeder van Francois Ernestus Hyacinth Heereman. Het deel van het familiearchief Heereman van Zuidwijk dat zich in het Algemeen Rijksarchief bevindt (de renteboeken, de inventarissen der nalatenschappen, de stukken betreffende het onroerend bezit zijn grotendeels nog te Surenberg gebleven) is afkomstig uit het kasteel Surenberg in Westfalen. In de verzameling Iconografia Batava bevinden zich 18 portretten van leden der familie Heereman. Zij hadden over hun goederen in Nederland beheerders aangesteld: Schonenberg over hun goederen bij Amsterdam, Nieuwer-Amstel en Edam: Schiefbaan over hun goederen te Monster en Den Haag; Rooselaar over hun bezit te Schoten en Schotervlielant; Zulb over hun land in de polder de Zijpe en de Huyswaarder polder bij Alkmaar.
In 1818 werden de goederen te Schoten en Schotervlielant, de bezittingen aan de Amsteldijk, onder Amstelveen, te Osdorp, Ouder-Amstel, Ouderkerk, Monster, Alkmaar, Heilo, In de Zijpe, Limmen, Castricum en Bergen verkocht. Van de opbrengst ging de helft naar de erfgenamen van Francois Ernestus Hyacinth en de andere helft naar Matthias Alexander Heereman. In 1820 verkopen de erfgenamen van Francois Ernestus Hyacinth aan Matthias Alexander hun helft in de erfpachten ten laste van het vroegere graafschap Megen; uit de sluis en visserij te Edam; uit 9 morgen 475 roeden onder Monster; uit Zorgvliet buiten Den Haag een eeuwige erfrente groot 25 gld 18 st. ten laste van W.G.F. graaf Bentinck. In 1849 verkoopt Matthias Alexander de woning aan de hoek van het Loopveld aan de Amsteldijk, Bonte Botterskamer aan de Amsteldijk, bezittingen onder Amstelveen en Achthoven. Tussen 1847 en 1852 werd het grootste deel van de bezittingen in Nederland door Matthias Alexander verkocht. Van 1821-1851 was de advocaat van der Horst in Den Haag algemeen beheerder van de bezittingen in Nederland geweest. In het familiearchief Heereman van Duidwijk wordt de naam van Brienen niet aangetroffen als koper van bezittingen. Toch moet dit wel het geval zijn geweest, daar een verwantschap tussen de beide Katholieke families niet valt aan te wijzen.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Claes | *1562 | | †1650 | | 88 | 1 | 3 |
>
Petrus van Wevelinckhoven
Petrus van Wevelinckhoven licentiaat in de beide rechten, raad van het souverein hof van Gelder te Roermond, geb. te Gorcum in 1636, ged. te Gorcum op 20 feb 1636, ovl. (ongeveer 49 jaar oud) te Roermond [li] in 1685.
tr. (ongeveer 29 jaar oud) te Cuijk [nb] op 20 mrt 1666
met
Maria Clara van der Heijden (van der Heyden), dr. van Everardus van der Heyden en Catharina Claesdr Crebbers, geb. te Cuijk [nb], ovl. te Gorcum op 19 sep 1705, begr. te Gorcum St. Martinuskerk, tr. (2) met Godefridus Graus. Uit dit huwelijk geen kinderen.
Uit dit huwelijk 5 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Joannes | *1667 | Cuijk [nb] | †1719 | Roermond [li] | 52 | 2 | 13 |
| 2 | Henricus | *1669 | Cuijk [nb] | †1742 | Tegelen [li] | 72 | 1 | 11 |
| 3 | Antoinetta | *1671 | Cuijk [nb] | †1750 | 's Heerenberg [ge] | 79 | 1 | 1 |
| 4 | Catharina | *1674 | Roermond [li] | †1733 | Boxmeer [nb] | 59 | 1 | 8 |
| 5 | Joanna | ~1676 | Roermond [li] | | | | 0 | 0 |
>
Maria Clara van der Heijden
Maria Clara van der Heijden (van der Heyden), geb. te Cuijk [nb], ovl. te Gorcum op 19 sep 1705, begr. te Gorcum St. Martinuskerk.
- Vader:
Everardus (Everard) van der Heyden Ontvanger Generaal van Gelre voor de Koning van Spanje, van der Heijden Everhard, Everard ofwel Evert heeft zich geplaatst in Oostenrijks Gelderland en werd op 30 october 1610 beleend met het goed "Holthuysen" onder Gendringen en vernieuwde de eed op 18 juni 1629. Bezat ook het goed of de hofstede "Liefferinck" onder Hengelo en kreeg ook van zijn nicht Mechtelt Everwijn haar aandeel in het goed "to Zelle" aldaar op 6 october 1625. Hij was rentmeester der Domeinen van de Koning van Spanje in de landen van Kessel en Krieckenbeek en ontvanger-generaal in Gelderland, eveneens koninklijk rentmeester van Middelaar in 1626.
Op 20 januari 1642 droegen Everard van der Heyden, Koninklijk Majesteitelijk Rentmeester der landen van Kessel en Krieckenbeeck, en Catharina Crebbers, echtelieden, over aan Johan Crebbers, richterbode te Venray, en Thonisken Wilbers, echtelieden, hun erfgronden en weilanden tegenover en omtrent de Stooter onder de gemeente Venray gelegen.
Op 23 februari 1643 ontvingen de echtelieden Everardus van der Heyden en Catharina Crebbers van Hendrik Adams en diens vrouw Grietgen ter Horst, een erfrente van 15 gulden, jaarlijks vervallende op 15 september, ten laste van de stad Venlo; welke rente Grietgen ter Horst van haar zuster Neesken had geërfd, ovl. voor 13 jan 1652, tr. circa 1652.
tr. (Petrus ongeveer 29 jaar oud) (1) te Cuijk [nb] op 20 mrt 1666
met
Petrus van Wevelinckhoven licentiaat in de beide rechten, raad van het souverein hof van Gelder te Roermond, zn. van Johannes Anthoniszn van Wevelinckhoven (hoogheemraad van het land van Arkel) en Johanna Jansdr. van Nuys, geb. te Gorcum in 1636, ged. te Gorcum op 20 feb 1636, ovl. (ongeveer 49 jaar oud) te Roermond [li] in 1685.
Uit dit huwelijk 5 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Joannes | *1667 | Cuijk [nb] | †1719 | Roermond [li] | 52 | 2 | 13 |
| 2 | Henricus | *1669 | Cuijk [nb] | †1742 | Tegelen [li] | 72 | 1 | 11 |
| 3 | Antoinetta | *1671 | Cuijk [nb] | †1750 | 's Heerenberg [ge] | 79 | 1 | 1 |
| 4 | Catharina | *1674 | Roermond [li] | †1733 | Boxmeer [nb] | 59 | 1 | 8 |
| 5 | Joanna | ~1676 | Roermond [li] | | | | 0 | 0 |
tr. (2)
met
Godefridus Graus.
>
Johannes Galenus Willem Hendrik van Sytzama
Johannes Galenus Willem Hendrik van Sytzama, geb. te Brummen [ge] op 7 nov 1900, ovl. (44 jaar oud) te Brummen [ge] geëxecuteerd door de Duitsers op 13 apr 1945.
tr. (resp. 35 en 21 jaar oud) te Voorst [ge] op 26 mei 1936
met
Theodora Elisabeth van der Feltz, dr. van Albertus Constant van der Feltz en Marie Frédérique Isabelle de Milly van Heiden Reinestein, geb. te Twello [ge] op 3 jun 1914, ovl. (92 jaar oud) te Brummen [ge] op 6 jul 2006.
Uit dit huwelijk geen kinderen
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
>
Theodora Elisabeth van der Feltz
Theodora Elisabeth van der Feltz, geb. te Twello [ge] op 3 jun 1914, ovl. (92 jaar oud) te Brummen [ge] op 6 jul 2006.
tr. (resp. 21 en 35 jaar oud) te Voorst [ge] op 26 mei 1936
met
Johannes Galenus Willem Hendrik van Sytzama, zn. van Maurits Pico Diederik van Sytzama en Henriette Egbertine Colenbrander, geb. te Brummen [ge] op 7 nov 1900, ovl. (44 jaar oud) te Brummen [ge] geëxecuteerd door de Duitsers op 13 apr 1945.
Uit dit huwelijk geen kinderen
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
>
Godefridus Graus
Godefridus Graus.
tr.
met
Maria Clara van der Heijden (van der Heyden), dr. van Everardus van der Heyden en Catharina Claesdr Crebbers, geb. te Cuijk [nb], ovl. te Gorcum op 19 sep 1705, begr. te Gorcum St. Martinuskerk, tr. (1) met Petrus van Wevelinckhoven licentiaat in de beide rechten, raad van het souverein hof van Gelder te Roermond. Uit dit huwelijk 5 kinderen.
>
Adriana van Blootenburg
Adriana van Blootenburg.
tr.
met
Nicolaas Santvoort, geb. in 1649, predikant o.a. te Leerdam voordat ds. Nicolaas Santvoort in 1727 officieel werd afgezet, was hij wellicht al lange tijd niet meer werkzaam in Leerdam. Gegevens uit 1724 vermelden hem als: “predikant te Leerdam, wonende te ’s Hertogenbosch.” Dit verklaart wellicht tevens waarom er in de periode 1714-1727 steeds twee andere predikanten genoemd worden, ovl. (ongeveer 83 jaar oud) in 1732.
Uit dit huwelijk een dochter:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Maria | *1692 | Leerdam [zh] | 1733 | Middelharnis [zh] | 40 | 1 | 1 |
>
Johannes Anthonius Wevelinckhoven
Johannes Anthonius (Johan) Wevelinckhoven (van Wevelinkhoven), ged. te Rotterdam [zh] statie Slijkvaart op 6 mei 1701 (getuigen: Johannes van Wevelinckhoven en Cunegonda Riedinger).
tr. (ongeveer 32 jaar oud) (1) te Gorinchem [zh] in 1733
met
Ida Agnes Vloers, ovl. te Gorinchem [zh] in 1760.
tr. (resp. ongeveer 61 en ongeveer 36 jaar oud) (2) te Breda [nb] op 14 feb 1763
met
Catharina Elisabeth Josepha Montens, dr. van Cornelis Ludovicus Montens (advocaat te Breda, dijkgraaf polder) en Maria Francisca van Dunne, ged. te Breda [nb] op 4 nov 1726 (getuigen: peter: Petrus Stickers en getuige: Petrus Gerardus Montens; naam meter: Margaretha van den Aulant en naam van de getuige Catharina Stickers), ovl. (ongeveer 60 jaar oud) in 1787.
>
Cornelius Petrus Wevelinckhoven
Cornelius Petrus Wevelinckhoven, ged. te Rotterdam [zh] statie Slijkvaart op 11 feb 1704 (getuigen: Cornelius Petrus van Wevelinckhoven en Cunegonda Riedinger).
>
Hendrik Balthasar Wevelinckhoven
Hendrik Balthasar Wevelinckhoven, ged. te Rotterdam [zh] statie Slijkvaart op 23 sep 1707 (getuige: Johannes Adrianus van Wevelinckhoven), ovl. (63 jaar oud) vermoedelijk 1771.
>
Adrianus Cornelis van Wevelinckhoven
Adrianus Cornelis van Wevelinckhoven, ged. te Rotterdam [zh] statie Slijkvaart op 22 nov 1712 (getuigen: Johannes Santvoort en Maria Anna van Wevelinckhoven), begr. te St. Oedenrode [nb] op 28 sep 1761.
tr. (resp. ongeveer 34 en ongeveer 22 jaar oud) vermoedelijk te 's-Hertogenbosch [nb] op 22 dec 1746
met
Anna Theresia van Boxtel, dr. van Adriaan van Boxtel en Mechtildis Theodora van Ingen, ged. te 's-Hertogenbosch [nb] op 15 okt 1724, ovl. (minstens 42 jaar oud) na 1767.
Uit dit huwelijk 2 zonen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Henricus | ~1747 | St. Oedenrode [nb] | †1827 | Mannheim [Duitsland] | 79 | 1 | 1 |
| 2 | Carolus | ~1759 | St. Oedenrode [nb] | †1835 | Wolfskuhlen [Duitsland] | 76 | 1 | 2 |
>
Maria Ignatia Theresia Osy
Maria Ignatia Theresia Osy, ged. te Rotterdam [zh] op 23 okt 1746 Doop rooms-katholiek Leeuwenstraat, Rotterdam, archief 1-02, inventarisnummer 160, 23 oktober 1746 (getuigen: Johannes Anthonius van Wevelinckhoven en Maria Ignatia Santvoort).
- Vader:
Johannes Osy heer van Palenstein en Zegwaard, zn. van Johan Osy Sr. (wijnkoper te Rotterdam) en Barbara van Steendijk, geb. in 1699, ged. te Rotterdam [zh] Doop rooms-katholiek / oud-katholiek Oppert; Trouw rooms-katholiek / oud-katholiek Oppert, Rotterdam, archief 1-02, inventarisnummer 168, 9 juli 1699 op 9 jul 1699 (getuigen: Clementia Hogendijk en Aristarchus Osij), wijnkoper te Rotterdam en lid van de fa. Joan Osy en ZN, bankiers agent voor buitenlandse vorsten, ovl. (ongeveer 73 jaar oud) in 1772, begr. te Rotterdam [zh] in de Grote kerk, 4½ uur beluijden, overledene liet na 5 meerderjarige kinderen, Wijnhaven op 27 nov 1772, tr. (1) met Maria Josepha de Bie, dr. van Leonard de Bie (groot-aalmoezenier te Antwerpen) en Therese de Nollet. Uit dit huwelijk 3 kinderen., tr. (resp. ongeveer 43 en ongeveer 37 jaar oud) (2) te Rotterdam [zh] Stadstrouw, Rotterdam, archief 1-01, inventarisnummer 1065, 23 april 1743 op 23 apr 1743.
>
Cornelia Petronella Giselina Osy
Cornelia Petronella Giselina (Cornelia Petronella G. Cornelius) Osy, ged. te Rotterdam [zh] statie Leeuwenstraat op 27 mei 1768 (getuigen: Johannes Baptist Cornelissen de Wijnsbroeck en Cornelia Petronella van Wevelinckhoven Cornelia Petronilla van Wevelinkhoven en Joan Baptist Cornelissen de Wijnsbroeck).
- Vader:
Cornelis Joseph Osy, zn. van Johannes Osy (wijnkoper te Rotterdam en lid van de fa. Joan Osy en ZN, bankiers) en Maria Josepha de Bie, geb. te Rotterdam [zh] in 1735, ovl. (ongeveer 78 jaar oud) te Antwerpen [b, België] op 15 jan 1814, otr. te Rotterdam [zh] op 26 jan 1765, tr. (resp. ongeveer 29 en 22 jaar oud) te Antwerpen [b, België] op 5 feb 1765 (1765).
tr. (resp. ongeveer 28 en ongeveer 31 jaar oud) te Bremen [dl] op 20 feb 1797
met
Carl Joseph de Vrintz von Treuenfeld ein kaiserlicher Postmeister in Bremen und Oberpostmeister für Thurn und Taxis in Frankfurt am Main, geb. te Bremen [dl] in 1765, ovl. (ongeveer 87 jaar oud) te Frankfurt a. Main op 24 aug 1852.
Uit dit huwelijk 2 zonen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Alexander | *1799 | Bremen [dl] | †1890 | Frankfurt (D) [d] | 91 | 1 | 1 |
| 2 | Maximiliaan | *1802 | | †1896 | | 94 | 2 | 3 |
>
Christoffel Rothé
Christoffel Rothé, ged. te Amsterdam [nl] Stadsarchief Amsterdam - DTB Dopen
DTB 158, p.29, Amsterdam, archief NL-SAA-908237 op 18 feb 1674, kassier en wisselaar op de Keizersgracht, begr. te Amsterdam [nl] in de Nieuwe Kerk op 5 nov 1725.
- Vader:
Christoffel Rothé geboren in het district Breslau, resident van de vorst van Koerland burger van Amsterdam in 1669, ovl. voor 27 mei 1698, tr.
otr. (resp. ongeveer 23 en ongeveer 31 jaar oud) te Amsterdam [nl] DTB 527, p.118/kerk op 13 apr 1697, tr.
met
Sara van Ludik, ged. te Amsterdam [nl] op 10 mrt 1666, begr. te Amsterdam [nl] op 8 jan 1738.
Uit dit huwelijk 3 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Cornelia | ~1697 | Amsterdam [nl] | | | | 0 | 0 |
| 2 | Sara | ~1699 | Amsterdam [nl] | †1751 | Halfweg [nh] | 52 | 1 | 0 |
| 3 | Christoffel | ~1701 | Amsterdam [nl] | | | | 0 | 0 |
>
Sara van Ludik
Sara van Ludik, ged. te Amsterdam [nl] op 10 mrt 1666, begr. te Amsterdam [nl] op 8 jan 1738.
otr. (resp. ongeveer 31 en ongeveer 23 jaar oud) te Amsterdam [nl] DTB 527, p.118/kerk op 13 apr 1697, tr.
met
Christoffel Rothé, zn. van Christoffel Rothé (resident van de vorst van Koerland) en Catharina Cornelia Nacke, ged. te Amsterdam [nl] Stadsarchief Amsterdam - DTB Dopen
DTB 158, p.29, Amsterdam, archief NL-SAA-908237 op 18 feb 1674, kassier en wisselaar op de Keizersgracht, begr. te Amsterdam [nl] in de Nieuwe Kerk op 5 nov 1725.
Uit dit huwelijk 3 kinderen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Cornelia | ~1697 | Amsterdam [nl] | | | | 0 | 0 |
| 2 | Sara | ~1699 | Amsterdam [nl] | †1751 | Halfweg [nh] | 52 | 1 | 0 |
| 3 | Christoffel | ~1701 | Amsterdam [nl] | | | | 0 | 0 |
>
Sara Rothé
Sara Rothé, ged. te Amsterdam [nl] Stadsarchief Amsterdam - DTB Dopen
DTB 46, p.486, Amsterdam, archief NL-SAA-908126 op 26 aug 1699, maakster van pronkpoppenhuizen, ovl. (ongeveer 52 jaar oud) te Halfweg [nh] op 9 sep 1751, begr. te Amsterdam [nl] in de Nieuwe Kerk.
Sara Rothé.
Sara Rothé groeide op aan de Keizersgracht in Amsterdam. Na de dood op jonge leeftijd van een ouder zusje en een jonger broertje was zij het enige kind in huis. Op haar 22ste trouwde zij met Jacobus Ploos van Amstel, een welgesteld koopman. Het echtpaar bewoonde een pand met koetshuis aan de Keizersgracht (tegenwoordig nr. 474), om de hoek van de Leidsegracht. De zomermaanden brachten ze door op hun buitenplaats ‘Klein Berkenrode’, vlak boven Haarlem, aan het Spaarne.
Waarschijnlijk begon Sara Rothé met het maken van poppenhuizen nadat zij er op een veiling in april 1743 voor ruim duizend gulden drie had gekocht. Het maken van poppenhuizen was vooral een liefhebberij van welgestelde vrouwen, want het inrichten met alle benodigde miniatuurvoorwerpen was een kostbare aangelegenheid. Zo is bekend dat een andere poppenhuismaakster, Petronella Oortman, aan het hare twintig- à dertigduizend gulden uitgaf (tegenwoordig in het Rijksmuseum, Amsterdam). Twee van de door Sara Rothé gekochte poppenhuizen waren van de hand van Cornelia van der Gon (1644-1701), al stonden ze op 2 april 1743 in de Amsterdamse Courant geadverteerd als ‘gemaakt onder het opzicht en bestiering van de konstschilder David van der Plaats’, Cornelia’s echtgenoot. Het derde was van onbekende herkomst, maar mogelijk van de hand van de vorige eigenares, Rachel van Dantsich.
Sara Rothé bezat al een aanzienlijke hoeveelheid zogeheten poppengoed (miniatuurvoorwerpen) toen zij de poppenhuizen kocht. Het is dan ook aannemelijk dat zij ze in de eerste plaats aanschafte om er haar eigen verzameling in onder te brengen. Ze ontmantelde de drie poppenhuizen en gebruikte onderdelen en voorwerpen in haar eigen huizen. Het eerste dat rond 1744 op deze manier tot stand kwam, was het in een wortelnoten kabinet ingebouwde poppenhuis dat tegenwoordig in het Haags Gemeentemuseum is te zien. Omdat Sara Rothé opschreef door wie ze wat liet maken, zijn van veel voorwerpen in dit poppenhuis de makers en leveranciers bekend: schilders, tingieters, zilversmeden, meubelmakers en ivoordraaiers van meer of minder bekende naam kwamen eraan te pas. Het nodige naai- en borduurwerk is waarschijnlijk van Sara zelf. In dit poppenhuis is onder meer de kraamkamer uit een van de poppenhuizen van Cornelia van der Gon ingebouwd.
In het tweede bewaard gebleven poppenhuis van Sara Rothé, nu in bezit van het Frans Hals Museum in Haarlem, is waarschijnlijk vooral het derde op de veiling gekochte poppenhuis verwerkt. Maar er zijn ook weer onderdelen – bijvoorbeeld het onderste voorhuis – uit de Van der Gon-huizen verwerkt. Het bevat verder ook een dokterskamer die opmerkelijk genoeg al sinds de achttiende eeuw bekend staat als de ‘kamer van astrologus Ludeman’. Johann Christophorus Ludeman (1683-1757) was een roemrucht astroloog en kwakzalver, die samen met zijn vriendin Britta Beyer (ca. 1682-1741) drankjes en zalfjes aan de man bracht. Mogelijk kreeg de kamer deze naam ter meerder vermaak van hen die het poppenhuis kwamen bezichtigen: er deden over Ludeman allerhande verhalen de ronde, die er dan bij verteld konden worden.
Het was Sara Rothé niet vergund lang plezier te hebben van haar poppenhuizen. Op 9 september 1751 was zij met haar man en twee nichtjes onderweg van Halfweg naar ‘Klein Berkenrode’, toen hun paarden op hol sloegen en met koets en al in de trekvaart terecht kwamen. Haar man Jacob Ploos van Amstel en de twee nichtjes konden worden gered, maar Sara Rothé verdronk. Vanwege haar corpulentie konden de redders haar niet op tijd uit de koets krijgen. Haar pronkpoppenhuizen zijn inmiddels uitgegroeid tot een belangrijk en visueel aantrekkelijk erfgoed, een trekpleister in de musea en voorwerp van studie, onderzoek en onderwijs.
Archivalia.
Stadsarchief Amsterdam: DTB.
Zie verder Van Eeghen. Het notitieboekje over het eerste poppenhuis wordt bewaard in het Haags Gemeentemuseum.
Literatuur.
H.C. Gallois, ‘Van een oud poppenhuis’, Mededeelingen van den Dienst voor Kunsten en Wetenschappen der Gemeente ’s-Gravenhage 5 (1925) 178-194 [bevat de volledige tekst van Sara Rothé’s notitieboekje t.b.v. haar eerste poppenhuis].
Jacob Bicker Raye, Notitie van het merkwaardigste meyn bekent, Fr. Beyerinck en M.G. de Boer ed. (Amsterdam 1935) 195-196.
I.H. van Eeghen, ‘De twee poppenhuizen van Sara Rothé, huisvrouw van Jacob Ploos van Amstel’, Maandblad Amstelodamum 40 (1953) 106-111.
Sara Ploos van Amstel-Rothé. Poppenhuis (Zwolle 1998) [uitgave i.s.m. het Frans Halsmuseum].
H.H. Pijzel-Dommisse, Het poppenhuis in het Haags Gemeentemuseum (Den Haag 1988).
H.H. Pijzel-Dommisse, Het Hollandse pronkpoppenhuis. Interieur en huishouden in de 17de en 18de eeuw (Zwolle 2000).
Illustratie.
Portret door Jurriaan Buttner, 1735 (coll. Frans Halsmuseum, Haarlem). Uit: Sara Ploos van Amstel-Rothé.
- Vader:
Christoffel Rothé, zn. van Christoffel Rothé (resident van de vorst van Koerland) en Catharina Cornelia Nacke, ged. te Amsterdam [nl] Stadsarchief Amsterdam - DTB Dopen
DTB 158, p.29, Amsterdam, archief NL-SAA-908237 op 18 feb 1674, kassier en wisselaar op de Keizersgracht, begr. te Amsterdam [nl] in de Nieuwe Kerk op 5 nov 1725, otr. (resp. ongeveer 23 en ongeveer 31 jaar oud) te Amsterdam [nl] DTB 527, p.118/kerk op 13 apr 1697, tr.
- Moeder:
Sara van Ludik, ged. te Amsterdam [nl] op 10 mrt 1666, begr. te Amsterdam [nl] op 8 jan 1738.
otr. te Amsterdam [nl] DTB 558, p.94/kerk op 31 jan 1721, tr. (resp. ongeveer 21 en 25 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 16 feb 1721, kerk.huw. in de Grote Kerk
met
Jacobus Ploos van Amstel poorter van Amsterdam dd. 20 jan. 1722, koopman, firmant Lohoff en gebr. Ploos van Amstel, zn. van Jacobus Ploos van Amstel en Margaretha van Tol, geb. te Amsterdam [nl] op 2 nov 1695, ovl. (ongeveer 64 jaar oud) te Amsterdam [nl] in 1760.
>
Christiaan Louis Rothé
Christiaan Louis Rothé de Jonge, ged. te Amsterdam [nl] op 5 mrt 1692.
- Vader:
Christiaan Louis Rothé, zn. van Christoffel Rothé (resident van de vorst van Koerland) en Catharina Cornelia Nacke, procureur te Amsterdam woonde in 1689 te Delft, otr. (2) te Amsterdam [nl] 14-09-1704 aantekening Noordwijk van Sinjuur Kristijaan Louis Rothe weduwenaar van Alida Rosenaar woonende tot Amsterdam met Juffr. Maria van Zeijl weduwe van Theodoor Eekhout woonende tot Noortwijck op 12 sep 1704, tr. te Amsterdam [nl] op 30 sep 1704 in 1736 maakt het echtpaar Rothë-van Zijl hun testament op te Leiden voor notaris Cornelis [Maartensz.] van Alphen met Maria Catharina van Zijl Zeijl. Uit dit huwelijk geen kinderen, otr. (1) te Delft [zh] op 19 mrt 1689 waarbij wordt opgemerkt: Oosteinde, voorheen Amsterdam zilversmit, tr. te Delft [zh] in de Nieuwe Kerk op 11 apr 1689.
- Moeder:
Aeltje Rosemans ten tijde van haar huwelijk wonende in de Pieterstraat te Delft.
otr. te Amsterdam [nl] op 22 apr 1717 DTB 553, p.325, tr. (resp. ongeveer 25 en ongeveer 30 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 11 mei 1717
met
Maria van Eeckhout, dr. van Theodorus van Eeckhout en Maria Catharina van Zijl, ged. te Amsterdam [nl] op 4 dec 1686.
Uit dit huwelijk 4 zonen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Christiaan | *1717 | Amsterdam [nl] | †1719 | Amsterdam [nl] | 2 | 0 | 0 |
| 2 | Theodorus | *1718 | Amsterdam [nl] | †1719 | Amsterdam [nl] | 0 | 0 | 0 |
| 3 | Christianus | ~1722 | Amsterdam [nl] | | | | 0 | 0 |
| 4 | Simon | *1723 | Amsterdam [nl] | | | | 1 | 0 |
>
Maria van Eeckhout
Maria van Eeckhout, ged. te Amsterdam [nl] op 4 dec 1686.
- Moeder:
Maria Catharina van Zijl Zeijl, dr. van Simon van Zijl en Margaretha van Veen, geb. vermoedelijk te Haarlem [nh], ovl. te Noordwijk [zh] boedelinventaris in ONA Noordwijk 6297/161 op 10 jan 1748 ONA Noordwijk 6296/40 dd 02-04-1742 testament Maria van Zijl, otr. (2) te Amsterdam [nl] 14-09-1704 aantekening Noordwijk van Sinjuur Kristijaan Louis Rothe weduwenaar van Alida Rosenaar woonende tot Amsterdam met Juffr. Maria van Zeijl weduwe van Theodoor Eekhout woonende tot Noortwijck op 12 sep 1704, tr. te Amsterdam [nl] op 30 sep 1704 in 1736 maakt het echtpaar Rothë-van Zijl hun testament op te Leiden voor notaris Cornelis [Maartensz.] van Alphen met Christiaan Louis Rothé. Uit dit huwelijk geen kinderen.
otr. te Amsterdam [nl] op 22 apr 1717 DTB 553, p.325, tr. (resp. ongeveer 30 en ongeveer 25 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 11 mei 1717
met
Christiaan Louis Rothé de Jonge, zn. van Christiaan Louis Rothé (procureur te Amsterdam) en Aeltje Rosemans, ged. te Amsterdam [nl] op 5 mrt 1692.
Uit dit huwelijk 4 zonen:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Christiaan | *1717 | Amsterdam [nl] | †1719 | Amsterdam [nl] | 2 | 0 | 0 |
| 2 | Theodorus | *1718 | Amsterdam [nl] | †1719 | Amsterdam [nl] | 0 | 0 | 0 |
| 3 | Christianus | ~1722 | Amsterdam [nl] | | | | 0 | 0 |
| 4 | Simon | *1723 | Amsterdam [nl] | | | | 1 | 0 |
>
Simon Barchman Wuytiers
Simon Barchman Wuytiers, geb. te Emden Nedersaksen op 10 mei 1592, ovl. (72 jaar oud) te Amsterdam [nl] op 14 aug 1664.
tr. (resp. 31 en 23 jaar oud) te Haarlem [nh] op 27 jan 1624
met
Margaretha van Ackeren, geb. te Kortrijk [België] op 5 jul 1600, ovl. (56 jaar oud) te Amsterdam [nl], begr. te Amsterdam [nl] NK op 28 jan 1657.
Uit dit huwelijk een zoon:
| | naam | geb. | plaats | ovl. | plaats | oud | relatie | kinderen |
| 1 | Cornelis | *1627 | Hamburg | †1681 | Amsterdam [nl] | 54 | 1 | 5 |
>